Onderwijsakkoord

Nu het akkoord voor de hervorming van het secundair onderwijs voorligt, moest het Vlaams Parlement daar nog zijn zeg over doen. Zeker is dat het Vlaamse onderwijs altijd al het beste ter wereld is geweest en dat het daarom alleen nog maar beter kan worden. Helaas bestaan daarover uiteenlopende visies. Al bij al lijkt men nog weinig te hebben geknoeid met dat veelbesproken onderwijs – volgens Chris Janssens (VB) heeft zelfs “de berg een muis gebaard”, wat we geheel voor zijn rekening laten – zodat wellicht de grootste rampen zijn vermeden.

Een vervelend neveneffect van onderwijsdebatten is dat ze Elisabeth Meuleman (Groen) oproepen. Aan de hervorming deugt volgens haar niets: de vroege studiekeuze blijft gehandhaafd, het watervalsysteem is niet aangepakt, de ‘domeinscholen’ komen te weinig uit de verf en het aso blijft te sterk. Nog erger is dat de ‘segregatie’ van kindjes niet wordt tegengegaan en dat een ‘sociale mix’ en ‘gelijke kansen’ helemaal naar de Filistijnen worden gebracht.

Staatspedagogie

Koen Daniëls (N-VA) merkte op dat Meuleman kennelijk een soort staatspedagogie nastreeft. Dat is niet waar, want Meuleman heeft zoals iedereen het grootste vertrouwen in ‘het veld’. Op voorwaarde natuurlijk dat dat veld netjes doet wat opgelegd wordt. Kent Meuleman tenminste het dossier van a tot z, op het pietepeuterige af, dan ging Caroline Gennez (sp.a) er met de vuile voeten en grofgebekt doorheen. Zo konden we vernemen dat de N-VA zich bezondigt aan “elitaire waanzin”.

Bijzonder boeiend was het steeds terugkerende gedoe over aso, tso en bso en de (niet)-waardering of interpretatie van de (niet)-waardering daarvan en hoe dat idealiter (al naargelang de opvatting) zou moeten worden aangepakt. Een verhaal dat al enkele decennia meegaat, net als de meeste onderwijsdingen.

Oosterweel

Aangezien men toch aan het debatteren was, kon een praatmoment over het Oosterweeldossier er ook wel van af. Dat dossier is, nu weer door toedoen van de Raad van State, juridisch aan het verzanden. Net als in het onderwijsdebat is ook hier het water tussen de zienswijzen nogal diep. Dat bleek onder meer uit de meningsverschillen tussen Yasmine Kherbache (sp.a) en Annick de Ridder (N-VA). Kherbache zag graag nog veel meer overleg (we zullen maar geen ander woord gebruiken) met actiegroepen en dergelijke en De Ridder vond het stilaan tijd om eens aan de slag te gaan. Wouter van Besien (Groen) vond dat het dossier nu helemaal is ingestort en had het idee om er maar eens een volksraadpleging over te houden. Hoe langer het allemaal aansleept, hoe groter de ramp zal worden en er staan geen kleine (economische) belangen op het spel, iets waarop met name De Ridder hamerde. De controverse is er niet minder om. Boze Annick doet niets anders dan de Oosterweelsceptici ‘diaboliseren’, en Kherbache en Van Besien zijn de “doodgravers van de Vlaamse werkgelegenheid en economie”.

Het bekende motto van het eindelijk in de grond steken van de spade (‘schup’ in het onnavolgbare Koepelzaaljargon) dook alweer op. Het ziet er echter niet naar uit dat die spade vlug zal kunnen worden bovengehaald. Een kat vindt haar jongen niet meer terug in dit dossier. Straks komt er misschien een voorstel om de Schelde te dempen en er een stoomtram over te laten rijden. Voorlopig blijft alles wat minder mobiel.