In de smalle beursstraat

Een federale regering met drie Vlaamse partijen en één Franstalige: in 2014 was men ervan overtuigd dat dit zou leiden tot aanzienlijke belastingverlagingen voor de Vlamingen, die sowieso al het gros van de fiscale druk dragen. Een inkijk in de nationale rekeningen leert dat dit niet klopt. De Vlamingen blijven de staatskas veel meer spijzen dan Walen en Brusselaars.

Het was ‘good old’ Rik van Cauwelaert (De Tijd) die in zijn columns en tijdens een passage op Terzake nog eens de vinger op de wonde legde: de regering-Michel presteert ondermaats. Zeker als we naar het fiscale beleid kijken. Ondanks hervormingen en een taxshift blijft België een belastinghel, zo leren OESO-cijfers. In 2016 telde België met 54 procent de hoogste gemiddelde belastingdruk voor alleenstaande werknemers zonder kinderen. Het gaat daarmee landen als Duitsland (49,4 procent), Hongarije (48,2) en Frankrijk (48,1) vooraf. Frankrijk heeft met 40 procent dan weer de hoogste belastingdruk bij getrouwde koppels met twee kinderen en één werkende ouder. België (38,6 procent) zit ook daar in de kopgroep. Enige positieve evolutie: samen met Oostenrijk is België het enige OESO-land waar de belastingdruk voor alleenstaande werknemers met meer dan één procentpunt afnam (-1,32 procent). De OESO wijst erop dat dat te danken is aan lagere personenbelastingen en werkgeversbijdragen voor de sociale zekerheid, een gevolg dus van de “taxshift” van de regering-Michel.

Maar hiermee kunnen de Vlamingen niet tevreden zijn. De belastingdruk blijft te hoog. En vooral: de Vlamingen betalen verhoudingsgewijs steeds meer belastingen. Een regering met drie Vlaamse partijen en één Franstalige, heeft er niet voor gezorgd dat de Vlamingen minder belastingen betalen. Zij blijven de staatskas spekken. Dat verklaart ook waarom de miljardentransfers richting Wallonië niet dalen.

Een analyse van cijfers van de Nationale Bank en van het Instituut voor de Nationale Rekeningen leert dat de belastinginkomsten via de personenbelasting tussen 2008 en vandaag in Vlaanderen met 17 procent gestegen zijn tot 29 miljard euro. De Brusselse belastinginkomsten zijn met 18 procent gestegen tot 16 miljard euro. De Waalse zijn met 15 procent toegenomen tot 13 miljard euro. De Vlamingen betalen in verhouding dus meer belastingen dan de Walen, en dat in een federaal land waar de kern van het belastingbeleid nog altijd federaal is. Dankzij de goed draaiende economie stutten de Vlamingen de Belgische fiscaliteit. Ook het gros van de vennootschapsbelasting komt vooral uit Vlaanderen.

Nu is het niet abnormaal dat een economisch beter presterende regio voor meer overheidsinkomsten zorgt. De privésector is in Vlaanderen ook meer ontwikkeld dan in Wallonië. Dat betekent dat er bij een economische groei-opstoot ook extra middelen naar de staatskas vloeien.

Maar wat niet normaal is, is dat vooral of bijna uitsluitend de Vlamingen de extra belastingen moeten ophoesten die de regering-Michel doorvoert. Dat bleek nog maar eens bij de begrotingsopmaak eind vorig jaar. De rode en groene oppositie, belgicistisch als ze zijn, hadden niet door dat vooral Vlaanderen hier het gelag betaalt. Gelukkig legden de onafhankelijke V-Kamerleden Hendrik Vuye en Veerle Wouters de vinger op de wonde. Twee voorbeelden. Ten eerste is er de belasting op tankkaarten voor bedrijfswagens. Dat moet 100 miljoen euro opbrengen. Welnu, er zijn in de provincie Antwerpen al meer bedrijfswagens – dus ook bijhorende tankkaarten – dan in heel Wallonië. “Dit is een maatregel die nauwelijks voelbaar is in Wallonië en Brussel, maar volop de Vlamingen treft,” stellen Vuye en Wouters terecht.

Daarnaast is er de roerende voorheffing op dividenden en andere roerende activa, die de voorbije jaren is opgetrokken van 15 naar 30 procent. Dat is een communautaire belasting. Volgens de Nationale Bank situeert meer dan 65 procent van de inkomsten uit vermogen zich in Vlaanderen, 10 procent in Brussel en 25 procent in Wallonië. Vooral Vlamingen betalen dus deze belastingverhoging. Om één of andere reden heeft geen enkele journalist tot nu toe de moeite gedaan om N-VA-kopstukken met die cijfers te confronteren.

Angélique Vanderstraeten