Het heeft lang geduurd, maar nu heeft de Vlaamse pers ook door dat de Franstaligen het op minister van Volksgezondheid Maggie De Block gemunt hebben. Hun kritiek is grotendeels terecht. Al zit er ook een radicaal-linkse agenda achter. Dat maakt het des te verbazender dat de links-liberale De Block nu plots het doelwit is.

“Nog een dramaqueen.” Dat tweette federaal minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open Vld) begin maart als antwoord op de waarschuwingen van de Luikse arts Philippe Devos. Die stelde dat het coronavirus meer was dan een gewone griep en die veel doden voorspelde. Devos is de voorzitter van de Franstalige vleugel van de artsenbond en is ondertussen ook besmet met het coronavirus. Het was niet de eerste keer dat De Block zich op een hautaine en arrogante manier uitliet over medische experts.

Mexicaanse griep

In Vlaanderen heeft men het te laat opgemerkt, maar al snel verloor de Merchtemse alle geloofwaardigheid bij de Franstalige pers, opiniemakers en publieke opinie. De vaudeville rond het tekort aan degelijke mondmaskers maakte alles nog erger. De groep Sudpresse, nooit verlegen om de nodige sensatie, deed er vaak nog een schepje bovenop. De laatste tijd was de kritiek wel terecht. Zo ging men een gepensioneerde beroepsmilitair interviewen die op de hoogte was van de opslagplaats van miljoenen mondmaskers die goed tien jaar geleden, ten tijde van de Mexicaanse griep, waren besteld. Een voorraad die een aantal jaar geleden vervallen bleek en daarom onder het ministerschap van Maggie De Block vernietigd werd. Alleen waren het de elastieken die vervallen waren. De maskers zelf werden in een Naamse kazerne goed bewaard. Komt er nog bij dat de vernietiging van de voorraad paste in een strategie om plaats te maken in de kazerne voor de opvang van asielzoekers. We hoeven hier niet te vermelden dat de reacties op sociale media niet min waren.

Le Soir schakelde vorige week donderdag een versnelling hoger. Christelle Scohy, Anthony Demolin, Marie-Blanche Monaux. Of het nu om een arts, apotheker, verpleegster of zorgkundige ging… Allemaal uitten ze breed uitgesmeerd op de krantenpagina’s hun ongenoegen over het beleid van Maggie De Block. Te weinig tests, te weinig mondmaskers en beschermend materiaal en een rampzalige communicatie. Het feit dat ze nu al een tijd enkel vanuit haar praktijk in Merchtem commentaar geeft op de gebeurtenissen zorgt voor ergernis. Aan Franstalige kant wil men De Block weg.

Kritiek

Een groot deel van de kritiek is terecht.  In Vlaanderen lijkt de Open Vld-politica nog op enig krediet te kunnen rekenen ondanks haar geknoei. Men moest het in de Franstalige kranten toegeven: in Vlaanderen is de minister van Volksgezondheid blijkbaar onaantastbaar. Al blijkt men daar ook te beseffen dat er voor De Block in een regering na de crisis geen plaats meer is.

De Franstalige kritiek op De Block werd in Vlaanderen lange tijd onderschat omdat er nog andere bronnen van ergernis zijn die verder gaan dan de coronacrisis. Voor een deel zijn dat de klassieke Waals-Franstalige argumenten. Het kabinet van De Block zou bijna uitsluitend uit Nederlandstaligen bestaan. Er zou te weinig overleg zijn met de Franstalige artsenverenigingen. En de heisa rond de RIZIV-nummers voor Franstalige artsen (daar lapt men de numerus clausus aan de Waalse en francofoon Brusselse laars) zou ook een rol spelen.

Socialistische mutualiteit

Al verklaart die communautair klinkende kritiek niet alles. De voorbije weken is duidelijk geworden dat De Block vanuit een links-radicale agenda wordt aangevallen. Een beetje bevreemdend, want de minister behoort niet direct tot de rechtervleugel van haar partij. Toch leest men aan Franstalige kant dat De Block op volksgezondheid een “Amerikaans” beleid wou voeren. Door fusies van ziekenhuizen. Door misbruiken in de overconsumptie van gezondheidszorg aan te pakken. Dat klopt inderdaad, maar dat betekent nog niet dat we hier met een geprivatiseerd Amerikaans systeem zitten.

Vooral vanuit de Franstalige socialistische mutualiteit kwam veel kritiek. Daar hoopt men na De Block opnieuw een minister te hebben die de geldkraan opendraait ten voordele van de ziekenfondsen. Want onder De Block zou er teveel bespaard zijn op de gezondheidszorg. Het is niet de bedoeling om de minister hier te verdedigen, maar de feiten tonen iets anders: onder Di Rupo stegen de reële uitgaven (boven inflatie) op jaarbasis met 1,9 tot 2,1 procent. Bij de regering-Michel was het afgezien van 2016 (1,7 procent reële groei gezondheidsuitgaven) altijd minstens 3 procent.