Voorzien van de nodige internationale bondgenoten, werd generaal Haftar gedurende geruime tijd gezien als de gedoodverfde winnaar in het Libisch conflict. Maar na jaren strijd slabakt het allemaal wat voor de man die zich al eerder tot staatshoofd uitriep. Een terugtrekking uit Tripoli, het verlies van een aantal posities in de eigen zone en dit alles door en in combinatie met een verhoogde inzet van Turkije voedt het pessimisme. Toch is er nog strijdlust, zij het misschien meer rond de tekentafels van de bondgenoten dan op het terrein. De komende weken zullen bepalend zijn voor de afloop van de oorlog.

De aankondiging van generaal Haftar om tot het einde van de Ramadan zijn strijd tegen de door de VN erkende regering in Tripoli te staken, draait om meer dan devotie. In werkelijkheid loopt het allemaal niet meer zo lekker. Even zag het ernaar uit dat zijn “mars op Tripoli”, een expeditie die nu toch al zes jaar geleden begon, succesvol zou eindigen, maar vandaag domineren twijfels. Hij moest de laatste tijd wat mokerslagen incasseren en verloor zelfs enkele posities in het oosten van het land, zijn veilig geacht gebied. Toen hij zich enkele weken geleden terug moest plooien en de afstand met Tripoli weer zag vergroten, volgden enkele ongelukkige beschietingen, waarbij een ziekenhuis en een school werden geraakt. Een smet op het blazoen van de man die zich tot legitieme leider van Libië uitgeroepen heeft.

Internationale arena

Het akkoord dat de regering in Tripoli eind vorig jaar met Turkije sloot, is van doorslaggevend belang geweest om de moeilijkheden van Haftar te begrijpen. Ankara engageerde zich om een meer actieve rol in het conflict te gaan spelen, voegde het woord bij de daad en daar worden vandaag de vruchten van geplukt. Militairen, materiaal, maar ook instructeurs werden naar Libië gestuurd, waardoor de generaal plots op meer tegenstand botste. Turkije bracht ook Syrische huurlingen richting de Libische arena, want dat is het land eigenlijk geworden: een plek waar twee kampen elkaar bestrijden, elk met hun buitenlandse bondgenoten die allen hun reden hebben om een van beide partijen te steunen. Het cynische is dat men vandaag Syrische veteranen aan beide zijden aantreft.

CIA-man?

“Turkije brengt de regionale stabiliteit in gevaar,” klonk het onlangs in een gezamenlijke verklaring van Frankrijk, Egypte, de Verenigde Arabische Emiraten, Griekenland en Cyprus, de (buitenlandse) bondgenoten van Haftar zeg maar. Italië steunt dan weer de regering in Tripoli. Ook Rusland zit trouwens in het kamp van Haftar (naar verluidt kwam de zogenaamde Ramadan-onderbreking er onder druk van Moskou), terwijl de VS, en dan vooral de numero uno van het land, warm en koud blaast. De sympathie van Trump zou naar Haftar gaan, al was het maar omdat hij degene is die een dam wil opwerpen tegen de radicale islam op Libisch grondgebied. Toen echter bleek dat ze zich in hetzelfde kamp als de Russen bevonden, temperde het enthousiasme enigszins. Toch is er ook het feit dat Haftar nog steeds Amerikaans staatsburger is, een gevolg van zijn moeilijkheden met Khadaffi die hem naar de VS brachten. Ooit werd hij als de ‘man van de CIA’ bestempeld, maar in hoeverre dit vandaag nog opgaat, is koffiedik kijken.

Moslimbroederschap

Spontaan denkt men aan economische motieven die spelen wanneer landen partij kiezen in een conflict in een land met de grootste oliereserves van Afrika. En dat klopt natuurlijk ook, maar toch zijn er ook enkele belangrijke ideologische motieven. We hadden het over Trump, maar ook bij de VAE speelt dit. Een Arabische lente kunnen ze niet smaken, net zomin als de radicale Moslimbroederschap en soortgelijke clubjes waarvan ze vrezen dat Libië hun machtsbasis wordt. Ook voor Egypte speelt dit argument. Het breedste plaatje treffen we in Ankara aan, wat onmiddellijk de vergaande betrokkenheid verklaart. Voor hen is Libië een sleutelland in een ruimer geopolitiek plan om invloed te verwerven in het Oostelijke Middellandse Zeegebied.

Het geschil in Libië staat niet op zichzelf. De betrokken landen hebben wel meer moeilijkheden met elkaar die op andere vlakken uitgevochten worden. Waar in het verleden de Turkse president Erdogan in Egypte de kandidaat van de Moslimbroeders, Morsi, steunde, deden de Saoedi’s of de VAE dat net niet. Tussen al die landen bestaan diverse boycotacties, van producten tot het blokkeren van websites. Het verscherpt het beeld van Libië als arena voor een ruimer conflict.

Verliezen is geen optie

Is dit nu voor Haftar het einde, het begin van het einde, of net het einde van het begin, om Winston Churchill te parafraseren? De meningen lopen uiteen. Volgens sommige experts is terreinverlies dodelijk. Van zodra geen successen meer geboekt worden, kalft de steun af die grotendeels berust op milities voor wie opportunisme een grotere drijfveer is dan overtuiging. Er is ook de oorlogsmoeheid na zovele jaren conflict. Anderzijds is er de agenda van de bondgenoten. Op zich draait het niet echt rond deugdelijk bestuur (het kamp van Haftar wordt eveneens gekenmerkt door corruptie en meer dan bedenkelijke banden met het misdaadmilieu), maar wel rond het laten gelden van de eigen belangen.

In die zin kan geen van beide kampen leven met een overwinning van de andere. Anders gesteld: een nederlaag is geen optie, met als gevolg dat men zich klaarstoomt voor een nieuwe fase in het conflict. Recente berichten hebben het over het samentrekken van troepen van de VAE op Egyptisch grondgebied, net als een verhoogde activiteit van de Wagner Group, een gevreesd Russisch privéleger dat ook in Syrië ingezet werd. De komende weken en maanden zullen duidelijk maken of het hier dan toch over het einde van het begin gaat voor Haftar.