Nog altijd denken veel mensen verkeerdelijk dat de torpedering van de Lusitania de reden was dat de Amerikanen zich 100 jaar geleden in de Eerste Wereldoorlog stortten. Na de Titanic is de Lusitania waarschijnlijk de bekendste scheepsramp.

Een drijvend maar vuil paleis

De Lusitania was het vlaggenschip van de Britse rederij Cunard: een drijvend paleis van 32.000 bruto registerton met een lengte van 240 meter, een breedte van 26 meter en 2.000 mensen aan boord (onder hen 1.265 passagiers). Een varende milieuramp: aangemeerd verbruikte het schip 140.000 kilo kolen per dag. Varend voedden 300 mannen het schip dagelijks met 1.000.000 kilo kolen (neen, er staan geen 3 nullen te veel). Poetsen was een dagelijkse obsessie, want kolenstof drong overal door, zelfs in de luxehutten. Dat stof was daarenboven explosief. Ieder bemanningslid dat lucifers bij zich had, werd gestraft. Reusachtige turbines zorgden ervoor dat het schip alle snelheidsrecords brak en afklokte met een gemiddelde snelheid van bijna 26 knopen (48 km per uur). Die snelheid was het belangrijkste wapen van de Lusitania tegen de dreiging van de Duitse onderzeeërs, die op topsnelheid en gedurende korte tijd maar 28 km per uur haalden en daarenboven maar 80 zeemijl traag onder water konden varen, want anders was er geen zuurstof meer aan boord. Sinds februari 1915 torpedeerden ze niet alleen marineschepen; ze vuurden nu ook zonder verwittiging op handelsschepen die onder Britse of geallieerde vlag voeren in de wateren rond de Britse eilanden. Menig Brits schip hees een valse vlag van een neutraal land en het hing van de Duitse kapitein af of die in die list trapte. Soms lukte het, soms niet. Soms werd een echt neutraal schip getorpedeerd. Feitelijk kwam het erop neer (en de Duitsers wisten het) dat een jonge onderzeebootkapitein een “licence to kill” bezat en met een foute beslissing een zeer zwaar incident kon uitlokken. De Lusitania voer daarom zonder vlag, al had dat weinig zin, want het schip was veel te bekend.

Fatale vertraging

Op zaterdag 1 mei 1915 was het schip klaar voor de overtocht van New York naar Liverpool. De passagiers (Britten en Canadezen, maar ook 139 Amerikanen) waren wat zenuwachtig, want de Duitse ambassade plaatste een paar weken eerder advertenties in Amerikaanse kranten die wezen op het gevaar dat de Lusitania liep. Maar ze dachten dat er nog een groot verschil was tussen vrachtschepen en hun reusachtige passagiersschip. Natuurlijk vervoerde de Lusitania ook veel vracht. Lange tijd ontkenden de Britten dat ook een enorme hoeveelheid geweerkogels en artilleriegranaten (zonder ontstekers) aan boord waren, maar dat wist de Duitse onderzeebootkapitein niet en het speelde geen rol in zijn beslissing. Er was wat vertraging bij het vertrek en die paar uur zouden later fataal blijken. Daarenboven had Cunard gevraagd één van de turbines uit te schakelen om het steenkolenverbruik te verminderen. De topsnelheid van het schip verminderde tot 21 knopen per uur, wat nog altijd vlug genoeg leek. Weinig passagiers merkten dat slechts drie van de vier enorme schouwen stoom uitstootte. Extra geruststellend was dat het schip in de internationale wateren verscheidene keren Britse oorlogsschepen ontmoette. Vele passagiers dachten daarom dat ze op hun reis vergezeld werden door torpedobootjagers die iedere Duitse onderzeeër naar de bodem van de zee konden jagen. Op de oceaan liep de Lusitania zelfs met zijn verminderde snelheid weinig gevaar, want te ver voor de onderzeeërs. Dat veranderde zodra het schip de Ierse kust naderde. Onderzeeërs moesten naar de oppervlakte om hun torpedo’s af te vuren, dus raadde de rederij haar kapiteins aan een zigzagkoers te volgen of de onderzeeër te rammen als die onverwachts voor de boeg verscheen. De Britse Navy bezat nog een geheim wapen: Kamer 40 (een voorganger van het bekende Bletchley Park in de Tweede Wereldoorlog), dat de Duitse marinecodes kende en de communicatie tussen onderzeeërs en hun thuisbasis kon onderscheppen. Typisch was dat die informatie diende om oorlogsschepen te beschermen maar weinig of niet gebruikt werd om de veel grotere handelsvloot exact in te lichten, zodat de Duitsers niet wisten dat hun code gebroken was. Nog altijd zijn er vermoedens dat de minister van Marine, Winston Churchill, weinig problemen had met de torpedering van neutrale of Britse schepen met passagiers uit neutrale landen (liefst Amerikanen), in de hoop op een oorlogsverklaring van de VS aan Duitsland.

Complot of bureaucratie?

De Lusitania zou dan het slachtoffer van een Brits complot zijn. Andere en waarschijnlijker redenen zijn Engels amateurisme, Navy-egoïsme en bureaucratie. Op donderdag 6 mei slaagde onderzeeër U20 erin ten zuiden van Ierland twee Britse vrachtschepen te torpederen. De volgende dag koerste de U20 naar huis. Op dat moment naderde de Lusitania Ierland (toen nog Brits) en moest wegens de dichte mist vaart minderen. Torpedobootjagers die het schip in die gevaarlijke wateren konden begeleiden, waren uitgevaren om een kruiser te beschermen die op weg was naar het noorden. Liverpool kon men bereiken op twee manieren; via het noorden of via het zuiden van Ierland. De Lusitania koos de gewone en brede zuidelijke route. De rederij wilde het anders, want in de smalle noordelijke toegang verschenen zelden onderzeeërs wegens te gevaarlijk. Maar ten gevolge van de oorlog was ieder Brits schip ondergeschikt aan de Navy. De reder mocht niet rechtstreeks schepen contacteren, hoewel hij wist dat één dag voordien vrachtschepen gekelderd waren. De Lusitania kreeg van de Navy alleen de mededeling goed uit te kijken, maar niet dat er een onderzeeër exact op zijn route lag. Na het optrekken van de mist voer de Lusitania verder tegen verminderde snelheid om niet te vroeg Liverpool te bereiken. Wegens een beruchte zandbank moest men altijd met vloed binnenvaren. Tegen de normale snelheid moest de Lusitania dan uren wachten en ronddobberen in de Ierse Zee met misschien een onderzeeër in de buurt. Puur per toeval kruisten de U20 en de Lusitania elkaar. De Duitser herkende meteen het passagierschip, aarzelde geen seconde, kwam naar de oppervlakte en torpedeerde midscheeps. Binnen achttien minuten zonk het schip, omdat die éne torpedo de langscheepse kolenbunkers trof wat een fatale slagzij veroorzaakte. Slechts een paar reddingsboten werden uitgezet, want ervaren zeelui dienden verplicht in de Navy zodat andere schepen dikwijls een onervaren bemanning bezaten. 1.200 mensen stierven, meestal door verdrinking of verstikking.

Geen reden voor oorlog

Duitsland vierde de torpedering als een triomf, tot duidelijk werd dat die overwinning in de neutrale landen geen publicrelationssucces was. Vervolgens kwam het bevel voortaan passagiersschepen met rust te laten. Bij de doden waren 128 Amerikanen, maar de Amerikaanse president Wilson hield het hoofd koel en weigerde zijn land in een oorlog te storten. Aan Britse zijde zocht Churchill een zondebok en hij vond die in de kapitein van de Lusitania. Hoewel die tot het laatst op de brug van zijn schip stond, overleefde hij de ramp. Het lukte de Navy niet hem de schuld in de schoenen te schuiven, maar ook vandaag zijn de rapporten van Kamer 40 nog altijd geheim. Een jaar later voer de Duitse onderzeebootkapitein recht in een Brits mijnenveld en zijn onderzeeër verging met man en muis. Eerst in april 1917, toen de duikboten ieder (ook neutraal) schip mochten torpederen, verklaarden de VS de oorlog aan Duitsland.

Jan Neckers