Om een idee te geven van de kosten van de Verenigde Naties… Zelfs een klein landje als België betaalde in 2014 meer dan 279 miljoen euro aan UN Systems, zoals bijvoorbeeld Unicef, UNAIDS, dat geacht wordt aids en hiv te bestrijden, het Hoog Comité voor Vluchtelingen, het UNRWA voor de Arabische vluchtelingen van 1949 (!), en het World Food Program.

Daar kwam nog eens meer dan 47 miljoen bij voor zogenaamde “Special Agencies” zoals bijvoorbeeld de Wereldgezondsheidsorganisatie, de Food and Agriculture Organisation (FAO) en Unesco. En tenslotte ging er nog meer dan 80 miljoen naar zogenaamde “Related Programs”, waar leken waarschijnlijk nog nooit van hebben gehoord, zoals het Global Environment Fund, het Montréal Protocol, UNCCD voor de strijd tegen woestijnvorming en het Green Climate Fund. Merkwaardig, maar niet echt verbazend: Vlaanderen betaalt voor sommige van de programma’s dikwijls nog een eigen bijdrage. Voor zover we konden nagaan, deden Wallonië of Brussel dat bijna nooit.

“Met goudstukken doodgooien”

We beweren niet dat al die programma’s en instellingen nutteloos zijn. Maar zij zijn bijna allemaal heel inefficiënt en dikwijls ook nog verziekt door corruptie. Het enorme kostenplaatje staat meestal helemaal niet in verhouding tot de beperkte resultaten. Een medewerker van een FAO-programma voor de bestrijding van sprinkhanen – een nuttige taak natuurlijk! – vertelde ons ooit dat ze voor de bedragen die daaraan werden uitgegeven “de sprinkhanen met goudstukken konden doodgooien”, in plaats van met sproeimiddelen.