De nieuwe president van Brazilië, Jair Bolsonaro, is niet onomstreden. Een seksist, racist en homohater volgens sommigen, voor anderen de redder des vaderlands die met de grove borstel door het tot op het bot corrupte politieke bestel van het grootste Zuid-Amerikaanse land zal gaan. Qua stijl doet Bolsonaro wat denken aan zijn Amerikaanse collega Donald Trump, want grofgebekt, recht voor de raap en notoir liefhebber van vrouwelijk schoon.

Volgens Bolsonaro’s zoon Eduardo werd de presidentiële campagne van zijn vader gesteund door niemand minder dan Steve Bannon, gewezen campagnestrateeg van Trump, wat door Jair Bolsonaro dan weer werd tegengesproken en afgewimpeld als ‘fake news’. De gelijkenissen met Trump leverden Bolsonaro alvast de bijnaam ‘Tropical Trump’ op.

Ook zijn bewondering voor de militaire dictatuur die van 1964 tot 1985 over Brazilië heerste, stuit in het buitenland op onbegrip. In het buitenland, want heel wat van Bolsonaro’s kiezers die de economische crisis, het geweld en de corruptie beu zijn, gaven al aan dat het wat hen betreft in Brazilië beter leven was tijdens de dictatuur dan onder dertien jaar socialistisch bestuur.

Bolsonaro, een gewezen militair die al acht verschillende politieke partijen heeft versleten, blijkt ook geen al te hoge pet op te hebben van de autochtone Braziliaanse bevolking. “Het is spijtig dat de Braziliaanse cavalerie niet zo efficiënt was als de Amerikaanse, die hebben hun indianen uitgeroeid”, klonk het eerder in 1998.

Moordpartij

Bolsonaro heeft namelijk zijn oog laten vallen op de bijzonder rijke ondergrond van een paar inheemse reservaten, waar zo’n 900.000 mensen wonen. “Ik ga me niet bezighouden met nonsens zoals het verdedigen van land voor indianen”, verklaarde hij een paar jaar geleden, waarbij hij de reservaten een misdaad tegen de Braziliaanse staat noemde. Hoewel de inheemse territoria en de rechten van de indianen verankerd zitten in de grondwet, wordt vermoed dat Bolsonaro niet lang zal wachten om toch concessies te geven aan grootschalige landbouw- en mijnbedrijven.

In tegenstelling tot wat de mainstream media en de groene goegemeente willen laten uitschijnen, verschilt de houding van Bolsonaro helemaal niet veel van die van zijn linkse voorgangers Lula en Dilma Rousseff. Behalve dan dat Bolsonaro er open over is en zijn voorgangers er vooral heel hypocriet over deden.

Onder de door de progressieven in het Westen bejubelde socialistische president ‘Lula’ da Silva werd in Brazilië voornamelijk een ultraliberaal beleid gevoerd, waarbij de agro-industrie in de reservaten vrij haar gang kon gaan. Onafhankelijke mensenrechtenorganisaties claimen zelfs dat onder Lula het meest nefaste beleid ooit op vlak van mensenrechten voor de autochtone bevolking werd gevoerd sedert het einde van de militaire dictatuur. Heel wat inheemse leiders die in conflict lagen met grootgrondbezitters, werden vermoord zonder dat veel moeite werd gedaan de daders op te sporen, laat staan te straffen. Na de ‘Haximu’-moordpartij in 1993, toen illegale gouddelvers tientallen leden van de Yanomami-stam vermoordden, kwamen er in Brazilië enkele wetten om de inheemse bevolkingsgroepen en hun territoria te beschermen, maar heel wat van die wetten bleven dode letter.

Een lid van de Braziliaanse Tupi Guarani-stam

Hervestiging

De gewezen marxistische terroriste en latere presidente Dilma Rousseff besliste in 2013, naar aanleiding van het WK voetbal in Brazilië, om de indianen die huisden in het vroegere Indiaanse Museum, vlakbij het gekende Maracanãstadion in Rio de Janeiro, hardhandig te verjagen. Ook werd onder het presidentschap van Rousseff besloten in het Amazonebekken een reeks hydraulische stuwdammen aan te leggen. Ze drukte die plannen door, ondanks stevig protest van allerlei internationale instanties, waardoor heel wat inheemse stammen werden hervestigd.

In 2015 – nog steeds onder het bewind van Dilma Rousseff – werd vanuit de linkse meerderheid voorgesteld om de bevoegdheid om indiaanse territoria af te bakenen uit handen te nemen van de overheidsdienst FUNAI (Fundação Nacional do Índio) en het ministerie van Justitie, om de bevoegdheid over te dragen aan het Congres. De stamhoofden kwamen daartegen in opstand, omdat meer dan de helft van de leden van het Congres bewezen banden had met de agro-industrie, houtontginners of grote mijnbedrijven. Tussen haakjes: doorheen de hele Braziliaanse geschiedenis heeft amper één autochtone inwoner van Brazilië het tot parlementslid geschopt: Mário Juruna van de Xavante, die van 1983 tot 1987 zetelde voor de staat Rio de Janeiro.

Tijdens de voorbije presidentiële verkiezingscampagne was er maar één presidentskandidaat die oog had voor de Braziliaanse inheemse bevolking. Ook de linkse PT van Lula repte er met geen woord over, alsof dat deel van de bevolking niet bestaat. Enkel de extreemlinkse partij PSOL van Boulos had daarover een uitgewerkt programma opgesteld, en had met Sônia Guajajara als kandidaat-vicepresident een kandidaat uit de inheemse bevolking.

Het is wachten of de soep effectief zo heet wordt gegeten als ze wordt opgediend. Het verstrekken van nieuwe concessies kan enkel door de wet te overtreden, of in het beste geval door voor de nog niet afgebakende territoriale gebieden de wet ruim te gaan interpreteren. Bolsonaro heeft al aangekondigd de afbakening van de reservaten stop te zullen zetten en opnieuw concessies te gaan toestaan, maar de vraag is in hoeverre voornamelijk internationale bedrijven zich aan die meer dan dubieuze praktijken nog willen verbranden.