De komst van topslager Dierendonck staat in schril contrast met de globale toestand waarin Brussel verkeert. Men kan zich verlekkeren aan het vooruitzicht op de prima producten die hij aanbiedt, maar de hamvraag moet zijn: zal de grauwe Brusselse realiteit het welslagen van dit project hypothekeren?

Natuurlijk, een zwaluw maakt de lente niet, maar zie, één vogeltje kan beslist bijdragen om van Brussel een betere plek te maken. De komst van Slagerij Dierendonck in de Sint-Katelijnestraat is zonder twijfel een spreekwoordelijke zwaluw. In West-Vlaanderen is de zaak een heus begrip; een naam die gelijkstaat met topkwaliteit. Eind vorige week opende ‘Atelier Dierendonck’ in hartje Brussel een “ambachtelijke, ouderwetse slagerij”, legt zaakvoerder Hendrik Dierendonck uit. Zelf zal hij de komende weken elke dag in de Brusselse vestiging toeven, waarna de zaak overgelaten wordt aan een team dat opgeleid werd in de zaak in Koksijde, plaats waar het voor zijn vader destijds allemaal begon.

We kunnen enkel hopen dat het project tot een succes kan uitgroeien. Enig scepticisme, wat nog iets anders is dan regelrecht doemdenken, is zeker gerechtvaardigd. Want aan de kwaliteit die Dierendonck aanbiedt, hangt een prijskaartje, wat betekent dat slechts een bepaald publiek potentieel klant zal worden. De naam van de Dansaertwijk is dan al wat hij is, de omvang van de kolonie bobo’s mag niet overschat worden. Laten we maar hopen dat de meesten nog niet de stap naar het vegetarisme/veganisme gezet hebben. En dat voldoende klanten van elders hun weg vinden naar dit plekje West-Vlaanderen in de hoofdstad. (Waar is de tijd dat West-Vlaming en Brusselse slager haast synoniemen waren?)

Emigratie

Het openen van Dierendonck viel nagenoeg samen met het bekendmaken van recente cijfers over de demografie in Brussel. Er was vrijwel op dezelfde dag een spraakmakende RTBF-reportage, waarin openlijk de vraag gesteld werd of men Brussel ‘dan maar de rug moet toekeren’. Eensluidend was het antwoord niet. Tegenover enkele voorbeelden van expats die het er erg naar hun zin hebben, staan autochtone Brusselaars voor wie het allemaal te veel is geworden. Verschillende oorzaken worden opgesomd, de klassiekers zeg maar. Mobiliteitsproblemen, vastgoedprijzen, onderwijs… en onveiligheid, al bleef dat mooi in de schaduw, RTBF oblige!

Somber plaatje

Enkele markante cijfers schetsen het plaatje. Elke drie jaar komt er in Brussel een bevolking bij vergelijkbaar met een stad als Leuven, wat een enorme druk op de stad plaatst. Toch zijn er 10.000 gezinnen die elk jaar de stad de rug toekeren: een exodus bij de middenklasse. En dan zijn er de files, goed voor een geschatte economische kost van 511 miljoen euro. Eén vijfde van de Brusselse bevolking verlaat het onderwijs zonder diploma, en in de categorie 15 tot 24 jaar is één derde werkloos. En dan werden de armoede-indicatoren nog niet aangesneden.

Het initiatief van Dierendonck tegen deze achtergrond bekijken, voedt inderdaad enig scepticisme. Aan ons zal het echter niet liggen. Eind deze week lopen we er beslist eens met ons boodschappenlijstje binnen.

KNIN