De Vlaams regering komt eraan en dus kan een federale formatiedans beginnen. Of een poging tot. Het vormen van een federale regering wordt niet alleen zeer moeilijk door de zeer uiteenlopende visies tussen Vlaanderen en Wallonië. De sterk verzwakte partijvoorzitters beschikken niet echt over de nodige legitimiteit om hun achterban ertoe aan te zetten een zoveelste Belgisch compromis te slikken.

Een poging tot federale regeringsvorming: dat is wat er begin oktober in de Wetstraat op de agenda staat. Verwacht gerust wat slecht theater. Dat al begonnen is. Ook al lijkt een Bourgondische coalitie van N-VA, liberalen en socialisten de enige plausibele optie, inhoudelijk lijkt een deal zo goed als onmogelijk. Zelfs als de N-VA de eis voor een nieuwe staatshervorming laat vallen. Ook sociaaleconomisch is het water tussen links en rechts, tussen Vlaanderen en Wallonië vooral, te diep. En als er toch zo’n typisch Belgisch compromis moet worden gesmeed, dan kan dat alleen indien een aantal partijvoorzitters hun achterban weten te overtuigen “ja” te zeggen aan het regeerakkoord. Probleem is dat er van de mogelijke regeringspartners geen enkele voorzitter is die de eigen troepen én eventueel kopstukken van andere partijen kan meekrijgen.

Bart De Wever ligt niet in de touwen, maar kreeg een klap

De Vlaamse partijvoorzitter die er – afgezien van VB-kopman Tom Van Grieken – er het minst slecht voor staat is Bart De Wever. Ondanks de zware nederlaag blijft de N-VA Vlaanderens grootste partij. In de Vlaamse regering delen ze straks de lakens uit en federaal is De Wever bezig aan een verstandige communicatie-operatie. De N-VA stuurt af en toe een kopstuk uit om duidelijk te maken hoe verantwoordelijk de Vlaams-nationalisten wel niet zijn geworden. Men wil praten met de Parti Socialiste. Het confederalisme is niet langer een conditio sine qua non. Als Bourgondisch mislukt, zal het niet aan de N-VA liggen, lijkt men te willen zeggen. Goed gezien. Dan kan de N-VA samen met het Vlaams Belang federaal oppositie voeren. En kunnen Bart De Wever en co beweren dat ze hun politieke zuiverheid hebben bewaard. De Wever kreeg bij de vorige verkiezingen een klap, maar ligt als politiek tacticus niet in de touwen.

Er zit echter wel sleet op de figuur van de N-VA-voorzitter. Het is al een tijdje aan de gang: Bart De Wever is het wat beu elke keer te moeten opdraven wanneer een minister in het nauw komt. Hij houdt zich steeds liever op in het Antwerpse stadhuis en denkt in eerste instantie aan vrienden en vertrouwelingen. Zoals de vraag of er nog een ministerpost in de Vlaamse regering kan worden toegekend voor de eigenlijk gebuisde Liesbeth Homans.

Stuurloze CD&V en Open Vld

Bart De Wever is en blijft onaantastbaar als partijvoorzitter. Dat ligt even anders bij de Vlaamse coalitiepartners CD&V en Open Vld. Wouter Bekes periode als partijvoorzitter is sowieso voorbij. Wie moet straks de federale onderhandelingen leiden? Niet Hilde Crevits, die ook in de Vlaamse regering zou terecht komen. Het is dus wachten op een nieuwe voorzitter in het najaar. Kan er tot dan nog met een legitieme vertegenwoordiger van de christendemocraten gepraat worden? Feit is wel dat bij CD&V het vermoeden rijst dat ze er in een federale regering (paarsgeel, ook gekend als Bourgondisch, of paars-groen) niet bij zijn, want strikt gezien niet nodig voor een meerderheid.

Anders is het bij Open Vld. Die zijn – indien zo’n regering er uiteraard komt – zo goed als zeker van federale regeringsdeelname. Wie zal de gesprekken voeren? Niet Gwendolyn Rutten als ze Vlaams minister wordt. En als ze voorzitter blijft tot de partijverkiezingen in het voorjaar van 2020 zal ze zwakker staan dan ooit. Vincent Van Quickenborne en Alexander De Croo lusten haar rauw. Bart Tommelein wacht zijn moment af. De enige officiële kandidaat-voorzitter, Francesco Vanderjeugd, is van een ontstellende zwakheid. “Onze coiffeur” zoals ze hem bij de liberalen noemen, is het niveau van de kindsoldaat amper overschreden.

Het is niet anders met de favoriet om sp.a-voorzitter John Crombez op te volgen: Conner Rousseau. Op Twitter gooit hij foto’s en filmpjes van een puberaal niveau. Sp.a lijkt bij federale onderhandelingen echt niets anders te zijn dan een PS-aanhangsel.

Gelaten Magnette, verdeelde MR

En daarmee zitten we bij de Franstalige partijen. Bij de PS is er duidelijkheid: over minder dan een maand is Paul Magnette de nieuwe voorzitter. Maar de partij blijft verdeelder dan ooit tussen een anti-N-VA-linkerzijde en de zogenaamde ‘participationisten’ die snel federale kabinetten willen vullen. Aan Franstalige kant is te horen dat Magnette momenteel geen enkel federaal regeerakkoord door een congres krijgt. Geen akkoord met de N-VA. Ook geen paars-groen met de liberalen erbij.

Bij de Franstaligen van de MR blijft men straks na het vertrek van Charles Michel en Didier Reynders wat verweesd achter. Er tekent zich een nieuwe voorzittersstrijd af. Twee kandidaturen lijken zeker: die van federaal KMO-minister Denis Ducarme en van Georges-Louis Bouchez, het woelwater uit Bergen. Beiden zijn voor vele sociaalliberalen te rechts en men zoekt een valabele tegenkandidaat. Niet eenvoudig. In die mate dat Kattrin Jadin, federaal parlementslid uit de Oostkantons, wordt genoemd. Dat zou een primeur zijn: een Duitstalige partijvoorzitter. Wie het ook wordt, voor november zal er bij de MR geen figuur zijn die over voldoende legitimiteit beschikt om federale onderhandelingen tot een goed einde te brengen. Het blijft dus nog een tijd rondjes draaien in de Wetstraat.