Het was te denken. Telkens wanneer er iets scheefloopt op deze wereld, zijn er die een verband zien met klimaatverandering, de hedendaagse vervanger van God en de duivel als verklaring voor elk onheil dat de mensheid treft. In 2019 werd het klimaat onder andere verantwoordelijk geacht voor obese paarden, kleinere trekvogels, depressie bij kinderen en de aanvallen van ijsberen op dorpen in Siberië. Dat de branden in Australië voer zouden zijn voor klimaatalarmisten was dus vreselijk voorspelbaar.

Toegegeven, op het eerste zicht is het verband voor een keer minder vergezocht. Warmte en droogte zijn wel degelijk bevorderlijk voor vuur. Helaas, voor allen op zoek naar simpele verklaringen, is de werkelijkheid, zoals steeds bij de relaties tussen klimaat, weer en natuurrampen, heel wat complexer.

Geen enkel record gebroken

Ten eerste – we hebben er ook al moeten op wijzen naar aanleiding van de klimaatklaagzangen over de branden in het Amazonegebied – zijn er nu niet meer bosbranden dan een eeuw geleden. Er zijn er zelfs veel minder. Alleen al sinds 2013 is de jaarlijks door branden verwoeste oppervlakte afgenomen met 25 procent. En dat is niet omdat er minder bomen te verbranden vallen: de globale beboste oppervlakte neemt al 35 jaar toe, vooral door menselijk toedoen.

Ten tweede is de droogte in Australië niet uitzonderlijk, eerder integendeel. De gemiddelde neerslag in het land ligt een stuk hoger dan een eeuw geleden. De laatste jaren waren wel de droogste in enkele decennia, maar vallen onder de normale variaties die elke klimaatzone ondergaat. Ook de gemeten temperatuur bereikte dit jaar geen record: de gemeten 48,9 graden Celsius in Penrith moet het nog steeds afleggen tegen de 51,7 graden van 1909 (1889 was mogelijk nóg warmer, maar de toenmalige meetapparatuur was minder betrouwbaar).

Het is, ten derde, ook niet evident om de temperaturen als hoofdschuldige aan te duiden wanneer de branden zich nauwelijks voordeden in het warmste deel van Australië, het zuiden en het westen, maar vooral in het koelere noorden en oosten.

Tenslotte zijn de branden van dit jaar dan wel zwaarder dan de afgelopen jaren, maar nog steeds niet zo catastrofaal als Zwarte Zaterdag in 2009, toen 173 Australiërs omkwamen (tegen 24 in de huidige branden) of zo omvangrijk als het vreselijke inferno van brandseizoen 1974-75, toen minstens tien keer zoveel hectaren bos in de vlammen opgingen. Waarom krijgt u deze info, die wat nu gebeurt in perspectief plaatst, nergens te horen? Omdat spectaculair nieuws verkoopt en omdat op simplistische klimaattheorieën in onze pers geen enkele rem meer lijkt te bestaan.

De schuldige mens

De waarheid is dat bosbranden het resultaat zijn van een complexe veelheid van factoren, zoals temperatuur, windkracht, windrichting, vegetatie, droogte, oceaantemperaturen en de El Niño-cyclus. Als die allemaal gaan samenspannen, krijg je de “perfecte” vuurstorm. Dan hebben we het nog niet over de meest variabele factor, die ook al niets met klimaat vandoen heeft: de meeste branden zijn aangestoken.

Dat de klimaatverandering geen verklaring kan bieden voor de Australische ‘bushfires’ betekent dus helaas niet dat de mens geen schuld treft. De ergste brandstichters zijn echter niet de pyromanen, maar zitten tussen de Australische beleidsmakers. De Aboriginals, de oorspronkelijke bewoners van Australië, wisten al dat ze elk jaar zelf kleine branden moesten aansteken om hun woongebieden te beschermen en grotere, spontane branden te voorkomen. Abel Tasman, de Nederlandse ontdekkingsreiziger, rapporteerde al in de 17e eeuw over de brandlucht en het zwartgeblakerde landschap dat hij overal aantrof.

De methodes van de Aboriginals werden overgenomen en verfijnd door de kolonisten, die op gecontroleerde wijze de grassen en het lage struikgewas afbrandden of door vee lieten afgrazen, om zich zo te beschermen tegen grote, ongecontroleerde branden. Recentelijk werden deze praktijken echter ernstig aan banden gelegd onder groene druk. Ecologisten beklaagden zich erover dat de gecontroleerde kaalslag negatieve gevolgen zou hebben voor de “fragiele ecosystemen” en vonden met hun wereldvreemde theorieën gehoor bij het beleid.

Protest van de boeren en zeer duidelijke waarschuwingen van gespecialiseerde brandbestrijders werden genegeerd. Een Australische boer kreeg zelfs een boete van 100.000 pond omdat hij toch de ‘bush’ rond zijn huis had afgebrand. Een jaar later ging de hele regio in de vlammen op. Slechts één boer werd gespaard: zijn boete bleek een goede investering.

Overal in Australië konden plantaardige brandversnellers welig tieren. De gevolgen van het groene fanatisme zijn vandaag zichtbaar. Het is bepaald wraakroepend dat precies vanuit ecologistische hoek met een beschuldigende vinger naar klimaatverandering wordt gewezen.

De onzin regeert

Het totale gebrek aan achtergrondinformatie over de Australische branden in onze media en het belachelijke gemak waarmee een complex gegeven wordt gekoppeld aan klimaatverandering zeggen opnieuw veel over de belabberde staat van het debat over dat laatste. Branden zijn natuurlijk spectaculair en het is normaal dat de media er veel aandacht aan besteden. Wie echter de indruk geeft dat bosbranden over de hele wereld toenemen, misleidt. Wie zonder grondige studie een oorzakelijk verband legt tussen natuurrampen en klimaatverandering, is een charlatan.

Eén ongeïnformeerde stem klonk vorige week wat luider dan de rest: die van acteur Russel Crowe. Deze inwoner van Australië liet er zondag in een boodschap op de uitreiking van de Golden Globes geen misverstand over bestaan: de branden waren het gevolg van klimaatverandering. De geloofsbelijdenis van Crowe en de prachtig gespeelde droefheid over de bosbranden vanwege andere acteurs maakten geen indruk op een nog radicalere collega die op het evenement het woord kreeg: Joaquin Phoenix noemde zijn collega’s hypocrieten die veel te weinig deden voor het klimaat. Het opbod van deugdvertoon onder filmsterren kan ongenadig zijn.

Ik vergeef het Crowe. De man man die zo schitterde als Maximus Decimus Meridius in Gladiator mag van mij al eens klimaatonzin verkopen. Het hoort tegenwoordig bij de beroepsvereisten. Op termijn komt de waarheid over klimaatverandering wel naar boven, Russel, “in this life or the next”.