Vlaams minister van Begroting Bart Tommelein wil de erfbelasting hervormen. Lees: verlagen. Dat dreigt wel een gat van meer dan 700 miljoen te slaan in de Vlaamse begroting. Vraag is of een duurzaam Vlaams begrotingsoverschot nog haalbaar is. Zeker nu meer en meer duidelijk wordt dat Vlaanderen voor een belangrijk deel de zesde staatshervorming moet betalen.

Het is één van die vele belastingen die als een grove onrechtvaardigheid worden beschouwd: de erfbelasting of de successierechten. Het wordt wel eens een belasting op verdriet genoemd. Wie erft van de partner of van de ouders heeft niet veel te klagen: de erfbelasting bedraagt 6 of 7 procent. Een vermogensbelasting nota bene, want het gaat om een taks op activa waar vroeger al belastingen op betaald werden.

1,3 miljard per jaar

Het grote probleem of de grote frustratie situeert zich elders: bij wie erft van broer, zus, oom, neef, nicht of van iemand die geen familie is. Dan bedraagt de erfbelasting al snel 50 procent. Tussen niet-familieleden gebeurt het zelfs dat twee derde van het geërfde bedrag naar de staatskas vloeit. Onrechtvaardig, vindt Vlaams minister van Begroting Bart Tommelein (Open Vld). Hij wil die belasting hervormen. Bedoeling is de tarieven te verlagen, maar dat is dan weer een probleem voor de Vlaamse schatkist. De erfbelastingen brengen jaarlijks 1,3 miljard euro op. 720 miljoen euro daarvan is te danken aan erfenissen van ‘verre erfgenamen’. Indien de tarieven bijvoorbeeld gelijkgeschakeld worden met die van zeer dichte verwanten, zou dit honderden miljoenen aan de Vlaamse staatskas kosten. Tommelein wil die minderinkomsten compenseren door een fiscale regularisatie op Vlaams niveau: zwart geld wordt gewit en daar wordt een kleine boete op betaald. Maar die regularisatie zou slechts 100 miljoen euro opbrengen en is éénmalig. Dus is een hervorming en verlaging van de erfbelasting een belangrijke verliespost voor de Vlaamse regering.

Meteen rijst de vraag of een duurzaam Vlaams begrotingsevenwicht en op termijn een begrotingsoverschot nog mogelijk is. Dit jaar heeft de Vlaamse regering stricto sensu een begroting in evenwicht. Eigenlijk is er een tekort van 115 miljoen euro, omdat een aantal zaken buiten de begroting wordt gehouden. Maar de regering-Bourgeois heeft er een erezaak van gemaakt om tegen het einde van de legislatuur een begrotingsoverschot te boeken. De andere overheden – afgezien van het zwaar geherfinancierde Brussel – kunnen daar enkel van dromen.

Pervers fiscaal federalisme

Moet Tommelein de onrechtvaardig hoge erfbelasting dan behouden? Eigenlijk niet. Dat de Vlaamse begroting in evenwicht houden een zeer moeilijke oefening is, is niet alleen de verantwoordelijkheid van de regering-Bourgeois.

Hét probleem ligt bij de zesde staatshervorming die goed vijf jaar geleden tot stand kwam. Dat was eigenlijk een besparingshervorming die de armlastige federale overheid aan de deelstaten heeft opgelegd. De deelstaten zoals Vlaanderen kregen extra bevoegdheden op het vlak van het arbeidsmarktbeleid en kinderbijslag. Maar met die bevoegdheden werden slechts 85 procent van de middelen overgeheveld. Ook moeten de deelstaten een solidariteitsbijdrage betalen voor de oplopende vergrijzingskosten. Economen berekenden dat Vlaanderen 1,7 miljard euro verliest aan de staatshervorming. Met dat geld zou Vlaanderen de erfbelastingen kunnen afschaffen en zelfs geld overhouden.

Eigenlijk was de zesde staatshervorming een bail-out, of een redding van de federale overheid én Brussel door de deelstaten en vooral door Vlaanderen. Net als vroegere staatshervormingen een redding waren van de Franse Gemeenschap, met haar failliet onderwijs, door de federale staatskas. Dat systeem van de ene overheid die de andere financieel redt heeft de voorbije jaren de tekorten opgeblazen. Ook al omdat de deelstaten niet echt aangezet worden tot een verantwoordelijk beleid. Dat heeft te maken met de gebrekkige fiscale autonomie van de deelstaten. Die bedraagt slechts 34 procent. De rest van de regionale inkomsten komt van federale dotaties.

Zo’n systeem van geldstromen blaast tekorten op, want door lagere overheden te financieren met dotaties geeft de hogere overheid het signaal dat deze lagere overheden altijd kunnen pogen deze dotaties te verhogen. Bijvoorbeeld door hoge begrotingstekorten te boeken zoals de Franstaligen al jaren doen en dan te gaan bedelen bij andere overheden. Dit perverse Belgisch fiscaal federalisme raakt maar niet uitgeroeid.

Angélique Vanderstraeten