Het Gatestone Institute heeft op basis van duizenden krantenverslagen, rapporten van politiediensten, parlementaire onderzoeken, berichten op sociale media en gespecialiseerde blogs uit Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Ierland, Italië en Spanje een balans opgemaakt van antichristelijke geweldplegingen in Europa.

Uit dit onderzoek blijkt dat in 2019 ongeveer 3000 christelijke kerken, scholen, begraafplaatsen en monumenten in Europa werden vernield, geplunderd of gevandaliseerd. Daarmee was 2019 een recordjaar voor antichristelijke heiligschennis op het continent.

Volgens overheidsstatistieken waren er in Frankrijk per dag gemiddeld 3 gevallen van heiligschennis, vernieling of brandstichting tegen kerken, begraafplaatsen en monumenten. In Duitsland was dat 2 per dag, maar dat cijfer omvat enkel kerken. De daders worden slechts zelden gearresteerd. Als dat toch gebeurt, censureren de politie en de media vaak informatie over hun identiteit en etnische achtergrond.

Psychische problemen: alweer…

Van veel verdachten wordt, net zoals bij terreurdaden, gezegd dat ze psychische stoornissen hebben. Als gevolg hiervan worden veel antichristelijke aanvallen niet geregistreerd als haatmisdrijven. Ondanks dat is het duidelijk dat zulke misdrijven vooral door moslims gepleegd worden. Alleen in Spanje zijn geregistreerde vernielingen van kruisbeelden of in kerken meestal het werk van anarchisten, radicale feministen en andere extreem-linkse activisten. Of zou dat aan de registratie liggen?

In Groot-Brittannië werd 40 procent van de kerken op de National Historical List het doelwit van plunderaars. Dikwijls gaat het om goed georganiseerde benden die zelfs drones gebruiken om hun doelen met luchtfoto’s te identificeren en om ontsnappingsroutes uit te stippelen. Volgens het erfgoedcentrum Historic Engeland worden soms volledige daken van historische religieuze gebouwen gesloopt door benden metaaldieven.