Beleven we vandaag de kroniek van een aangekondigde onderhandeling? Sterker nog: een akkoord? Sommige waarnemers denken dat het een kwestie van tijd is dat Iran en de VS in gesprek gaan. Waar we in deze fase getuige van zijn, is een spel van druk, provocatie, escalatie zelfs, om de contouren uit te zetten. De toekomst zal uitwijzen of deze lezing van de recente gebeurtenissen niet te optimistisch is.

De vorige weken waren bijzonder heftig voor Israël en de Hezbollah, terecht als een verlengstuk van Iran beschouwd. Tel Aviv voerde het aantal missies op Syrisch grondgebied op, waartegen reactie kwam. Inbegrepen een bomaanslag in Beiroet, wat opvallend was. Na het conflict dat beide partijen in 2006 uitvochten, werden een aantal ongeschreven rode lijnen getrokken. Een hiervan had betrekking op terughoudendheid op het Libanese grondgebied. En het moet gezegd dat beide partijen zich daaraan hielden. Tot voor kort.

Na de inspanningen van de voorbije jaren en de precaire situatie van het land, zit de Iraanse politiek van machtsuitoefening in Syrië en daarbuiten aan haar limiet. Recentelijk hoort men echter steeds vaker de vraag of ook Israël zijn hand niet aan het overspelen is. De druk is systematisch opgevoerd, wat een bepaald doel dient. Twee doelen eigenlijk. Wanneer Netanyahu handelt, mag men nooit de binnenlandse politieke agenda uit het oog verliezen. De rommeligheid van de Israëlische politiek zorgt ervoor dat hij het eerste-ministerschap combineert met de post van defensieminister. En zeker in die laatste hoedanigheden wil hij wel wat successen op zijn conto schrijven. Maar de belangrijkste reden waarom Iran steeds meer geprovoceerd wordt, heeft te maken met de vrees van Tel Aviv dat een nieuwe context zich aftekent. In diplomatieke kringen is te horen dat er een groeiende Israëlische overtuiging bestaat dat onderhandelingen tussen de VS en Iran slechts een kwestie van tijd zijn. Nu vindt een opbod plaats dat tot bepaalde stellingen moet leiden. Het is een horrorscenario voor Israël.

Biarritz

Terwijl drones en bommen op het terrein hun werk deden, vond duizenden kilometers verderop een diplomatieke verschuiving plaats – of op zijn minst een poging daartoe. Wat de Franse president Macron op de G7 top in Biarritz in scène zette, had alleszins een theatrale waarde. Plots landde daar een Iraans regeringstoestel met aan boord buitenlandminister Muhammed Zarif. Wetende dat president Trump houdt van wat in het jargon ‘disruptive diplomacy’ genoemd wordt, wou hij door die verrassing een soort schok creëren die een en ander zou deblokkeren. Mogelijk liet hij zich inspireren door de toenadering die georkestreerd werd in het zog van de openingsceremonie van de Olympisch Winterspelen in Pyongyang vorig jaar. Maar, zo werd al snel in diplomatieke kringen vernomen, Macron maakte een belangrijke inschattingsfout. Zarif staat hiërarchisch gesproken niet op het niveau van Trump. Deze laatste heeft trouwens lak aan het personage dat hij beschouwt als dé gesprekspartner van voorganger Obama, waar dan de verketterde deal uit is voortgevloeid. Bovendien landde de buitenlandminister zonder enige concessie op zak, wat onontbeerlijk wordt gevonden om überhaupt iets in beweging te brengen. Helemaal anders had het kunnen zijn, mocht het president Rouhani zijn geweest die zijn opwachting maakte. Maar daarvoor lijkt het water nog wat te diep te zijn.

Wijzigende omstandigheden

Het zou nochtans verkeerd zijn de verrassing in Biarritz als een maat voor niets af te doen. Het is geweten dat Macron maar wat graag een grotere diplomatieke rol voor Frankrijk tracht in te kleden, binnen EU-verband en erbuiten. De Britten zitten gevangen in hun Brexit, en Merkel begeeft zich naar de uitgang, wat Parijs als een kans ziet. Bovendien zijn er de reële Franse economische belangen, die door de patstelling tussen Iran en de VS geschaad worden. Maar wellicht ziet hij een gewijzigde context die al voor een deel een realiteit is. In die zin zou men het incident in Biarritz eerder moeten beschouwen als een poging om de ontwikkelingen te versnellen, niet als een soort eerste zet om het deblokkeren in werking te stellen.

Randvoorwaarden voor een akkoord

Verschillende elementen spelen. Te beginnen met de herverkiezing van Trump. Teheran had er aanvankelijk op gerekend dat zijn verblijf in het Witte Huis tot één legislatuur beperkt zou blijven. Vier jaar uitzweten dachten ze, waarna zich mogelijk gunstigere perspectieven zouden aftekenen. Inmiddels houdt men wel degelijk rekening met een herverkiezing, wat zou betekenen dat ze de zware economische gevolgen van de sancties nog jaren zouden moeten dragen, wat onmogelijk is. De herkiezing speelt echter ook in de VS. Trump wil absoluut geen oorlog met Iran, zeker niet in electorale tijden. En waarom geen deal proberen te sluiten; is dat niet het handelsmerk dat hij promoten wil? De Perzen kennen de Amerikaanse politiek. En de Amerikaanse geschiedenis. Een herverkiezing van Jimmy Carter destijds was niet ondenkbaar geweest indien de Amerikaanse gijzelaars in Iran eerder vrijgelaten waren. Dit gebeurde echter pas toen winnaar Ronald Reagan zijn eerste presidentiële rede hield.

Maar voor wie denkt dat door verklaringen en provocaties de onafwendbaarheid van een akkoord zich aftekent, toch één waarschuwing. Laten we ze simpelweg haviken noemen. Tegenstanders die als de dood zijn voor een akkoord met de (erf)vijand. Ongeacht de kost. Meer nog, je vindt ze zowel in Washington als Teheran. De manier waarop men hen in bedwang zal houden – of net niet – zal determinerend zijn voor de toekomstige Amerikaans-Iraanse verhoudingen.