Mijn vriend Koenraad Elst herinnerde mij op Facebook aan het lied “Marrakesh Express” van Crosby, Stills en Nash. Graham Nash pende het neer tijdens een treinreis naar deze Marokkaanse stad in 1966. Marrakesh was toen erg populair bij hippies die zich, in navolging van Jack Kerouac en andere Beatnik-schrijvers, wilden onderdompelen in de exotische charmes van de stad, een beleving die ongetwijfeld sterk werd verbeterd door de ruime beschikbaarheid van Marokkaanse hasjiesj.

“We zijn op weg naar Marrakesh, op het pad naar een globaal akkoord over migratie,” zo begon Secretaris-Generaal Gutterez zijn toespraak op een VN-conferentie in september. Tegen wil en dank zitten we nu dus allemaal op de Marrakesh Express. En deze keer zijn er geen drugs die de eindbestemming aangenamer kunnen maken.

Steeds meer landen haken af

Het VN-pact over migratie, dat op 10 en 11 december moeten worden goedgekeurd in de Marokkaanse stad, is “schabouwelijk” (professor Mark Elchardus), “despotisch” (Afshin Ellian), “een modern paard van Troje” (Jean-Marie Dedecker). Steeds meer westerse landen haken trouwens af omdat ze tot het onvermijdelijke besluit komen dat de inhoud hun belangen en soevereiniteit ernstig in het gedrang brengt.

Trump trok de VS al eind 2017 terug uit de onderhandelingen. Hongarije volgde in de zomer van 2018. Daarna sprongen ook Australië, Oostenrijk, Tsjechië, Polen, Kroatië, Bulgarije en Estland van boord. In Nederland en Italië heersen grote twijfels. Zelfs in Duitsland komt er kritiek van binnen de regeringsrangen. België zit voorlopig wel nog op de trein naar Marrakesh, maar de N-VA gaat serieus dwars liggen. Er resten nog slechts twee weken om uit de impasse te geraken.

(Lees verder onder de tweet)

Het laboratorium der globalisten

De architecten van het VN-pact over migratie zijn de ondertussen overleden topfunctionarissen Kofi Annan en Peter Sutherland, informeert Syp Wynian ons in een uitstekende bijdrage in Elsevier Magazine. De eerste was een carriérediplomaat die het bewijs was dat topverantwoordelijkheid in de VN niet in het gedrang komt door persoonlijke blunders (als in het Rwanda-debacle, dat ook in België zware wonden sloeg) of corruptie (als in het voedsel-voor-olie-programma voor Irak). De tweede was een politicus die later topdiplomatie kon combineren met een carrière als bankier bij Goldman Sachs.

Allebei leefden ze in een wereld zonder grenzen. Allebei koesterden ze een levensbeschouwing die vijandig staat tegenover grenzen. Hun werk rond immigratie in de VN kreeg steun en bijsturing van de linkse NGO’s die zo goed gedijen in het kosmopolitisme, de subsidiegulheid en het gebrek aan democratische inspraak van internationale instellingen en daar een ideaal werkterrein en instrument vinden om hun minderheidsopinies aan de wereld op te dringen. De opengrenzenlobbyisten en militanten met een verdienmodel in mensenrechten waren letterlijk aanwezig op de banken en in de coulissen van de lokalen waar er werd vergaderd.

Het resultaat is navenant. De hele catalogus van linkse eisen inzake migratie is opgenomen: gemakkelijkere gezinshereniging, meer rechten voor illegalen, erkenning van “klimaatvluchtelingen”, slachtofferstatuut voor zij die gebruik maken van de diensten van mensensmokkelaars, respect voor “culturele gevoeligheden” van de migranten, bemoeilijking van uitzetting, immigratievriendelijke propaganda op de scholen, strengere wetten tegen racisme en zelfs drooglegging van media die kritisch durven berichten over migratie.

(Lees verder onder de tweet)

Afspraken die verbintenissen zijn

Eén van de meest gehoorde argumenten, en tegelijk het meest merkwaardige argument, is dat het pact niet bindend zou zijn en dat we ons dus druk maken over niets. Hoe is het adviserende karakter een argument voor het ondertekenen van een slechte tekst? En indien het pact werkelijk geen enkele betekenis zou hebben, waarom moeten we het dan absoluut ondertekenen?

Dat de inhoud van het pact van Marrakesh geheel vrijblijvend zou zijn is trouwens een gevaarlijke illusie. De ondertekenaars “verbinden” (“commit” is het gebruikte woord) zich er toe om het pact uit te voeren. Principeverklaringen, resoluties en andere uitingen van politieke voornemens hebben wel degelijk waarde voor de rechtbanken. Wie het pact van Marrakesh aanvaardt, opent een schatkamer aan mogelijkheden voor advocaten van opengrenzen-ngo’s en activistische rechters.

Ook de politieke autoriteit die uitgaat van dergelijke documenten mag niet onderschat worden. Voor linkse partijen zijn ze het breekijzer om voorstellen zonder veel democratisch draagvlak toch in het beleid op te dringen. Voor rechtse partijen zijn verwijzingen naar internationale normen dan weer een handig excuus om ernstige toegevingen aan de eigen achterban te kunnen verkopen.

De plannen voor de oprichting van een “mensenrechteninstituut” zijn een goed voorbeeld van de werking dit mechanisme. De “Paris Principles” van de VN vragen aan alle landen om een dergelijke instelling op te richten. Het gaat slechts over een aanbeveling, geen verplichting. In westerse landen zijn dergelijke instituten duur, nutteloos en niet gebaseerd op enige democratische vraag. En toch komen ze er, omdat een minderheid haar agenda met de morele steun van de VN kan opdringen aan een meerderheid die niet de moed heeft om neen te zeggen. Ook bij ons aanvaardde de N-VA, hoewel men daar beseft dat een mensenrechteninstituut onvermijdelijk een super-UNIA zal worden, dat de oprichting ervan in het regeerakkoord werd opgenomen.

Rot tot op het bot

De N-VA heeft besloten om deze keer wel het been stijf te houden. De verkiezingsuitslagen en de electorale wedergeboorte van het Vlaamse Belang zullen wel een rol gespeeld hebben in deze houding. Het is voorlopig nog onduidelijk of de partij bij een principieel njet is terechtgekomen. Het verdrag als “zeer problematisch” bestempelen, is niet hetzelfde als een kordate weigering.

Theoretisch zijn er nu nog vier mogelijkheden. De beste is dat de Belgische regering het pact van Marrakesh niet ondertekent. Daar mogen we niet op hopen. Michel heeft bij de VN reeds openlijk zijn steun toegezegd. De coalitiepartners van N-VA hebben zich in die stelling ingegraven. Het omgekeerde scenario, dat de Belgische regering het pact zonder reserve tekent, is even onwaarschijnlijk geworden. De electorale afstraffing van de N-VA zou zwaar en verzekerd zijn.

(Lees verder onder de tweet)

De derde mogelijkheid is dat de regering valt. Dan zal een regering in lopende zaken het pact wel kunnen tekenen, maar dat zal meer dan gecompenseerd worden door vervroegde verkiezingen rond het thema van migratie, waar zowel de N-VA als het VB versterkt kunnen uitkomen, en die een referendum tegen het pact kunnen uitmaken.

Het vierde en, helaas, meest waarschijnlijke scenario is dat er een compromis à la Belge uit de bus komt: de regering zou het pact kunnen ondertekenen, maar met een schriftelijk voorbehoud. Ook het Verenigd Koninkrijk en Denemarken dienden al een “interpretatieve nota” in, waarin zij zeggen welke onderdelen van het verdrag ze niet zien zitten.

Maar wat betekenen dergelijke afgezonderde voorbehouden binnen de EU? Of voor de dwingende rechtspraak van bijvoorbeeld het Europees Hof voor de Rechten van de Mens? Dit scenario zou ook verregaande inhoudelijke toegevingen van de N-VA vereisen, want het pact van Marrakesh is geen werkdocumentje met een paar herstelbare gebreken. Het is rot tot op het bot en een fundamentele aanslag op de mogelijkheden van nationale staten om zelf over hun migratiebeleid te beslissen. De inzet is zéér groot. Groot genoeg om regeringscrisis te rechtvaardigen, zoals Jean-Marie Dedecker terecht opmerkt.