En plots zijn ze daar weer, die samenvallende verkiezingen. In Knack noemden politicologen ze “chaos voor de kiezer”. Ze zorgen allerminst voor efficiëntie, zo blijk nu. En ze konden en kunnen een “collectieve stilstand” van dit land niet voorkomen.

Samenvallende verkiezingen. Vlaanderen kreeg ze door de strot geramd toen Elio Di Rupo in 2011/2012 met de steun van de Vlaamse traditionele partijen “zijn” zesde staatshervorming forceerde. Ze waren een lelijk onderdeel van een compromis dat vooral de paarse partijen op de agenda hadden (zie ander artikel op deze bladzijde).

Waarover ging het? Paars wou aanvankelijk de Vlaamse macht van CD&V en later van de N-VA beperken door de federale legislatuur uit te breiden van vier naar vijf jaar en zo de federale verkiezingen aan de Europese (en de Vlaamse) te koppelen. Noem dit de synchronisatie van de drie grote verkiezingen (1). Met dien verstande dat de federale de toon moesten zetten. De koppeling was er al in 2014 en werd nu ook gearrangeerd voor 2019 en later.

Tegelijk zouden volgens dezelfde zesde staatshervorming de deelstaten wel de ‘mogelijkheid’ krijgen om voor wat hun parlement betreft dat samenvallen weer teniet te doen en voor eigen data te gaan (2). Let wel: het tweede kan maar als het eerste wettelijk is bekrachtigd.

Tureluurs

Die regeling is een kluwen waar zelfs een nuchter en vrolijk mens compleet tureluurs van wordt. De synchronisatie (1) moet immers nog door een bijzondere wet worden goedgekeurd. De ontkoppeling van Vlaamse verkiezingen (2) kan er dan op volgen, en dat dan via een bijzonder decreet (telkens tweederde meerderheid).

Ga er maar van uit dat dit na de jongste verkiezingen federaal niet meer lukt. Tenzij CD&V elke Vlaamse reflex overboord zou gooien, is zelfs een monstercoalitie van voorstanders van samenvallende verkiezingen cijfermatig uitgesloten. De boel zit dus geblokkeerd. De synchronisatie is er, maar tegelijk weer niet. Dit is Belgisch.

Nog een laatste puntje over deze tureluurse regeling. Dezelfde fameuze zesde staatshervorming van Di Rupo belet NIET dat een federale regering tussentijds nog kan vallen. Daaropvolgende federale verkiezingen kunnen een nieuwe federale regering mogelijk maken, maar dan wel een waarvan de legislatuur maar kan duren tot de dag van de Europese verkiezingen volgend op die ontbinding.

Beter laat dan nooit

De politici van de traditionele partijen hoopten via dat samenvallen van verkiezingen lekker “constructief” en langdurig te kunnen besturen. Niet dus. Politieke “rust” is een illusie in een samenleving waar peilingen, pers en sociale media voor permantente jachtigheid zorgen.

Hoe moet een doorsnee burger nog weten welke politicus verantwoordelijk is voor welk beleid? En wie ze mogelijks mee kunnen belonen of bestraffen voor hun werk? Als zelfs politicologen nu toegeven dat de kiezer bij samenvallende verkiezingen “nog meer in de war” geraakt, dan weten we het wel…

Drie verkiezingen op één dag, zoals in 2014 en nu, we hebben het uitgeprobeerd, maar “het werkt gewoon niet”, stellen Bart Maddens (KU Leuven) en Nicolas Bouteca (U Gent). Ook Carl Devos (U Gent) ziet weinig tot geen voordelen.

Als ook politici getuigen van ‘voortschrijdend inzicht’ en de regeling willen herzien, kunnen we hen dat niet kwalijk nemen. Zoals Geert Bourgeois willen ook zij de verkiezingen weer van elkaar loskoppelen. Vlaanderen en Europa raken ondergesneeuwd door de veel nadrukkelijker aandacht voor het federale niveau. Dat het lobbyen voor de aanwijzing van de Eurocommissarissen er mogelijks voor zorgt dat ons land een minder mooie post krijgen, mag maar een detail zijn in de overwegingen.

En nu?

Mogen we van Vlaamse politici die de ‘verstrengeling’ mee onderhandelden vandaag verwachten dat ze dat kluwen ontwarren en de eerdere gefixte samenvallende verkiezingen weer zelf teniet doen? Natuurlijk. Maar kunnen ze dat wel?

In dit zieke federale land lukt dat alleen als voldoende Vlaamse partijen die eis voor autonome verkiezingen meenemen naar elk overleg over de toekomst van Vlaanderen. Streng en kordaat in het overleg met de Franstaligen, indien er toch nog ooit federale akkoorden moeten worden gemaakt.  Of als een onvoorwaardelijke basiseis als er dan toch gesprekken komen over een verregaande vorm van confederalisme. “Het federale niveau leidde vroeger de dans, vandaag niet meer”, aldus Bart Maddens. Zeg dat het waar is.