Al twee keer hoorde ik Danny Verstraeten op VTM aan viroloog Van Ranst de vraag stellen of we voor de economie of voor de gezondheid moeten kiezen. Wat dacht hij dat het antwoord ging zijn?

In het begin was er nonchalance, ook bij mij. We lieten onze houding leiden door de experten die ons geruststelden. “Straf dat mensen ongerust zijn over het coronavirus, maar niet over de griep die dit jaar weer een paar honderd doden zal maken”, vermaande de nu bewierookte Marc Van Ranst ons nog op 23 januari. Hij werd daarin gevolgd door die andere expert die we nu zo vaak zien, klinisch bioloog Herman Goossens, die toen zei dat Covid-19 “minder agressief” is dan het SARS-virus van 2013 en ons geruststelde over de Europese paraatheid om er mee om te gaan.

Hoelang nog?

Wanneer de ernst doordrong, kwamen paniek en emotie. Er werden een hele reeks maatregelen afgekondigd die, hoewel nogal ongericht, het virus ongetwijfeld hebben vertraagd en, door de ondertussen bekende “afvlakking van de curve”, het zorgsysteem tijd hebben geschonken. Het begint er steeds meer naar uit te zien dat de intensieve zorg niet in Italiaanse of Spaanse toestanden zal terechtkomen. De meeste experten verwachten de piek binnen dit en een week.

En daarna? De huidige maatregelen zijn verlengd tot 19 april, maar Van Ranst verwacht dat ze daarna tot 3 mei zullen verlengd worden. Het is onwaarschijnlijk dat het virus dan zal verdwenen zijn. Wat dan? Wordt er aan een exit-strategie gewerkt?

De omslag van zorgeloosheid naar paniek heeft het debat in handen gelaten van virologen en aanverwanten. Hun raad neigt in de richting van maatregelen die hen achteraf het minst verwijten kunnen opleveren; dat wil zeggen de meest drastische. Ze zullen ook hun initiële inschattingsfout willen overcompenseren. Dat is menselijk. Maar we moeten toch stilaan ook durven de vraag stellen op welk moment de schade die door de maatregelen wordt aangericht groter zal worden dan de schade die ze pogen te vermijden.

Centen versus mensen

Nederlands onderzoeker Ira Helsloot ontdekte dat de coronabestrijding honderd keer meer kost per “gewonnen levensjaar” (de extra levensjaren die een patiënt gemiddeld krijgt door medische zorg) dan in de normale zorg. Die kille, maar pertinente rekensom leverde moraliserende reacties op. “De rekening, die maken we achteraf”, zegt Yvonne Denier, professor ethiek.

In het publieke debat durven degenen die zich zorgen maken over de economie en een ontsporende begroting zich nog niet te fel roeren. Ze weten dat ze in het huidig klimaat het odium over zich zullen krijgen “centen boven mensen” te kiezen. Het is nog te vroeg om op te merken dat onze samenleving bepaalde risico’s accepteert, ook degene die sterfgevallen meebrengen. De wintergriep doodt in België elk jaar 1.000 mensen zonder dat we ooit overwogen hebben het sociale leven in die periode tot stilstand te brengen. De stijgende groepsimmuniteit zal ook Covid-19, hopelijk spoedig, tot een aanvaardbaar risico terugbrengen.

De mensen met centen stellen het goed

Degenen die het debat herleiden tot een keuze tussen mensen en centen, moeten beseffen dat degenen die centen hebben op dit moment het minste lijden.Speculanten hebben zelfs goed verdiend aan de beurscrash. De bankiers maken zich ook nog niet te veel zorgen. De welstellenden doorstaan hun quarantaine in betere huizen, met grotere tuinen, in een omgeving met veel mogelijkheden om in de natuur te fietsen en te wandelen.

De minderbegoeden zitten nu opgehokt in kleine, veel minder aangename flats en huisjes. Het zijn ook meestal gezinnen die minder digitaal ingesteld zijn en moeilijker tijdverdrijf vinden. Zij zullen ook als eersten de financiële gevolgen van een recessie dragen.

Depressie

Hoeveel horeca-eigenaars zijn op dit moment failliet aan het gaan? Hoeveel mensen verliezen hun werk omdat bedrijven overkop gaan? Degenen die zichzelf op een moraliserende sokkel plaatsen door te zeggen dat ‘de economie’ nu even niet van belang is, vergeten de menselijke drama’s die zich voordoen wanneer ‘de economie’ een te zware slag krijgt.

Een recessie staat nu al vast. Onder economen leeft de vrees dat we naar een regelrechte depressie gaan.

Een goede gezondheidszorg kan alleen gebouwd worden op sterke economische fundamenten. In tegenstelling tot de regering, hebben onze ziekenhuizen prachtige prestaties geleverd, als een gedrild leger in oorlogstijd. Maar we moeten die zorg wel kunnen blijven betalen. Zeker het afschermen van de huidige achilleshiel van de zorgsector, het tekort aan verpleegkundigen, zal geld kosten.

De andere kosten

Onderschat de kost niet van sociaal isolement op alleenstaanden. Of de gevolgen van gedwongen opsluiting in gespannen gezinssituaties. Heel wat landen maken melding van een toename van het partnergeweld. De spanningen tussen vier muren treffen ook kinderen. “Ouders krijgen te kampen met stress en hebben opeens zorgen over bijvoorbeeld hun baan. Dat werkt kindermishandeling in de hand”, zegt Iva Bicanic, hoofd van het Landelijk Psychotraumacentrum van Utrecht.

In Nederland zijn al 40 procent van de ziekenhuisafspraken van niet-coronapatiënten afgezegd omdat mensen het huis niet willen verlaten of vrezen toch geen behandeling te krijgen. Ook bij ons worden diagnoses gemist en operaties uitgesteld. “Dat gaat vermoedelijk meer levens kosten dan de coronacrisis”, zegt hoogleraar cardiologie Jan Piek van het Amsterdam UMC. Ook de psychiatrische zorg draait op een laag pitje. Ook dat zal niet zonder gevolgen blijven in de nabije toekomst.

Dit is geen pleidooi om de maatregelen die nu gelden onmiddellijk af te bouwen. Maar het wordt tijd om het debat niet langer te laten monopoliseren door de virusexperten. Ook andere dokters, psychologen, economen en allen die een zicht hebben op de andere zijde van de medaille moeten nu aan het woord komen om een geleidelijke exit-strategie voor te bereiden.