De laatste dagen is een hoogst merkwaardig verhaal opgedoken. Winston Churchill had in 1939, afgezien van nazi-Duitsland, nog andere katjes te geselen. De oorlogspremier boog zich – in de weken voor het Britse Rijk de oorlog verklaarde aan Adolf Hitler – over de begeesterende vraag of er buitenaards leven bestaat.

We leven in een tijd waarin iedereen in de ban lijkt ze zijn van ‘fake news’. Blijkbaar teisteren (zogenaamde) valse nieuwsberichten de media, met name het internet. De waarheid wordt lichtelijk verdraaid dan wel geheel aangepast. Klassieke media wijzen graag met een belerend vingertje naar rechtse mediablogs, zoals het Amerikaanse ‘Breitbart’. Ook de Russen zijn kop van Jut. Zo wordt het degelijke economische magazine ‘Zerohedge’ door kwatongen gelinkt aan het Kremlin. Dat de bestrijders van (zogenaamde) valse nieuwsberichten al te vaak in de zak van miljardair George Soros blijken te zitten en er allesbehalve een objectieve kijk op nahouden, wordt vaak verdoezeld. Afijn, om maar te zeggen: oplettendheid is vandaag geboden wanneer u het nieuws uitspit.

Sinds een weekje doolt op het internet een vreemd verhaal rond over Winston Churchill, de Britse Prime Minister tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij geniet nog steeds een heldenstatus op het eiland. Een regen aan overbodige brandbommen op Dresden heeft daar niets aan veranderd, integendeel. Lachen met Churchill is in het Verenigd Koninkrijk nog steeds een gotspe. Er zijn – ondanks de populariteit van het ‘fake news’ – dan ook weinig redenen om aan te nemen dat het gedoe over Churchill en zijn marsmannetjes een broodje-aapverhaal blijkt te zijn.

Admiraal ziet ze vliegen

Waarover gaat het precies? Op 16 oktober 1939 overhandigt Winston Churchill aan een uitgeverij het manuscript van een essay. In 1939 bekleedt Churchill een rol in het Britse (oorlogs)kabinet. Voor hij Prime Minister wordt, in 1940, is hij als ‘First Lord of the Admiralty’ de grote baas van de Britse marine. Kennelijk had Churchill, ondanks de oorlogsdreiging, genoeg vrije tijd over om zich te buigen over ‘extraterrestrials’, oftewel buitenaardse wezens. De eerste versie van het opstel is getiteld: ‘Zijn we alleen in de ruimte?’ Later, in de jaren vijftig, zal de politicus het essay lichtjes aanpassen. Het krijgt dan de titel: ‘Zijn we alleen in het universum?’

Uiteindelijk wordt het manuscript nooit uitgegeven. In de jaren tachtig, lang na het overlijden van Churchill, komt de tekstbundel terecht bij het Amerikaanse Nationale Churchill Museum. Kennelijk belandde het essay in de onderste lade van een bureau. Vorig jaar stuitte de nieuwe directeur van dat museum op het manuscript. Aangezien ‘Zijn we alleen in het universum?’ nu pas onder de aandacht komt, is het te vroeg om het werk op zijn pure academische waarde te beoordelen. Dat gebeurt ongetwijfeld binnenkort, nadat een rist natuurwetenschappers zich over de tekst gebogen heeft.

Neerslachtige houding

De enkelingen die het manuscript al konden inkijken, stellen vast dat Winston Churchill wel degelijk geloofde in een vorm van buitenaards leven. Het universum is simpelweg zodanig groot dat het voor Churchill – en voor veel andere mensen op aarde – ondenkbaar was dat ‘wij’ hier als enigen zouden rondlopen. Via een proces van abductie kwam Churchill tot de vaststelling dat er elders vormen van cellen en organismen te vinden moeten zijn, omdat op sommige planeten eveneens water voorkomt. Water is, stelde de Prime Minister, dé weg richting iedere levensvorm.

Het conservatieve en tamelijk pessimistische wereldbeeld van Churchill droeg zeker bij aan zijn standpunt: “Ik ben niet afdoende overtuigd van het feit dat ‘mijn’ zon de enige is met een groep planeten (…) ik ben niet afdoende onder de indruk van het succes dat de mensheid op aarde boekt, om aan te nemen dat wij het enige leven zouden zijn in het immense universum of dat wij het hoogste type van verstandelijke en lichamelijke wezens zijn in tijd en ruimte.”

Luchtmacht ziet vliegende schotel

Ondanks zijn neerslachtige houding over de mensheid en haar beperkingen, beschreef Churchill in 1939 toch een mogelijke ontwikkeling. In een bepaalde passage stelt hij dat het een kwestie van tijd is vooraleer de mens naar de maan zal kunnen trekken, om vervolgens expedities richting Mars te ondernemen. Merk op dat de eerste maanlanding pas plaatsvond in 1969, na Churchills overlijden. Evenmin kon Churchill voorzien dat ondernemers als Elon Musk anno 2017 een trip richting Mars plannen.

Dat het Churchill menens was, blijkt niet enkel uit het manuscript dat nu boven komt drijven. In 2010 bleek al dat Churchill als Prime Minister opdracht gaf om een verhaal rond een (mogelijke) vliegende schotel toe te dekken. Op aangeven van de grote politieke leider werd vijftig jaar lang met geen woord gerept over wat piloten van de Koninklijke Luchtmacht (Royal Air Force) in 1957 beweerden te zien, namelijk een UFO. Churchill vreesde een angstpsychose onder zijn bevolking en verbood de RAF nog langer erover te berichten.

LvS