“Terugkeren? Ik heb het hier perfect naar mijn zin.” Nu zeven jaar geleden ruilde Luc Van Braekel België in voor Austin, de hoofdstad van “Lone Star State” Texas. Van Braekel ontwikkelde er zijn eigen softwarebedrijf. Maar u kent hem waarschijnlijk beter van de succesvolle politieke blog lvb.net, die voor de opkomst van Facebook toonaangevend was in Vlaanderen. Tot Van Braekel naar Amerika verhuisde, kon u op lvb.net terecht voor artikels en debatten over vrijheid van meningsuiting, liberalisme en Belgische politiek.

De geboren West-Vlaming is een onversneden Amerikaliefhebber. “In Texas bestaat er niet zoiets als een belasting op je inkomsten. En de weinige belastingen die er wel zijn, worden gebruikt voor nuttige zaken als wegenonderhoud.” De keuze voor Texas is dan ook bewust. De overtuigde liberaal Van Braekel noemt zichzelf ‘een atlanticus’, een politieke soort die een voorstander blijft van een innige militaire en politieke band tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten.

Eerst de actualiteit: hoe kijkt u aan tegen de aanpak van het coronavirus in de VS?

In een uitgestrekt land als de VS, met 330 miljoen inwoners, moet je zoveel mogelijk decentralisatie toelaten. Je zit enerzijds met de tegenstelling tussen dichtbevolkte grootsteden als New York en zeer dunbevolkte gebieden als Wyoming. Anderzijds zit je met regio’s die cultureel sterk op conformisme en maatschappelijke cohesie gericht zijn, zoals het noordwesten, terwijl in het westen of in het Appalachengebergte de bevolking sterk vasthoudt aan individuele vrijheid en zelfredzaamheid.

Het lijkt mij logisch dat je niet alleen inzake de bestrijding van het coronavirus, maar ook inzake andere controversiële onderwerpen, zoals de wapenwetgeving of de sociale zekerheid, rekening houdt met de geografische diversiteit en zoveel mogelijk bevoegdheden bij de staten laat, en binnen uitgestrekte staten ook veel bevoegdheden delegeert naar kleinere niveaus. Ter illustratie: Mitt Romney heeft in 2006 als Republikeinse gouverneur van Massachusetts een hervorming van de sociale zekerheid van de staat doorgevoerd, die later model stond voor de federale invoering van Obamacare. Welnu, Romneycare wordt door vriend en vijand geroemd als een succes, terwijl Obamacare omstreden blijft. Zo zie je dat wat in één staat werkt, niet noodzakelijk in de hele VS lukt.

Is er een verhouding of gradatie tussen de coronamaatregelen die door verschillende beleidsniveaus opgelegd worden?

Wat de lockdowns ter bestrijding van het coronavirus betreft, heeft de regering-Trump het initiatief overgelaten aan de staten. Sommige staten, zoals Texas, hebben het initiatief verder gedelegeerd naar de counties, die je zou kunnen vergelijken met de arrondissementen in België. In de praktijk zie je dan dat de dichtbevolkte grootstedelijke gebieden vrij strenge lockdown-maatregelen afkondigen, vergelijkbaar met de Belgische, terwijl rurale gebieden het houden bij raadgevingen aan de bevolking. Wel opvallend: nog voor het afkondigen van de lockdown-maatregelen in Austin, zag je al een sterk verminderd bezoek aan bars en restaurants en verlaten straten. Mensen pasten hun gedrag zelf aan, zonder dat daar een bevel van de overheid voor nodig was. Veel werkgevers lieten hun personeel al van thuis uit werken nog voor dat van overheidswege verplicht werd.

Recent heeft Trump aangekondigd dat hij het intiatief voor het opheffen van de lockdowns federaal wil nemen. Dat kan paradoxaal lijken: de lockdowns werden sterk decentraal opgestart en zouden nu federaal beëindigd worden. Een cynicus zou kunnen zeggen dat Trump het slechte nieuws door de gouverneurs liet aankondigen, maar hij het goede nieuws uit electorale overwegingen zelf wil uitbazuinen. Zo eenvoudig is het echter niet. Het einde van de lockdowns zal meteen ook bijkomende financiële steunmaatregelen voor de economie, voor de staten en voor de steden inhouden. En de federale overheid heeft nu eenmaal via de schatkist en via de centrale bank veel meer mogelijkheden om hiervoor geld vrij te maken, of zeg maar: bij te drukken. En daardoor kan de federale overheid ook allerlei eisen koppelen aan die steun. Maar zelf zou ik liever zien dat ook het beëindigen van de lockdowns sterk decentraal kan gebeuren, afhankelijk van de reële omstandigheden, het aantal besmettingen, de beschikbare ziekenhuisinfrastructuur enzovoorts.

Is er een soort samenwerking tussen verschillende staten om hun positie te versterken tegenover het federale niveau?

Een heel interessant fenomeen als reactie tegen de aankondiging door Trump over het federaal naar zich toetrekken van het einde van de lockdown, is het tot stand komen van samenwerkingsblokken tussen staten. Het gaat meestal om staten die bestuurd worden door Democraten en die nu front willen vormen tegen Trump door bij elkaar aan te schurken. Aan de Westkust hebben Washington, Oregon en Californië samen het “Western States Pact” gevormd, in het noordoosten is de “Multi-State Council” gevormd met New York, Pennsylvania en Massachusetts als zwaarste kleppers, en in het Midwesten is het “Midwestern Partnership” tot stand gekomen. Het grote gebied daartussen, hoofdzakelijk Republikeins bestuurde staten, blijft vertrouwen op de federale overheid. Ik ben benieuwd hoe dit de komende maanden zal evolueren, en ik vraag me af of die samenwerkingsverbanden op termijn ook op andere vlakken dan de coronacrisis bevoegdheden zullen bundelen.

U noemt uzelf een overtuigd atlanticus, een voorstander van een hecht bondgenootschap tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie. Wat betekent atlantisme vandaag nog?

Europa en de Verenigde Staten zijn nog altijd bondgenoten en moeten dat ook blijven. Maar ik volg wel wanneer men zegt dat de steun voor het Atlantische bondgenootschap, en de VS in het bijzonder, afneemt in Europa. Ik vind dat een spijtige evolutie. Dat heeft echter meerdere oorzaken. Voor de val van het ijzeren gordijn koos de politieke linkerzijde in Europa vaak partij voor de Sovjetunie. Hun voorkeur voor een socialistisch of communistisch model leidde hen ertoe om zich tegen de strategische tegenstrevers van het communistische machtsblok te keren, en dat waren de VS en de NAVO. De rechterzijde in Europa verbond zichzelf dan weer met de Verenigde Staten. Ik merk dat de Europese rechterzijde vandaag steeds vaker sympathie heeft voor Rusland en Poetin. De voornaamste reden waarom ik dat geen goede evolutie vind, is dat de grote politieke modellen buiten Europa en de VS – zoals Rusland en China – nog altijd autoritair bestuurde staten zijn. In die zin kunnen die landen geen politieke bondgenoten, noch rolmodellen zijn voor Europa.

Het Rusland van Vladimir Poetin voert via media als Russia Today en Sputniknews een subtiele en succesvolle propagandaoorlog. Het Russische wereldbeeld, gebaseerd op christelijke waarden, volkssoevereiniteit en een multipolaire wereld is voor heel wat mensen in het Westen een verleidelijk alternatief voor een eerder uitgeleefd NAVO-bondgenootschap.

Wat u een ‘multipolair wereldbeeld’ noemt, dat door Rusland zou voorgestaan worden, zou ik eerder duiden als een mix van revisionisme en revanchisme. Beide termen verwijzen naar het einde van de Koude Oorlog, die door het Westen werd gewonnen. Na de Koude Oorlog stuurden Russische leiders als Gorbatsjov en later ook Jeltsin aan op verbeterde relaties met het Westen. Op een zeker moment was er onder Jeltsin zelfs sprake van dat Rusland lid zou worden van de NAVO. Onder Poetin is er op een bepaald ogenblik een keerpunt gekomen, een herijking van de politiek ten opzichte van het Westen. We kunnen dat keerpunt situeren in 2007 op de Veiligheidsconferentie in München. Daar hield Poetin een vrij schokkende toespraak waarin hij de dominante positie van de VS in de wereld verwierp en het unipolaire wereldmodel uitdaagde. Dat was een duidelijk revisionistisch keerpunt. Dat revisionisme komt neer op een verwerping van de huidige wereldorde. Revanchisme slaat op de concrete pogingen van Rusland om zijn afgekalfde invloedssfeer te herstellen. De militaire interventies in Georgië, Oost-Oekraïne en de Krim, en in mindere mate in Syrië, zijn daar een voorbeeld van.

Is het afbrokkelen van steun voor de NAVO niet ook te wijten aan het gegeven dat – terwijl de VS en enkele NAVO-landen het verzet tegen het Syrische regime steunden – islamisten tegelijkertijd zonder veel moeite aanslagen konden plegen in Europa?

Ook daar denk ik dat de perceptie meer meespeelt dan reële, valide argumenten. De vluchtelingen uit Syrië zijn zowel op de vlucht voor het regime van Bashar al-Assad, als voor de Russische bombardementen die tot doel hebben het Assad-regime in het zadel te houden, als voor islamistische groeperingen. Het is dus een samenspel van omstandigheden.

Europese landen hebben de fout gemaakt om Syriëstrijders zonder problemen te laten vertrekken, zonder dat men er bij stilstond dat die mensen in Syrië zodanig opgeleid en geïndoctrineerd zouden worden door de islamisten, dat ze bij terugkeer een gevaar konden vormen voor onze eigen veiligheid. Maar wat doe je eraan? We leven in vrije landen. Als ingezetene mag je je land nu eenmaal verlaten en mag je terugkeren. Ten tijde van de Spaanse burgeroorlog gingen Belgen ook in Spanje vechten, of dat nu mocht of niet…

Met zijn strategische interventie in Syrië en zijn hulp aan het Syrische regime heeft Rusland wel bewerkstelligd wat democratische landen niet konden, namelijk islamistische groeperingen verslaan en Syrië stabiliseren.

Dat weet ik nog zo niet. Vergeet niet dat het regime van de Syrische president Bashar Al-Assad altijd een bondgenoot is geweest van Iran. Iran en Hezbollah vormen een reële bedreiging voor Israël, nog altijd een belangrijke bondgenoot van de VS. Assad heeft het gevaar voor Israël nooit willen indijken. Daarom dat de VS het regime van Assad initieel wilden verzwakken door steun te verlenen aan soennitisch-islamitische groeperingen in Syrië.

Ziet u dat onder Donald Trump veranderen?

Trump is een fenomeen van voorbijgaande aard. De reden waarom een deel van de rechterzijde flirt met Rusland is voor mij ook eerder de nalatenschap van de vorige president, Barack Obama. Obama was erg links voor een Amerikaans president. Die kritiek begrijp ik. Voor een flink deel van de Amerikaanse rechterzijde was hij echter ook ‘te zwart’. Een deel van de rechterzijde heeft geprobeerd om zijn imago en positie te ondermijnen, door bijvoorbeeld de samenzweringstheorie te lanceren dat Obama niet in de VS geboren zou zijn, waardoor hij geen president mocht zijn.

Je zou kunnen stellen dat een deel van de rechterzijde in Europa zich van de VS heeft afgekeerd door zich te laten meeslepen door die anti-Obama gevoelens, terwijl de linkerzijde zich nu van de VS afkeert omwille van het nationalisme en de demagogie van Trump. Maar meer in het algemeen zie ik in Europa iets wat ik ‘latent visceraal antiamerikanisme’ noem, een meer op emoties dan op ratio gestoelde afkeer van Amerika. Soms is het ook een middel om de eerder zwakke Europese identiteit te bevestigen, niet door eigen waarden voorop te stellen, maar door zich af te zetten tegen die bondgenoot die het meest op Europa gelijkt, maar toch een tikkeltje anders is, en als te dominant wordt aangevoeld. Dat latente, emotionele antiamerikanisme zoekt in de dagelijkse actualiteit naar concrete ankerpunten om zich te versterken. De Franse filosoof Jean-François Revel heeft dat proces uitvoerig beschreven in zijn boek “De Anti-Amerikaanse Obsessie”.

Heeft de NAVO nog een toekomst na Trump?

Een van mijn kritieken op Donald Trump is dat hij altijd zijn bondgenoten uitkaffert, maar zacht is voor Vladimir Poetin. Dat uitkafferen van bondgenoten kwam een aantal keren pijnlijk naar boven tijdens NAVO-toppen. Trump heeft zeker een punt dat Europese landen meer moeten bijdragen tot de NAVO, maar hij gebruikt de verkeerde argumenten. In zijn retoriek stelt Trump het voor alsof de NAVO-lidstaten de VS moeten betalen voor bescherming. In werkelijkheid gaat het gewoon om het naleven van de afspraken om 2% van het BBP aan defensie te besteden. Daar zitten de lonen van de militairen in eigen land, het onderhoud van kazernes en nog een heleboel andere uitgaven in, die in essentie terugvloeien naar de eigen economie.

Uiteraard heeft de NAVO nog een toekomst, zeker zo lang als Poetin en zijn opvolgers hun revisionistische en revanchistische koers blijven varen. Feit is dat de Baltische staten zich bedreigd voelen door Rusland en dat er veel Russische troepen aan de grenzen met de Baltische staten gestationeerd zijn. Dat is een gegeven waar je niet naast kan kijken. Dat gegeven vind ik al voldoende om de NAVO te laten voortbestaan.

Welke rol heeft de militaire macht van de VS in de toekomst nog buiten de NAVO?

Militaire macht wordt altijd breder politiek geduid dan ze is. Voor mij is de militaire macht van de Verenigde Staten een waarborg voor de veiligheid van Europa. Dat is het positieve eraan. De voormalige Amerikaanse president Teddy Roosevelt (1858-1919) zei altijd: “Speak softly, but carry a big stick.” Ik zou daaraan willen toevoegen: “And use it sparingly.” Met die militaire macht moet spaarzaam omgegaan worden.

Is het zinvol dat de VS zich nog engageren in langdurige oorlogen?

De invasie van Irak door de VS en de daaruit voortvloeiende oorlog in dat land, was achteraf gezien een strategische blunder. Je moet echter de context bekijken. Er speelde in 2003 heel veel mee: er was het verhaal van de massavernietigingswapens, dat achteraf fout bleek te zijn, maar evenzeer de veiligheid van de staat Israël en de machtsstrijd in de soennitische wereld tussen Saoedi-Arabië en Irak. Men had toen dus wel degelijk argumenten om het Saddam-regime ten val te brengen. De militaire invasie was een succes, de daaropvolgende poging om een stabiel democratisch regime tot stand te brengen in Irak was een mislukking.

Die big stick is achteraf gezien te lichtzinnig gebruikt. En dát heeft ertoe bijgedragen dat sommigen de VS als een trigger-happy militaire macht beschouwen die de wereld destabiliseert in plaats van stabiliseert. Zelf zie ik dat zo niet, maar ik vind het Irak-avontuur wel een argument om de militaire macht eerder in te zetten voor kortstondige strafexpedities dan voor langdurige oorlogen zoals in Afghanistan, of langdurige bezettingen zoals in Irak. Het recente uitschakelen van Qassem Soleimani in Bagdad en de raid om Bin Laden uit te schakelen in Abbottabad zijn voorbeelden van geslaagde, kortstondige strafexpedities.

Wat is uw grootste kritiek op de Verenigde Staten van Amerika?

Ik ben pro-Republikeins, maar hou niet van het religieuze fundamentalisme bij een deel van de Republikeinen. Ik ben Republikeins omdat ik van zelfredzaamheid hou, om sociaaleconomische redenen dus. De Democraten willen het sociaal model in de VS meer naar het Europees model richten en daar ben ik geen voorstander van.

Als je het los van de partijen bekijkt, dan heb je in de VS momenteel drie grote denkrichtingen. Je hebt een stroming die tegen overheidsinmenging in de economie is: de vrijemarktdenkers. Een tweede groepering is de religieus-fundamentalistische, en die krijgt zichtbaarheid in de strijd tegen euthanasie en abortus. Met succes, want euthanasie is gewoonweg geen issue in de Verenigde Staten. De derde politieke factor is de social justice-beweging, die momenteel aan een opmars bezig is en die elementen van het Europese socialisme hanteert, gecombineerd met ‘identity politics’ gericht op een eindeloze reeks minderheidsgroepen. Op hun eentje zouden de vrijemarktrepublikeinen het niet kunnen opnemen tegen die ‘social justice’-groep, en daarom is er binnen de Republikeinse partij eigenlijk een soort bondgenootschap tussen vrijemarktaanhangers en religieuzen. Dat is ook wat ik verkies, want ik beschouw collectivisme als een grotere bedreiging dan religie.

Zowel bij de Democraten als bij de Republikeinen zijn de extreme vleugels alleen maar toegenomen. Vroeger konden de Republikeinen de religieuze fundamentalisten aan hun partij binden en er toch voor zorgen dat de fundamentalistische invloed op het beleid beperkt bleef. Hetzelfde bij de Democraten met de ‘social justice warriors’ en de socialisten: de invloed bleef beperkt.

Ontleent u uw liberalisme aan Ayn Rand, de Amerikaanse filosofe die een objectivistische visie op het liberalisme heeft geschapen in haar romans “The Fountainhead” en “Atlas Shrugged”?

“Atlas Shrugged” is utopisch in zijn aanklacht tegen collectivisme, maar predikt wel een economisch separatisme, en dat is geen oplossing. Ik vind niet dat Ayn Rand in dat boek een bruikbare blauwdruk voor een samenleving voorstelt. Ze klaagt er wel goed aan wat er fout is met het collectivisme. Net als ik hangt Ayn Rand het ‘minarchisme’ aan: ze verwerpt de overheid niet volledig, maar ziet nog een rol weggelegd voor een slanke, minimale overheid bij het waarborgen van interne en externe veiligheid en een rechtssysteem dat over de correcte uitvoering van contracten waakt.

“The Fountainhead” vind ik een interessanter boek. Het illustreert hoe creatieve individuen kunnen overleven in een hen vijandige samenleving. Het gaat meer over mentale vrijheid dan over maatschappelijke vrijheid. Maar ook dat boek geeft geen pasklare oplossing voor een samenleving. Als het gaat over een concrete maatschappelijke en politieke invulling van liberalisme, dan vind ik de ideeën van Friedrich von Hayek en van Milton Friedman interessanter en bruikbaarder dan die van Ayn Rand.

Christophe Degreef