Als je het in afgewandelde kilometers uitdrukt, dan heeft die goeie ouwe Vlaamse Beweging vorige zondag in Zaventem heel wat bewogen. Goed, uw dienaar kon wat beweging best gebruiken, maar mag ik toch, met alle waardering voor de Vlaamse Volksbeweging, met mijn slecht karakter een kritische vraag opwerpen? Waarom moest tegen die dreigende broodroof van Vlaamse werknemers per se braaf gewandeld worden, in plaats van stout betoogd? Omdat wij Vlamingen zijn?

Bij de enkele honderden wandelaars miste ik een hele trits politici die geacht worden voor de belangen van hun Vlaamse volk op te komen en miste ik het kruim van de Vlaamse studentenbeweging die vandaag zou moeten zorgen voor het Vlaanderen van morgen èn voor de luchtvaart van morgen. Of begrijpen de leiders in de dop niet de zwarte dreiging van duizenden Vlaamse volksgenoten in Zaventem met… de dop? Bij onze aankomst aan het station van Zaventem-Dorp werd het door werknemer Erik Rennen kernachtig onder woorden gebracht: “Wij liggen niet wakker van het lawaai rond de luchthaven, maar van de angst om onze job te verliezen.” Als het de Vlamingen menens is met hun solidariteit, zouden zij daar, als zij echt een volk willen zijn, allemààl wakker van moeten liggen.

Brussel ligt niet wakker

Intussen neemt bij de duizenden werknemers van onze luchthaven de onzekerheid toe, zei een solidaire en gedreven Bart de Valck, “want Brussel ligt NIET wakker van onze jobs”. “Wij weten allemaal”, zei de voorzitter, “dat vliegtuigen voor de veiligheid tegen de wind in moeten opstijgen en overal elders ter wereld wordt daar slechts hoogst uitzonderlijk van afgeweken, maar argumenten als veiligheid of werkgelegenheid zijn niet belangrijk voor de Brusselse francofonie, zeker niet als die argumenten vanuit Vlaanderen komen. Nachtlawaai? Niks mee te maken”, sneerde Bart, die het dan plotsklaps zowaar profetisch over “de Waals-Brusselse natie” had, die de federale evenwichten wil onderuithalen en Vlaamse jobs in Zaventem wil doen sneuvelen voor nieuwe jobs in Charleroi en Luik. De geluidsnormen van Brussel noemde hij een even wansmakelijk alibi voor de Waals-Brusselse machtspolitiek als het gekonkel met Parking C in Grimbergen. Glashelder bewijs dat wij, Vlamingen, voor de Brusselse politici nog steeds tweederangsburgers zijn. Juist, en die francofone “logica” wordt probleemloos mee ondersteund door “Vlaamse” politici als Guy Vanhengel en Bianca Debaets, die een “postje mogen bezetten bij gratie van de Franstaligen”. Hoog tijd voor Gwendolyn Rutten en Wouter Beke om hun partijgenoten tot de orde te roepen en even hoog tijd voor alle Vlamingen in de federale regering om een objectieve en technisch correcte vliegwet af te dwingen. Aan hun grote opkomst zondag te oordelen, zal daar veel, héél veel volk naar komen kijken, maar Bart heeft dat goed gezegd. Ook goed was zijn verwijzing naar de grote vuist van Vilvoorde ter herdenking van het Renault-drama, die sociale ramp die Vlaanderen zich vandaag niet meer kan veroorloven, want politiek onverantwoord en ethisch onwaardig.

Vlaamse klauwers en brullers gevraagd

Iets bondiger maar even krachtdadig waarschuwde de Steenokkerzeelse burgemeester Kurt Ryon – naar ik later op de avond mocht ervaren, een man van het volk – de Brusselse politici en meer bepaald “alle Vanhengelen en Debaetsen van deze wereld”: “Luister goed, blijf van onze dorpen, blijf van ons groen, blijf van onze landbouwgronden!” Geen tweede “Doel” in Vlaanderen en dus graag, Vlaamse regering, nog verschillende belangenconflicten, want “het is uw verdomde plicht om op te komen voor de Vlamingen in de Rand. Durf en doe! Durf te klauwen, durf te brullen!” En toen hief burgemeester Kurt Ryon met luider stemme de Vlaamse Leeuw aan. Bravo, VVB, maar er zullen niet alleen verschillende belangenconflicten, maar ook nog een resem radicale betogingen met véél volk nodig zijn om de “Waals-Brusselse natie” tot andere “normen” te dwingen.

Hector van Oevelen