Praktisch gesproken zijn de gevolgen van de Amerikaanse terugtrekking uit het zogenaamde Open Skies-verdrag niet het grootste probleem van Europa. Wel de eigen zwakte ten aanzien van zowel Washington als overige actoren van betekenis. Het feit ook dat maar weinig in het werk wordt gesteld om deze situatie te verhelpen. Stilaan wordt om het met Stefan Zweig’s woorden te zeggen afscheid genomen van ‘die Welt von Gestern’.

De benaming (“Open Skies Treaty”, kortweg OST) mag dan al ergens de indruk wekken dat het over burgerluchtvaart gaat, maar schijn bedriegt. De kern van dit verdrag is op en top militair. Of moeten we zeggen ‘was’, want nu de VS er zich uit terugtrekken is de kans reëel dat het een lege doos wordt, voor zover het niet helemaal ten grave wordt gedragen.

Russisch njet

Maar laten we beginnen bij het begin, in deze de nadagen van de Tweede Wereldoorlog. De idee ontstond bij de toenmalige Amerikaanse president Eisenhower. Om een wapenwedloop tegen te gaan, zo redeneerde hij, moet er vertrouwen bestaan tussen de verschillende protagonisten, vooral dan de VS en de USSR. Tot op zekere hoogte toelaten dat men mekaar vanuit de lucht begluurt, zou hiertoe moeten bijdragen. Hij botste op een njet van Moskou en de idee verdween voor vele jaren in de kast, tot het er enkele presidenten later terug uitgehaald werd. De omstandigheden waren dan ook fundamenteel verschillend toen vader George Bush ermee voor de dag kwam. De Sovjetunie bestond niet meer en Rusland was nog maar een schim van wat het ooit was. In deze context lukte het wel en sinds 1992 is het OST een feit.

Liefhebbers kunnen er de 97 pagina’s tellende tekst op nalezen (makkelijk te vinden via Google), maar er even door grasduinen volstaat om zich een beeld te vormen van de complexiteit van wat afgesproken werd. Dat gaat van de types vliegtuigen over het aantal toegestane vluchten tot de soorten sensoren die gebruikt mogen worden. Maar het principe is op zich eenvoudig: vluchten moeten 72 uur op voorhand aangekondigd worden, en dan maar filmen, waarna de verkregen informatie tussen de meer dan 30 aangesloten landen gedeeld wordt.

Misbruiken

Het argument dat de Amerikaanse president Trump opwerpt om eruit te stappen klinkt herkenbaar in de oren. De Russen hebben vals gespeeld, stelt hij, en dus stopt het hier voor ons. Het klopt dat Rusland in het verleden een aantal restricties opgelegd heeft rond het overvliegen van Kaliningrad, het voormalige Koningsbergen, de thuisstad van Immanuel Kant, maar vandaag gedegradeerd tot een Russische enclave in het Balticum. Ook voor andere (net veroverde) gebieden vaardigde Moskou beperkingen uit, wat tegen letter en geest van het OST indruist. Er werden ook zaken opgelegd zoals het verplicht laten opstijgen vanop de Krim, wat de betekenis van een impliciete erkenning in zich draagt.

De Amerikanen hebben een punt als ze het ontbreken van enige meerwaarde van OST onderschrijven, toch wat hun positie betreft. Spionage is nu eenmaal een breed verhaal, waar de mogelijkheden die dit verdrag bieden slechts een beperkt onderdeel zijn. Satellieten kunnen veel gedetailleerder te werk gaan. Bovendien valt het gebruik ervan buiten het OST en hoeft de verkregen informatie met niemand gedeeld te worden. Anders geldt dit natuurlijk voor de overige bondgenoten (grotendeels NAVO-leden). Zij beschikken niet over de capaciteit van de VS, waardoor al hetgeen gebeurt in het kader van het OST, en dan vooral de Amerikaanse vluchten, net wel waardevolle informatie oplevert. Dit verdwijnt nu. Wat echter wel blijft zijn de Russische vluchten boven Europa.

Onafwendbaar einde

Of de OST überhaupt nog een toekomst heeft zal de komende maanden en jaren moeten blijken. Verschillende waarnemers trekken parallellen met de Iran-deal. Dat de VS eruit trokken, hoefde in se niet het einde van het akkoord te betekenen. Maar de facto werd het dat wel, alleen al door het Amerikaanse gewicht (of de Europese zwakte, zo u verkiest) in het verhaal en in het bijzonder door de disproportie tussen beide. Op zich is de Amerikaanse beslissing geen verrassing, of zou dat toch niet mogen zijn. De signalen dat de stap wel eens zou kunnen worden gezet, waren de voorbije jaren legio. De Europese ‘bondgenoten’ werden enkele maanden geleden al op de hoogte gesteld van wat er stond te gebeuren. Maar dat die Europese landen blijven staren als een konijn naar een lichtbak is evenmin een verrassing. Helaas. “Toch maak ik me weinig illusies. Dat Europa het deze eeuw niet zal halen als een speler van betekenis is bijna een certitude,” stelde VUB-academicus Jonathan Holslag zopas nog. Feiten als deze lijken hem bij te treden.

Isolationisme

Wat Amerikaans isolationisme in de praktijk betekent? Welnu, dit. Het is niet het eerste verdrag waar de VS uitstappen en wordt zeker niet het laatste. Deze keuze is tot zekere hoogte objectiveerbaar. Hoe kan je afspraken rond wapencontrole in de brede zin maken zonder Chinese betrokkenheid? Vele van die akkoorden zagen het licht in een bipolaire koude oorlogswereld. Vandaag oogt het paradigma helemaal anders door de factor China.

“Voor Trump is dit niet alleen een strategische, maar ook een ideologische kwestie in het kader van zijn isolationistische America First-politiek,” stelt Sven Biscop van het Egmontinstituut voor Internationale Relaties. “Over het eerste kan je normaal nog een flink eind discussiëren, maar over het tweede ligt dat een pak moeilijker. Zeker in een jaar van presidentsverkiezingen in de VS is het eerder naïef om te denken dat de Europese Unie Donald Trump op andere gedachten zal kunnen brengen.”

Ziehier de realiteit. En daar zal het Europese discours over de meerwaarde van multinationale structuren die bijdragen tot vertrouwen en stabiliteit niets (meer) aan veranderen.