De traditionele partijen begrijpen het nog altijd niet

0
3590

De klassieke christendemocratische, socialistische en liberale partijen in Vlaanderen haalden op 26 mei ocharme nog 38 procent van de stemmen. Een historisch dieptepunt. De irrelevantie dreigt. CD&V, Open Vld en sp.a zouden op termijn zelfs kunnen verdwijnen. Maar de partijvoorzitters zien de ernst van de situatie niet in. Ze blijven voorlopig op post en laten een aantal oude krokodillen de antipolitiek voeden.

Louis Tobback, Willy Claes, Karel De Gucht, Eric Van Rompuy, Mark Eyskens,…. Al die oude krokodillen passeerden de revue om de verkiezingsuitslag van 26 mei te becommentariëren. Ministers van Staat in ontbinding, zo noemde N-VA’er Theo Francken ze terecht. Figuren ook die niets geleerd hebben uit de verkiezingen van 24 november 1991. Net als toen vertelden ze dezelfde clichés en flauwiteiten.

Met dan nog een hoop frustratie en rancune erbovenop. Voor de prijs van het meest tenenkrullende interview konden Louis Tobback en Karel De Gucht met elkaar concurreren. Tobback had het over figuren als Dries Van Langenhove die dezelfde zijn als diegenen die ze in 1945 tegen de muur hebben gezet. De journalist vergat te vragen of Tobback dan ook dacht aan de voor collaboratie bij verstek veroordeelde socialist Hendrik De Man.

Karel De Gucht had het over racisten, fascisten en bruine brij… Wel, De Gucht is een ervaringsdeskundige. Als partijvoorzitter en minister in het paarse tijdperk kwam hij persoonlijk tussen om journalisten, academici en economen die kritiek hadden op het paarse beleid te laten broodroven of ontslaan. Met wisselend succes. Als er iets ‘fascistisch’ is, dan was het wel de intimidatie door paarse excellenties.

Cynisch gesteld: eigenlijk hadden die figuren beter interviews gegeven voor de verkiezingen. Het zou de score van de V-partijen en dan zeker het Vlaams Belang nog verder de hoogte hebben ingejaagd.

Beginnend inzicht bij Wouter Beke

Wat de voorbije dagen opviel, was dat de huidige partijvoorzitters van de traditionele formaties er niets aan deden om hun geërgerde oude krokodillen terug te fluiten. Voor een deel zou men dat kunnen verklaren door het feit dat discretie aangewezen is in volle formatieperiode. Maar eigenlijk is er meer aan de hand.

Blijkbaar hebben de voorzitters van CD&V, Open Vld en sp.a de pandoering van 26 mei niet goed geanalyseerd of begrepen. De avond van de verkiezingen zelf kwamen verschillende journalisten tot de conclusie dat er snel koppen zouden rollen op de partijhoofdkwartieren. Niet dus.

Een vorm van beginnend inzicht was wel waar te nemen bij CD&V-voorzitter Wouter Beke. Die liet al weten dat de nederlaag betekende dat hij zich in het najaar als partijvoorzitter zou terugtrekken. Alleen lijkt de introspectie zich daartoe te beperken. Is er dan niemand bij de christendemocraten die zich vragen stelt bij de wollige campagne? En zou de zware nederlaag in West-Vlaanderen niet het gevolg kunnen zijn van de vaudeville rond de Arco-deal? Hilde Crevits is vooral boos omdat haar eigen ACV-achterban op 26 mei eerder koos voor Groen dan voor CD&V. Ze bleef weg op een voordracht voor Rerum Novarum. Het chiromeisje kan in een hoek zitten bokken. Zelfkritiek is wellicht voor later. Idem voor Kris Peeters, die kort na de verkiezingen op tv aan de klassieke partijpolitiek bleef doen door zich schamper uit te laten over de confederalismeplannen van de N-VA. Dat de saboteur in de Wetstraat er niet in geslaagd was de partij van Bart De Wever klein te krijgen – N-VA blijft met voorsprong de grootste partij –  zit de passant uit Puurs blijkbaar diep. Ondertussen is duidelijk dat de band tussen CD&V en de organisaties van de christelijke zuil is doorgeknipt. Voor de christendemocraten het begin van het einde.

Rutten wordt paranoïde

En wat te denken van Open Vld? Voorzitster Gwendolyn Rutten luistert enkel naar spindoctors. Ze bracht zichzelf al de avond van 26 mei in een moeilijk parket door “nooit met het Vlaams Belang” te krijsen. De formatie op Vlaams niveau zal inderdaad niet leiden tot het doorbreken van het cordon sanitaire, maar voor Bart De Wever als (in)formateur wordt het nu wel heel gemakkelijk om straks de schuld daarvoor in de schoenen van Open Vld te schuiven.

Rutten maakt almaar meer een paranoïde indruk. De logische conclusie van Bart Tommelein dat een federale regeringsdeelname zonder de N-VA politieke zelfmoord is voor de liberalen, botste op een “houd uw bek” van de furie uit Aarschot. Rutten heeft de verkiezingen verloren en ze weet dat men de poten onder haar voorzittersstoel aan het doorzagen is. Maar allicht wil ze pas wijken als ze zeker is van een ministerpost. Het wantrouwen van de liberale voorzitster is echter zo groot dat ze vreest na een interne afrekening met lege handen achter te blijven. Rutten is vooral bezig met de eigen loopbaan. Terwijl die manier van politiek doen net werd afgestraft.

Crombez en de sp.a op weg naar een begrafenis

“Met lege handen blijven” is ook op sp.a-voorzitter John Crombez van toepassing. De Vlaamse socialisten flirten met de 10 procent, een historisch dieptepunt. Maar denkt Crombez aan opstappen? Neen. De focus ligt op regeringsdeelname, wellicht in de slipstream van de PS. Een ministerpost voor Crombez zou een interessante ontsnappingsroute zijn en dé manier om zonder veel gezichtsverlies de voorzittersfakkel door te geven. Opnieuw plat carrièrisme dus. Terwijl Crombez zich beter zorgen maakt over de toekomst van zijn partij. Als één van de traditionele partijen de komende jaren richting kiesdrempel dreigt te zakken, is het wel de sp.a. De Vlaamse socialisten zijn onderweg naar de eigen begrafenis. De aanval op deze traditionele partij moet nog beginnen. Namelijk het matrakkeren in de parlementen door de radicale linkerzijde van de PVDA.