De lente is aangebroken, de griep is het land weer uit. In sommige steden van ons land heeft de snotneus ware epidemieën veroorzaakt en werden ook actieve mensen zwaar getroffen, met grote economische schade tot gevolg. Nog lang geen Spaanse griep zoals sommigen beweren, maar het virus lijkt aan te sterken. Een gesprek met arts en viroloog, Marc Van Ranst dringt zich op.

Dokter Van Ranst heeft het ondanks het zachtere seizoen nog steeds zeer druk met het bestrijden van virussen. Via zijn gsm stuurt hij verwoed zijn adviezen al twitterend de wereld in. Bloedrood wordt hij er van. We maken ons heel even wat zorgen wanneer hij schuimbekkend over de vloer rolt en met zijn hoofd tegen de muur begint te slaan. Gelukkig is mevrouw Van Ranst er snel tussengekomen om de man een motorhelm op te zetten en zo de grijze massa van haar man te beschermen. “Rustig Marcje, de tweet is weg”.

Ze kijkt ons wat triest aan: “Ik probeer hem te beschermen, maar soms kom je gewoon te laat. In principe zou hij zijn helm de hele dag moeten dragen. Iedere keer Theo Francken iets tweet krijgt hij een toeval. En zoals u weet. Theo Francken tweet al eens iets. Ik begrijp het niet goed hoor, maar hij heeft een fixatie op die man. Vriendelijke jongen die Theo, trouwens. Knappe gast”. De woorden van mevrouw Van Ranst zijn er te veel aan. De goede dokter raakt buiten zichzelf. Ze kan nog net zijn portefeuille tussen zijn tanden duwen om te vermijden dat hij zijn eigen tong er af bijt. Een paar pilletjes valium later, kunnen we het interview dan toch aanvattten.

Dokter Van Ranst, de vergelijkingen met de Spaanse griep. Hoe realistisch zijn die? Moeten we als bevolking vrezen voor ergere varianten op het virus?

Marc Van Ranst: (minzaam) “Het is natuurlijk zo dat epidemieën vreemde vormen kunnen aannemen waartegen mensen verminderd resistent zijn. Dat was zeker zo in het geval van de Spaanse griep omdat de Eerste Wereldoorlog mensen had verzwakt. Maar eigenlijk was die griep helemaal niet Spaans. Dat is een beetje de framing geweest van andere landen. Vermoedelijk van nationalisten die de Spaanse eenheid wilden vernietigen. (windt zich op) Nationalisten! Crapuul! Smeerlappen! Gelukkig dat ze daar met die Catalanen wel weg weten. Sla dood! Wat Catalaans is, Spaans is. Zo niet allemaal tegen de muur! (Razend) Red de wereld, snij een nationalist de strot over!”

We hadden het over virussen, dokter.

Van Ranst: “Maar ik ook. De parasitaria nationalistae. Zeer populair in onze regionen! (spuwt en gilt). Maar wat een smeerlapke. Het virus werkt als volgt. Het stort opzettelijk miljarden euro’s op je rekening, ieder jaar opnieuw, decennia lang! En plots, zonder aanwijsbare reden, zegt het plots: “zeg, zorg eens voor uw eigen euro’s”. En dan rekenen die mensen daar op. Wat een rotvirus. Onaanvaardbaar! Wat mensen niet schijnen te beseffen is dat in een lichaam ieder zijn functie heeft. Net als in een land. En de Vlaming is een donerend wezen. Stopt het daarmee, dan gaat het hele systeem naar de knoppen en wordt de Vlaming à la minute een fascistisch parasitair wezen: racistisch, nationalistisch… Crapuul zeg maar. De Vlaming is een parasitair virus die de hele aarde opwarmt zodra hij zich niet blauw betaalt aan iedere denkbare belasting die we kunnen verzinnen.”

Is dat uw medische opinie? We hadden het toch graag eens gehad over de vatbaarheid van onze bejaarden voor het griepvirus…

Van Ranst: “Bejaarden, zegt u? In een goed functionerend systeem zijn geen bejaarden. Gaat u maar eens na in modelstaten als Venezuela, Noord-Korea en Yemen. Daar vloeien bejaarden op natuurlijke wijze af”.

Mevrouw Van Ranst: “Schatje, denk aan Peter Mertens. Je mocht dat niet meer zeggen. Dat zou niet bevorderlijk zijn voor de verkiezingen”.

Van Ranst: “Mertens is een watje. Een radicaliserend, rechts rotwatje. En doe uw hoofddoek aan, irritante trut. Straks voelen onze moslimsvrienden zich hier niet welkom. Dat zou je wel leuk vinden, hé. Uw Vlaams bloed is een schande voor de mensheid. Weg met ons! Weg met ons!”

We zijn in goede handen…