Dries Van Langenhove: “Inclusieve identiteit is geen identiteit”

2
2524

“Wie is Vlaming?” Die vraag kregen politici van 7 Vlaamse partijen enkele jaren geleden voorgeschoteld tijdens een politiek debat. Geen van hen was in staat om daarop een zinnig of duidelijk antwoord te geven dat enigszins een definitie van dat begrip zou benaderen.

Als u pakweg een Amerikaanse indiaan zou vragen wie een ‘indiaan’ is, zou hij moeite hebben om die vraag te beantwoorden? Neen. Hij zou u probleemloos een indiaan en een niet-indiaan kunnen aanwijzen. Het zou voor hem zo vanzelfsprekend zijn dat hij het wellicht zelfs grappig zou vinden dat u hem die vraag stelt. Hetzelfde geldt voor bijna iedere andere niet-Europese of niet-Westerse nationale identiteit: Japanners, Nigerianen, Mexicanen, en ga zo maar door.

Geen probleem voor niet-Westerlingen

Waarom hebben zij dat probleem niet, en wij Vlamingen, samen met bijna alle andere West-Europeanen, wél? Waarom is hun identiteit sterk, duidelijk en welgedefinieerd, terwijl de onze zo zwak en zo vaag is dat we het zelfs niet bij benadering kunnen omschrijven?

De voornaamste oorzaak hiervan zou voor iedereen duidelijk moeten zijn: onze nationale identiteit en cultuur werden gaandeweg compleet uitgehold ten behoeve van het multiculturalisme. Opdat de Vlaamse identiteit en cultuur ‘inclusief’ zouden zijn voor ieder menselijk wezen dat op het Vlaamse grondgebied woont, ongeacht zijn opvattingen of afkomst, moesten ze van alle feitelijke betekenis en waarde worden ontdaan.

Het logische resultaat van dat linkse inclusiviteit-narratief is een holle, betekenisloze identiteit, gebaseerd op niets anders dan banale zaken en vage abstracte principes, waarin burgers niet meer zijn dan compleet inwisselbare eenheden. In dat narratief is er eigenlijk niets dat een Vlaming onderscheidt van pakweg een Nigeriaan of een Japanner, behalve het paspoort en de taal.

Wie is Vlaming?

Ook mij wordt regelmatig gevraagd “Wie is Vlaming?”. Meestal komt die vraag van mensen die hopen op een botte en controversiële respons – iets in de aard van “mag zeker geen moslim zijn!” of “moet alleszins een blanke zijn!” – om mij dan als een ‘racist’ of ‘islamofoob’ te kunnen afschilderen.

Mijn antwoord zal u misschien verbazen: ook ik zal geen sluitende definitie geven van een ‘Vlaming’. Het is te zeggen, ik heb wel een duidelijk idee, en ik kan mij daarover een oordeel vormen in specifieke individuele gevallen, maar ik kan u op dit moment geen definitieve opsomming geven van de eigenschappen die van iemand wel of niet een Vlaming maken.

Maar op zich is dat geen probleem. Meer nog: ik betwijfel of het zelfs nodig of wenselijk zou zijn om het begrip ‘Vlaming’ sluitend te definiëren. Paradoxaal genoeg zou zulks dit concept in zekere zin juist uithollen en aanleiding geven tot gevallen waarin de resulterende classificatie als onterecht, onwenselijk of zelfs belachelijk wordt aangevoeld.

‘Vlaming zijn’ mag best iets zijn dat de mensen in zekere zin semi-instinctief aanvoelen, zonder daarvoor een of andere lijstje te moeten afvinken. Zo’n kwestie waarbij je het herkent wanneer je het ziet en hoort.

Identiteit komt terug

Feitelijk zal zo’n beoordeling, of iemand al dan niet Vlaming is, een soort som zijn die men zich onbewust maakt op basis van alle mogelijke verschillende aspecten van Vlaming zijn. Het is daarbij gewoonweg essentieel dat we die aspecten opnieuw behoorlijk durven invullen, i.p.v. er domweg naar te streven om voor alles en iedereen ‘inclusief’ te zijn, met dien verstande dat geen enkel van al die verschillende aspecten op zichzelf genoeg is om iemand volledig te kwalificeren of te diskwalificeren als Vlaming.

We moeten er bijvoorbeeld op durven wijzen dat sommige van die aspecten wel degelijk betrekking hebben op de historische band met Vlaanderen en Europa, en dus in zekere zin afstamming en etniciteit betreffen. We moeten durven zeggen dat de islam géén deel uitmaakt van de Vlaamse identiteit. Kortom: we moeten wat meer ‘exclusief’ durven zijn.

De recente golf van enthousiast Vlaams-nationalisme bij de jeugd – paradoxaal genoeg deels veroorzaakt door het gebrek aan identiteit – geeft ons alvast veel hoop voor de toekomst. De Vlaamse identiteit komt terug, sterker en zelfverzekerder dan ooit!