Traditioneel was ik op zondag 2 april 2017 onbereikbaar voor de buitenwereld. Ik zat aan mijn tv gekluisterd, want ik wilde geen kilometer missen van onze Ronde. De Ronde van Vlaanderen is en blijft voor mij het mooiste sportgebeuren van het jaar, laat daar geen twijfel over bestaan.

Enkele jaren geleden heb ik de koers gevolgd vanuit de volgwagen van Sport/Voetbalmagazine. Het was volgens mij niet ongevaarlijk om aan 100 km per uur door de smalle straten van Geraardsbergen te scheuren. Men kon wel proeven van de unieke sfeer langs de Vlaamse wegen, maar als men met de wagen altijd achter het peloton moest blijven, dan zag men bijna geen renners, alleen de sukkelaars die één na één op de hellingen moesten lossen, en pas dan werd men er zich van bewust wat afzien is. Volgens mij hebben voetballers een herenleven in vergelijking met de ‘coureurs’. Aan de aankomst was ik kapot. Ik vroeg mij af hoe ik mij zou voelen als ik het parcours met de fiets zou afgelegd hebben!

Voor de start in Brugge liep het al mis. De volgers werden een ontbijt aangeboden, maar er waren geen boterkoeken meer. Het leven kan soms hard zijn. Neen, laat mij in het vervolg maar rustig thuis voor de buis zitten, met enkele ‘Duvels’ in de ijskast.

Lomme

Dit jaar werd de Ronde van Vlaanderen gewonnen door Philippe Gilbert, een Nederlandssprekende Waal. Ik kan daarmee leven, vooral omdat die mens op 5 juli is geboren, awel, ik ook. Na de Ronde van Vlaanderen de ganse dag te hebben gevolgd, kon men alleen maar besluiten: wat is het wielrennen toch een prachtige sport. Natuurlijk willen wij geen epo meer, of iets anders van dat fraais!

Van jongsaf was ik al gefascineerd door het wielrennen. Ik speelde tijdens mijn jeugd met plastieken coureurkes en niet met plastieken voetballertjes.

Mijn vader nam mij dikwijls mee naar wielerwedstrijden, dat zal ook wel een rol gespeeld hebben. Ik was erbij toen Eddy Merckx zijn eerste koers won bij de profs. Het was de kermiskoers van Vilvoorde, waar hij Miel Daems klopte in een spurt met twee. Duizenden mensen kwamen afgezakt naar het gebeuren om de grote belofte Merckx aan het werk te zien. Men kon over de koppen lopen.

De goede oude tijd noemt men dat, maar laten we nu niet nostalgisch worden.

Ik had ook een goede band met wijlen Lomme Driessens, de Raymond Goethals van de wielrennerij. Hij was sportdirecteur geweest van Fausto Coppi, Rik van Looy, Freddy Maertens en Eddy Merckx. Lomme had een café in Vilvoorde. Ik sprong er af en toe eens binnen om te praten over de koers. Straffe verhalen verhalen heb ik daar gehoord! Ik zou ze willen vertellen, maar de meeste zijn niet voor publicatie vatbaar…

Gille van Binst