In juni 2012 werd in een veld in Dworp het lichaam gevonden van de veertienjarige Priscilla Sergeant. Ze is na zware mishandelingen en vernederingen door verstikking om het leven gekomen. De politie kon al snel drie verdachten arresteren: de twaalfjarige J., de zestienjarige A. en de zesenveertigjarige Johan D.V., een buurman van het meisje.

De moord werd in zijn huis gepleegd. De drie worden verdacht van onmenselijke behandeling met de dood tot gevolg, aanranding op de eerbaarheid en opzettelijke slagen en verwondingen. Voor juristen is dat misschien geen moord, maar voor gewone mensen zeker wel. De drie daders hebben haar gedwongen onder andere pillen, tabasco en urine in te slikken. Priscilla stikte na een urenlange lijdensweg. Op welke manier zij precies verstikt werd, is nog altijd niet duidelijk.

Recht geschied ondanks justitie

Het snelle en deugdelijke politiewerk werd echter tenietgedaan door de verrotte en decadente Belgische justitie. De enige volwassen dader kwam vrij door een procedurefout. Ondanks dat heeft het recht – maar niet het Belgische – toch zijn beloop gekregen. Hij heeft zelfmoord gepleegd. Nu, meer dan zes jaar later, heeft de jeugdrechter de procedure tegen de twee minderjarigen bijna afgerond. A., die intussen meerderjarig is en onlangs nog tot een jaar cel werd veroordeeld wegens weerspannigheid en bedreigingen aan het adres van de politie, kreeg een berisping. Het parket vorderde ook tegen J. een berisping.

Een berisping wegens het mishandelen en verstikken van een veertienjarig meisje… Is dat rechtvaardigheid? Zelfs maar een heel klein beetje? En aan díé verrotte, tandeloze en amorele justitie zouden wij de strijd tegen de terroristen van IS moeten toevertrouwen?