Geregeld hoort men protesten dat de volksvertegenwoordiging niet representatief is voor Nederland. De Volkskrant zocht het even uit en de resultaten zijn soms… euh… bedroevend.

Te weinig vrouwen

Theoretisch zouden in de nieuwe zojuist geïnstalleerde Tweede Kamer twee vrouwen meer dan mannen moeten zetelen. In de praktijk is één derde van de nieuwe Kamerleden vrouw. Maar hier kan men nog stellen dat vrouwelijke kiezers niet per se voor vrouwen stemmen. De zwaar gebuisde PvdA was de enige partij waar mannen en vrouwen volgens het ritssysteem kandideerden. Dat principe werd – zij het enigszins verwaterd – ook elders gevolgd, maar door de bank stonden vrouwen toch iets lager op de lijst. Zelfs bij de mohammedanenpartij stonden vrouwen op de lijst, uiteraard op onverkiesbare plaatsen. En de fervente protestanten van de SGP doen het nog altijd zonder vrouwen.

Te veel Hollanders

Nog altijd spreken Vlamingen over Holland als ze Nederland bedoelen. Maar als je de samenstelling van de Tweede Kamer bekijkt, blijft de indruk dat de Republiek der Verenigde Provincies met de preponderante rol van Holland nog altijd bestaat. In de Randstad (de provincies Noord- en Zuid-Holland en Utrecht) woont 45 procent van de bevolking, maar ze krijgt 64 procent van de zetels; een volstrekte meerderheid. Dat verklaart veel van de politieke besluitvorming; dikwijls volledig op Holland gecentreerd terwijl de andere provincies de rekening betalen. De provincie Noord-Holland (met Amsterdam) bezit nauwelijks meer inwoners dan Noord-Brabant, maar rijft wel 35 Kamerzetels binnen, terwijl er maar 13 Brabanders zetelen. Dat is het gevolg van de landelijke lijst, in plaats van provinciale lijsten zoals in Vlaanderen. De landelijke partijbonzen beslissen wie op welke plaats op de kandidatenlijst staat en ze kunnen zich veroorloven kandidaten met een lokale grote aanhang in de kou te zetten.

Veel te veel universitairen

Helemaal dol wordt het natuurlijk als men de opleiding als norm neemt. Dan wordt duidelijk dat politiek een vak is voor welgestelde hoogopgeleiden die andere welgestelde hoogopgeleiden naar voren schuiven. Theoretisch hebben kandidaten met een universitair diploma recht op 15 van de 150 zetels in de Tweede Kamer. In de praktijk zetelen er 94  universitairen. De democratie is een zaak van beslissingen “over u” maar zeker niet “door u”. Dat geldt ook voor de oudere Nederlanders. Volgens hun aantal hebben deze kiezers recht op 56 zetels en ze moeten het doen met 36, maar dat zijn bijna allemaal mensen van 50. Nauwelijks 2 Kamerleden van meer dan 70 kunnen uit eigen ervaring spreken.

En nog veel meer Marokkanen

Ten slotte zijn er de enigszins verrassende resultaten voor “de mensen uit de migratie”, zoals de politiek correcte oplichters zeggen. Vooral de Marokkanen zijn met 8 zetels volledig oververtegenwoordigd. Volgens het aantal kiezers met Marokkaanse achtergrond zouden er maar 3 mogen zetelen. Bij de Turken is het al iets minder, maar nog altijd 5 zetels terwijl het representatief maar 3 mogen zijn. Mooi om te onthouden wanneer weer eens een of ander “correct” groot licht eist dat de diversiteit op plaats x of stek y niet volledig bereikt is. Men kan dan repliceren dat een goed begin erin bestaat 5 volksvertegenwoordigers van Marokkaanse origine te laten vertrekken. Ze kunnen dan vervangen worden door 1 Surinamer en 1 Antilliaan die al veel langer Nederlands zijn maar die niet vertegenwoordigd worden in de Kamer. En die drie overige zetels horen naar autochtone Nederlanders te gaan die duidelijk gediscrimineerd worden ten opzichte van Marokkanen. Absoluut te onthouden is ook dat er maar 147 Nederlanders in de Kamer zetelen. De drie Turken van de lijst Denk vormen alleen een filiaal van de schurkenpartij van de Turkse tiran. Men kan zich moeilijk voorstellen dat de vooroorlogse Tweede Kamer een paar authentieke Duitse nazi’s de Nederlandse nationaliteit zou geven en die vervolgens als Kamerleden had aanvaard. Op sociale media worden de Denk-Turken te gemakkelijk voor landverraders uitgemaakt; dat zijn ze feitelijk niet, want ze voelen zich honderd procent Turk, spuwen op hun Nederlandse nationaliteit en ze lachen zich een hoedje met die naïeve Nederlandse idioten. Ze doen niet anders dan al hun landgenoten in Nederland. 70 procent onder hen stemt voor de crimineel Erdogan.

Willem de Prater