Ook al was Afrika later, het kreeg ook met het coronavirus te maken. Voor Zuid-Afrika stond de teller deze dinsdag officieel op 2415 gevallen en 27 doden. En hoewel de aandacht vanzelfsprekend in de eerste plaats naar de pandemie gaat, zijn er in Zuid-Afrika ook heel wat speculaties over de gevolgen ervan op het land en de positie van president Ramaphosa zelf.

Grendelstaat

De eerste berichten over de pandemie in Zuid-Afrika bereikten ons via het nieuws van 184 Zuid-Afrikanen die na weken treuzelen op 9 maart (vier dagen nadat het eerste geval in Zuid-Afrika was geconstateerd) uit China terugkeerden en prompt in een afgelegen luxehotel in de noordelijke provincie Limpopo in quarantaine werden geplaatst. Intussen zijn ze allen naar huis mogen terugkeren.

Maar dit kon de pandemie niet tegenhouden. Sinds midden maart zijn de scholen gesloten en op 26 maart werd voor een periode van 21 dagen, en intussen verlengd tot eind april, de ‘grendelstaat’ (Afrikaans voor lockdown) ingesteld. Dat betekende dat de grenzen met inbegrip van de vliegvelden dichtgingen en men enkel nog het huis mocht verlaten om voedsel te kopen. Ook hier moesten alle winkels sluiten met uitzondering van supermarkten, apotheken, tankstations, e.d. Hierbij ontstonden wel eens absurde toestanden, waarbij bijvoorbeeld in een en dezelfde supermarkt alleen voedingswaren toegankelijk bleven, maar de rest afgesloten werd.

Om dit alles kracht bij te zetten, werden tevens (tot 26 juni) 2.820 militairen ingezet. Vraag is echter in welke mate dit allemaal kan worden afgedwongen in de zwarte woonbuurten (townships), waar de bevolkingsdichtheid hoog oploopt. Men denke alleen maar aan de plannen van hogerhand om de Zuid-Afrikanen op grote schaal op corona te testen. Intussen zijn al duizenden personen gearresteerd die de beperkende regels overtraden. Maar de vrees bestaat dat dit alles wel eens tot grootschalig geweld kan leiden, zeker als men de inperking nog met meerdere maanden zou verlengen. Nu al worden politie en leger ervan beschuldigd brutaal op te treden. Er zouden zelfs al minstens acht doden zijn gevallen.

Economische ramp

En dan zijn er natuurlijk de gevolgen. Dit jaar wordt een inkrimping van de economie met 5 tot 7 procent voorspeld. Volgens de reservebank zou het begrotingstekort 10 procent van het BBP gaan belopen, wat te vergelijken is met de situatie tijdens de twee wereldoorlogen. Vooral de kleine en middelgrote ondernemingen zouden hierbij het gelag betalen. Maar er is meer. Moody’s Investors Service plaatste onlangs Zuid-Afrika in de categorie van rommelstatus. Na drie jaren soepel te zijn geweest, volgt Moody’s het oordeel van de twee andere belangrijke kredietbeoordelaars, Standard & Poor en Fitch Ratings, die reeds in april 2017 de duim naar beneden hielden. De hoop van verscheidene economen dat men – gelet op de coronapandemie – tot november zou hebben gewacht om een oordeel te vellen, is dus ijdel gebleken.

Volgens Moody’s liggen vooral het zwakke vertrouwen en de beperkte investeringen aan de basis van hun quotering. Daarbij wordt onder meer verwezen naar de onzekerheid geschapen door de plannen tot onteigening van gronden zonder vergoeding. Ook zou de Zuid-Afrikaanse regering niet over voldoende geld beschikken om de economie naar behoren te laten draaien. Daarbij wordt de situatie nog bemoeilijkt door de problemen met de elektriciteitsvoorziening (Eskom) en de naweeën van de corruptie en het zwakke beheer van de staatsondernemingen onder Zuma. En dan zijn er de problemen op de arbeidsmarkt. Zo bestaat er bij Moody’s twijfel of de staat op de salarissen zal kunnen snoeien. Voeg daarbij de politieke risico’s en spanningen in het land door de blijvende maatschappelijke ongelijkheid en de regelmatig weerkerende droogtes, ook al worden deze laatste verzacht door de gesofisticeerde landbouw.

Kortom, omwille van al deze problemen en de pandemie voorspellen economen dat 400.000 tot een miljoen mensen hun job zouden kunnen verliezen. En het werkloosheidscijfer in Zuid-Afrika verdriedubbelde al sinds 1994. Alhoewel de piek van de epidemie pas in juni of later wordt verwacht, zijn er daarom nu al pleidooien om vanaf mei de beperkende maatregelen geleidelijk te verzachten, waarbij men vooral de situatie van de meest kwetsbaren in het oog zou houden tot een vaccin ontwikkeld is.

Ramaphosa spreekt Zuid-Afrika toe

Ramaphosa: nu of nooit?

De coronacrisis heeft nog meer gevolgen. Zo werd de vergadering van het NGC, de nationale raad van het ANC, die normaal een tussenbalans maakt van het beleid in het midden van een regeertermijn, verdaagd. Ook bij de Democratische Alliantie, de voornaamste oppositiepartij, werden alle komende samenkomsten, waaronder de voorzittersverkiezingen, uitgesteld. Hetzelfde lot ondergingen 26 tussentijdse verkiezingen voorzien in de volgende twee maanden. Mogelijk worden zelfs de stads- en gemeenteraadsverkiezingen van mei 2021 naar een latere datum verschoven.

Maar ook voor Zuid-Afrika’s leider, Cyril Ramaphosa, betekent de huidige situatie een uitdaging. Het biedt hem immers een unieke kans om zijn presidentschap te consolideren. Volgens onafhankelijk commentator Theuns Eloff toonde Ramaphosa sterk leiderschap en was hij zelfverzekerd, zonder in arrogantie te vervallen. Vanzelfsprekend maakt de president gebruik van de situatie om het eenheidsgevoel onder de Zuid-Afrikanen in de hand te werken. In dat kader kondigde Ramaphosa aan dat hijzelf, zijn kabinetsleden en de negen provinciale premiers gedurende drie maanden een derde van hun loon in een solidariteitsfonds zouden storten. Ook professor Jo-Ansie van Wyk had het over het zelfvertrouwen van de president en was positief over de eenvoudige taal die hij gebruikte toen hij zich tot de bevolking richtte. Maar van Wyk hekelde wel de “vele retoriek”. Daarnaast wees ze erop dat de regering weliswaar hard aan dienstverlening wil werken, maar dat dit in feite neerkomt op een inhalen van de taken die ze de laatste 25 jaar heeft verwaarloosd.

Racistische coronamaatregel

En terwijl Eloff van mening is dat Ramaphosa dus veel kans heeft om ongeschonden uit de vergadering van de nationale raad van het ANC (als die zou doorgaan) te komen, zijn er wel een aantal zaken die als een molensteen rond zijn nek blijven hangen. Ondanks alle kritiek op de apartheidspolitiek, blijft het ANC zelf raciaal denken. Zo konden aanvankelijk alleen die kleine en middelgrote ondernemingen in moeilijkheden staatshulp verkrijgen als ze voor minstens 51 procent in zwarte handen waren. Een clausule die duizenden bedrijven zou uitsluiten. Na protesten werd dit eerst als fopnieuws afgedaan. Maar achteraf verzekerde de minister van Toerisme, een sector die uiteraard in Zuid-Afrika zwaar getroffen wordt, dat in haar departement de regel zou worden toegepast. Dit stuitte niet alleen op kritiek van de Democratische Alliantie en het Vrijheidsfront Plus, burgerrechtenbeweging Afriforum kondigde reeds aan de zaak voor het gerecht te zullen brengen.

En dan zijn er de overheidsdiensten die belabberd functioneren en die nu de coronacrisis zouden moeten opvangen. De verrotting zit zelfs tot op het hoogste niveau. Zo vertelde Lindiwe Zulu, minister van Sociale Ontwikkeling, al lachend op de sociale media dat zij nu eens lekker kon gaan winkelen. En hoewel de maatschappelijke diensten meer dan nodig zijn, zijn haar maatschappelijke werkers nu juist niet beschikbaar. Ze vond er immers niets beters op om – onder het mom besmetting tegen te gaan – centra voor verzorging, kindertehuizen en opvangplaatsen voor daklozen te sluiten.