Dat er in heel wat moskeeën vreemde dingen gebeuren, is geweten. Toch zou het verkeerd zijn het hele ‘radicaliseringsverhaal’ hiertoe te reduceren. Het probleem zit maatschappelijk veel dieper. Wellicht is het makkelijker vooral te focussen op de gebedshuizen en te zwijgen over de rest.

Daar hadden ze hem dan, de ideale kandidaat om jong CD&V-voorzitter te worden. Politicoloog (VUB), Brusselaar (beter nog: afkomstig uit 1080 Molenbeek) en – om het met de woorden van de Franse chansonnier Georges Moustaki te zeggen – voorzien van een “gueule de métèque”. Kortom, Sammy Mahdi, een allochtoon, die, zoals we konden vaststellen toen we een tijdje geleden tijdens een zapstonde op zijn persoon uitkwamen, vooral wat platitudes verkondigt.

Wellicht om net het tegendeel te bewijzen, pakte hij uit met een vrije tribune in De Morgen waarin hij dan toch een mening verkondigde. Zo onder meer over die dekselse militairen op straat. “Ik wil ze uit mijn straat”, klonk het resoluut. “Vandaag. Dat ze wat mij betreft op peacekeepingoperatie in Libanon gaan of wat patatten schillen, het maakt me niet uit.”

En even denk je dat de jong ‘tsjeeven’ een ‘angry young man’ verkozen hebben. Niet toevallig verscheen het stuk op de verjaardag van de aanslagen in Brussel en Zaventem. Mahdi’s timing viel nagenoeg samen met die van Khalid Masood, de misdadiger die de aanslag aan Westminster pleegde. Het was een wat ongelukkige zet van de jongerenvoorzitter, maar goed, elke beginneling heeft recht op wat krediet. Want zie, hij heeft ook andere meningen. “Erken eindelijk wat moskeeën zodat we de geïmproviseerde en niet-erkende moskeeën waarover we totaal geen controle hebben een genadeslag toedienen. Verkoop geen wapens meer aan de Saoedi’s en smijt ze uit de Grote Moskee.” Nu zijn we er.

Grote Moskee

Er is wat te doen rond die obscure moskeeën de voorbije weken, de Grote Moskee van Brussel op kop. Wat op die plek gebeurt, overigens rijkelijk betoelaagd door de Saoedi’s, is niet koosjer. Nochtans is dit algemeen geweten, al vele jaren lang. Ook de onvermijdelijke Yamila Idrissi, Vlaams Parlementslid voor de sp.a, mengde zich in het debat, doorgaans een indicatie dat het helemaal de verkeerde kant opgaat. Als scholier was ze ooit op de vingers getikt als zijnde een slechte moslima. Zonder twijfel een traumatische ervaring die tot vandaag haar tol eist. En zelfs de Brusselse burgervader Mayeur sprak zich uit over het onderwerp. Hij wil ze in een soort ‘Moskeefabriek’ onderbrengen. Waarom nu plots die verhoogde belangstelling voor het reilen en zeilen achter de moskeemuren?

Maatschappelijk weefsel

De realiteit is omslachtiger. Is er iemand te vinden die in een terrorismedossier genoemd wordt die in de Grote Moskee ‘radicaliseerde’? Wellicht niet. In werkelijkheid raken die lui in contact met verkeerde subjecten en dito ideeën via het internet, of nog via sportclubs. Expert Claude Moniquet, anderhalf jaar geleden nog op de praatstoel van dit blad, heeft daar al vaker op gewezen. Feit is dat het probleem van ‘islamisme’ zich diep genesteld heeft in het maatschappelijke weefsel, wat ruimschoots ‘de moskee als dusdanig overstijgt’. Het is natuurlijk politiek zoveel makkelijker om rond de essentie te blijven cirkelen.

KNIN