De Franstaligen zullen met hun dramatische tekorten de financieringswet opnieuw op tafel te gooien. Bij de zesde staatshervorming (2012) werd voorzien dat die wet in 2024 in werking moet treden. Na tientallen jaren de transfers “onbespreekbaar” te hebben verklaard, werd door de regering Di Rupo vastgelegd dat die geldstroom van Vlaanderen naar Wallonië vanaf 2025 zou verminderen. In 2025 zal 60 miljoen euro minder naar Wallonië vloeien, het jaar daarop 120 miljoen euro en zo verder tot 600 miljoen euro in 2034.

PS’er Magnette wil de huidige financieringswet zo vlug mogelijk vernietigen om opnieuw meer Vlaams geld te krijgen. Zoiets kan enkel en alleen lukken mét een Vlaamse meerderheid. Derhalve niet zonder de N-VA.

In De Tijd merken Wim Van de Velden en Dieter Dujardin op dat twee voorzittersverkiezingen van december (CD&V en MR) een nieuwe dynamiek kunnen losmaken. Welke ruggengraten zullen zich krommen? De liberalen kiezen maar in het voorjaar van 2020 hun nieuwe voorzitter, maar het establishment van de partij wil de trein zelfs achteruit laten rijden.

Kandidaat-voorzitter Joachim Coens blijft, conform de partijlijn, kiezen voor de trage boemeltrein richting een volgende staatshervorming, terwijl zijn opponent Sammy Mahdi het communautaire duidelijk van de agenda wil houden. De Wever weet dus wie hij – met tegenzin – te vriend moet houden. Echt ver zal ook Coens niet willen gaan, want hij blijft verweven met de bondgenoten van Beweging.net (ACW). Gaat hij ver genoeg?

In geval van niet heeft De Wever weinig opties. Hij kan binnen een federaal, Belgisch kader andermaal een compromis zoeken rond een bescheiden staatshervorming zonder grondwetsherziening (iets krijgen) in ruil voor een sociale bijsturing in het sociaal-economisch weefsel (iets geven). Of De Wever nog zin heeft in een zoveelste portie staatshervorming durven we te betwijfelen. De tweede optie is resoluut de Vlaamse kaart trekken en de rode loper uitrollen voor de linkse partijen die de kloof tussen noord en zuid liever niet zien.

In het Vlaamse Parlement is zijn partij incontournable, in de Kamer kan ze met Vlaamse kordaatheid haar voet zetten voor de plannen van Magnette en rustig wachten op de ondergang van Vlaamse partijen die links Wallonië dit land laten domineren.

Met de liberalen lukt het in dit land nooit. Alexander De Croo vond paars-groen geen uitzicht hebben op een stabiele constructie. Vrij vertaald zei hij nu in Terzake dat in een nieuwe paars-gele regering paarse verzuchtingen wél, maar gele géén deel mogen uitmaken van het compromis. De belgicistische verzuchtingen van De Croo zijn dus dwingender dan zijn sociaal-economische.

Een journalist met pit vraagt normaliter of er toch geen communautair kantje zit aan zowat elk verhaal in het Magnette-dossier, omdat noord en zuid over alle thema’s (sociaal-economische, migratie, veiligheid, onderwijs, cultuur, identiteit) anders denken, oordelen en kiezen. Annelies Beck, Kathleen Cools of Bart Schols zijn daar niet toe in staat, of willen daartoe niet in staat zijn.

Misschien moet De Wever zijn eigen politieke kaste met de voetjes op de grond zetten. Om in het federaal parlement vol bewondering te kijken naar de manier waarop rood en blauw de ontsporende begroting onder controle krijgen, waarop ze jobs creëren, groei verzekeren, de migratiepoorten smeren, beslissen over veiligheid, over asiel, over fiscaliteit, over regionale lusten en lasten, over abortus en euthanasie, over hoe dit mooie land eensgezind ervoor zal zorgen dat “de mensen” van dit land kunnen vooruitgaan, “van Zeebrugge naar Arlon”. Als de Vlaams-nationalisten hun verstand gebruiken ziet het er goed uit.