De “Mercato” deze winter is definitief afgelopen. Op het laatste moment haalde Anderlecht Adrien Trebel in huis. Een interessant gegeven, maar toch niet om onmiddellijk naar huis te rennen om het goede nieuws te melden.

Voor de rest waren de aankopen weinig inspirerend. Geen Europese hoogvliegers meer op onze velden. Het is een utopie te denken dat wij nog over de middelen beschikken om te kunnen wedijveren met de grote jongens. Vroeger hadden we ook beperktere middelen, maar er bestond een ander wondermiddel om buitenlandse toppers naar hier te lokken.

De enveloppe na de match was een zaligmakend hulpmiddel. Vooral onze noorderburen konden dat parallelle circuit enorm waarderen. Op regelmatige tijdstippen gingen we langs bij onze voorzitter (Mijnheer Constant) om ons tweede deel van het salaris te gaan ontvangen.

De overhandiging van de “bruine envelop” ging steeds gepaard met hetzelfde ritueel. De voorzitter liet ons steeds een halfuur wachten, alvorens ons te ontvangen. Toen we ons kwalificeerden voor de Europese finale tegen West Ham op de Heysel, was het bedrag dat aanvankelijk in de vermelde omslag zou belanden veel te gering volgens onze “Hollanders”. Daar ik kapitein van de ploeg was, werd ik gevraagd langs te gaan bij de brouwerij “Belle-Vue”. Toen ik, na een halfuur wachten, het impressionante bureau van de voorzitter mocht binnengaan, viel hij meteen met de deur in huis. “Zijt ge gestuurd door de kezen?! Voor geld zeker…?” Toen heb ik waarschijnlijk de verkeerde woorden gebruikt: “De Hollanders willen…” Hij liet mij niet uitspreken! “Weet ge wat ze mogen willen… mijn camions kuisen! Vertel maar dat ik ze niet meer betaal. Dat ze me maar voor de rechter trekken! Dat proces zullen ze winnen, over 7 jaar.”

Bookmakers

Voor ik wegging, zei ik nog: “Ah ja, president, voor ik het vergeet, ik ben een paar dagen geleden benaderd door bookmakers. Zij hebben mij gevraagd de match tegen West Ham te verkopen. Maar zijt gerust, voorzitter, ik heb geweigerd.” Het was nog de waarheid ook… “Ik kan natuurlijk niet instaan voor de “kezen” als zij het bedrag op het briefje willen lezen… 1.400.000 BEF!” Dat was de eerste en laatste keer dat ik Constant vanden Stock krijtwit zag worden. Voor de winstpremie is hij na die kleine interventie bijgedraaid, wat uiterst uitzonderlijk was. Een speler als Robby Rensenbrink zou nooit in België zijn beland zonder het geheim van de bruine envelop. Ik vroeg eens, in de kleedkamer, waarom Robby geen gebruik maakte van de bruine omslag, maar zich met twee grote valiezen ging aanbieden. Die koffers waren zo groot dat hij bijna niet door de achterdeur geraakte. Voor de meesten onder ons paste de bruine omslag perfect in ons kleine aktetasje. Toen ik polste wat er allemaal in die valiezen zat, antwoordde hij: “Een paar spulletjes…” Maar de valiezen en enveloppen werden veel minder populair toen onderzoeksrechter Bellemans op zoek ging naar onze voorliefde voor de bruine omslag. Wij hadden het geluk dat Anderlecht de aangerekende boete met een witte enveloppe wou betalen. De spelers van Standard hadden minder geluk, toen zij hun oude valiezen moesten leegmaken om de boetes aan te zuiveren. Wat ben ik blij dat ik steeds een halfuur bij de voorzitter moest wachten. 🙂 Bedankt, president.

Gille Van Binst