Graaicultuur: ook in Brussel

Ook in Brussel beginnen de deksels stilaan van de stinkende graaipotjes te vallen. Zo raakte bekend dat de vier leden van het directiecomité van de Gewestelijke Investeringsmaatschappij voor Brussel (GIMB) onder elkaar ruim 1 miljoen euro aan brutolonen verdelen. En daarbovenop krijgen ze verschillende voordelen.

Etienne-Jean Noël, de adjunct-directeur van de GIMB, die daarvoor jaarlijks 214.000 euro opstrijkt, is ook liberaal schepen in Schaarbeek. Eddy van Gelder, algemeen-directeur van de GIMB en die zowat een kwart miljoen euro per jaar in de zak steekt, is daarnaast ook voorzitter van de raad van bestuur van de VUB. Serge Vilain, die als voorzitter van de GIMB maar liefst 292.000 euro per jaar binnenrijft, is dan weer de gewezen kabinetschef van Molenbeeks PS-boegbeeld Philippe Moureaux. Naast zijn functie in de GIMB heeft Vilain blijkbaar nog tijd om twintig andere mandaten te bekleden. Tot slot is er Open Vld’er Jean-Luc Vanraes, die bij de GIMB eveneens een kwart miljoen euro per jaar verdient en die ook OCMW-voorzitter van Ukkel is – een functie die jaarlijks 80.000 euro oplevert.

Harde werkers

Vanraes was er als de kippen bij om in de pers zijn riante verloning goed te praten. “Ja, ik verdien goed mijn geld, maar ik werk daar hard voor”, liet hij optekenen. En verder wist hij, net als Siegfried Bracke, niet precies hoeveel hij nu eigenlijk verdient aan al zijn mandaten. Blijkbaar weten enkel mensen die het financieel niet breed hebben precies hoeveel ze verdienen.

Maar goed, Vanraes werkt dus hard voor zijn meer dan 300.000 euro per jaar. Daarmee verdient hij dik tienmaal zoveel als een bediende, arbeider of verpleegster (Vanraes is ook nog eens voorzitter van het bestuurscollege van het UZ Brussel). Zou de goede man ook tienmaal harder werken, dus dagdiensten van 80 tot 90 uur draaien? Waarschijnlijk niet. Zou de goede man dat aan zijn overwerkt personeel in het UZ durven vertellen, dat hij tienmaal zoveel verdient omdat hij toch zo’n harde werker is?

Intussen wordt in dit land bespaard op zowat alles. Kazernes van de Civiele Bescherming moeten sluiten, thuisverpleegkundigen moeten met de chronometer in de hand bandwerk verrichten; scholen, politie en brandweer kreunen onder het gebrek aan personeel. Kinderen zitten hele dagen in containers omdat er geen geld is om schoolgebouwen bij te bouwen. Lonen en kindergeld worden niet geïndexeerd. Maar 300.000 euro per jaar opstrijken, dat is geen bezwaar, want Vanraes en consorten vergaderen toch zo hard.

Bij dit alles kan een mens zich enkel afvragen wat het ergste is: dat er schaamteloos gegraaid wordt, of dat dit schaamteloos graaien ook nog eens wordt goedgepraat?

Rubberkorrels

Paniek op de wei. Geen loslopende koeien of schapen, maar rubberkorrels bezorgen enkele Limburgse burgemeesters paniekaanvallen. “We nemen geen enkel risico met de gezondheid van de kinderen.” De krant Het Belang van Limburg voerde samen met de UHasselt een groot onderzoek uit naar toxische stoffen in rubberkorrels waarmee de meeste kunstgrasvelden zijn vervaardigd. Alain Yzermans (sp.a), burgemeester van Houthalen-Helchteren, en de Hasseltse schepen Habib El Ouakili (sp.a) gaan het spelen op dergelijke kunstgrasvelden onmiddellijk laten verbieden, en ze willen de betrokken clubs helpen. De resultaten van het onderzoek werden doorgestuurd naar het Agentschap Zorg en Gezondheid van het Vlaams Instituut voor Zorgbeheer en Recreatiebeleid.

Geweld op de bus

In Heusden-Zolder hebben enkele scholieren een buschauffeur van De Lijn zwaar toegetakeld. Het zoveelste incident in een lange rij. “Onze chauffeurs worden op deze lijn al jaren uitgescholden en bespuwd. En nu is er deze zware agressie. Dit moet stoppen”, reageerde François Reynders van De Valk, onderaannemer van De Lijn. De betrokken scholieren werden door het Technisch Instituut Don Bosco Helchteren onmiddellijk preventief geschorst. De scholieren die ooggetuigen waren van de agressie vertelden een ander verhaal; ze zeiden dat “de chauffeur eerst had geduwd”. “De chauffeur had zelfs de eerste vuistslag uitgedeeld.” De jongeren ontkenden dat zij de chauffeurs op Lijn 34 dagelijks het leven zuur maken. “Wij zijn ‘s ochtends allemaal nog moe, dan willen we gewoon wat slapen of muziek luisteren.” Sonja Loos, woordvoerster van De Lijn, wenste niet te reageren op de versie van de jongeren.

2017-11_06_Maarten-Erdogan_show (Medium)Turkse vijfde colonne

Extreme Turkse (staats)nationalisten hielden een meeting in Gent. Nota bene in een zaal van de stad Gent. Een wakkere journalist bracht het verhaal uit (Turkse referendumkoorts waait nu ook over naar Gent, De Gentenaar 13 maart). De foto’s op Belgisch-Turkse webstekken laten niets aan de verbeelding over. In de zaal prijkt de blauwe vlag van de Grijze Wolven en op een spandoek staat het portret van “de leider”, Alparslan Türkeş, oprichter van de partij MHP. De aanwezigen brengen met gestrekte armen het wolventeken.

De Gentse burgemeester viel uit de lucht. Ook de politie wist blijkbaar van niets, en dat mag gerust beschouwd worden als zéér verontrustend. De zaal is de ondergrondse “minus one”, zowat de duurste fuifzaal van het land, bestemd voor culturele initiatieven van jongeren. Politieke activiteiten zijn er niet toegelaten. De aanvraag werd ingediend door twee Turkse jeugdhuizen, allebei gesteund door de stad. Kortom, die meeting “voor een ja-stem op het referendum” (het referendum in Turkije uiteraard) gebruikte volop de steun die de Gentse stadsbestuurders al jaren aan allochtone verenigingen geeft. Steun die in theorie moet bijdragen aan “integratie en emancipatie”, maar die in werkelijkheid geleid heeft tot een aparte Turkse “stad in de stad”. Men leze: een steeds assertiever wordende vijfde colonne van extreme Turkse signatuur.

Het stadsbestuur knijpt niet één oog, maar beide ogen dicht voor wat er gebeurt. De burgemeester smeekt om “instructies” van minister Jambon om te weten of hij Turkse politieke activiteiten moet verbieden of niet. Zo moet hij zelf geen moeilijke beslissingen nemen en hoopt hij de Turkse achterban van de sp.a te sussen.

Komt Erdogan naar Gent?

Heel wat Gentse Turken zijn aanhangers van Erdogan en zijn regime. Bewijs daarvan was de betoging vorig jaar “tegen terreur” (versta, tegen de PKK). Honderden deelnemers trokken luid scanderend, getooid in Turkse vlaggen, hun handen uitdagend opgestoken in het grijzewolvengebaar en vol zelfvertrouwen door het stadscentrum. Enkele allochtone gemeenteraadsleden stapten mee op. Dit jaar in januari was er de “fototentoonstelling” over de couppoging in Turkije, zogezegd een cultureel evenement georganiseerd door achttien Turkse verenigingen. Ze kregen twee dagen de stadshal voor wat een extreem pro-Erdogan-gebeuren bleek te zijn.

Er werd een brochure uitgedeeld: ‘Tien vragen over de couppoging van 15 juli en de Fetullah Terrorist Organisation’, een uitgave van de Turkse staat. De titel alleen al spreekt boekdelen. Termont kwam kijken en nam een brochure in ontvangst. Voor hem valt dit allemaal onder “het democratisch recht van vrije meningsuiting”. Dit soort manifestaties, die flirten met de grens van aanzetten tot geweld, is één zaak. Dat leden van het stadsbestuur er een acte de présence gaan brengen, daar zouden wij wel wat uitleg over willen horen. De kans bestaat dat president Erdogan in Flanders Expo komt speechen. Ook dat zal Termont niet beletten. Hij vindt dit een privézaak, tussen de zaal en de organisatoren.

Daarmee houdt hij voorlopig de Turkse achterban van de sp.a in Gent tevreden. Met ons slecht karakter vragen wij ons af hoelang dat nog zal lukken. De Turkse relschoppers in Rotterdam hadden net zo goed in Gent kunnen relschoppen.