Inhoudsloos rondjes draaien. Dat hebben de socialistische partijvoorzitters Paul Magnette en Conner Rousseau de voorbije weken gedaan. Zonder enig perspectief op een federale regering schuiven ze de hete aardappel van de formatie nu door naar premier Sophie Wilmès. Dat wordt evenmin iets. Het vat is af. Het is ‘op’ in de Wetstraat. Eigenlijk al minstens tien jaar, niet alleen door de kloof tussen politieke partijen, maar ook door interne spanningen. Tijd voor verkiezingen dus.

We zijn goed 10 jaar na de verkiezingen van 13 juni 2010. Drie jaar eerder had de kiezer al afgerekend met het paarse malgoverno, in 2010 zijn de traditionele partijen aan de beurt. Toch in Vlaanderen. De N-VA behaalt een klinkende verkiezingsoverwinning. In het decennium daarop strompelde men van formatie naar formatie. Op die tien jaar tijd was er hoop en al zeven jaar lang een federale regering met volheid van bevoegdheden. Het bewijs dat het vat af is. Dat we nu al in de situatie zitten die Robert Houben, de laatste unitaire voorzitter van CVP/PSC, voorspelde: ooit komt de dag dat er geen federale regering meer kan worden gevormd. Dat is sinds de verkiezingen van 26 mei 2019 echt wel duidelijk geworden.

De zwaarste crisis – op vlak van gezondheid, maar ook economisch – in honderd jaar is niet voldoende om partijen met uiteenlopende visies samen te brengen. De socialistische voorzitters Conner Rousseau en Paul Magnette hebben de voorbije weken weinig anders gedaan dan rondjes gedraaid. Ze proberen de hete aardappel nu door te schuiven naar premier Sophie Wilmès (MR). Die wil zich niet verbranden en dus draait de carrousel maar verder.

Eigenlijk is er maar één optie: verkiezingen. Niet dat die veel zullen oplossen, maar het is altijd beter dan ter plaatse trappelen. De gespannen verhoudingen tussen de Vlaamse rechtse meerderheid en de Franstalige linkse meerderheid zullen dezelfde blijven of nog versterken. En dat zal ook binnen de partijen een aantal zaken op scherp zetten. Want dat er geen doorbraak komt op federaal vlak, heeft ook te maken met interne partijspanningen.

De gauchistische dictatuur binnen de PS

PS-voorzitter Paul Magnette wordt door zijn Franstalige collega’s wel eens vergeleken met een tekenfilmfiguur. Namelijk de jakhals of coyote in de Road Runner-tekenfilmserie – miep miep – die hopeloos probeert een vogel te vangen, maar steevast over de eigen voeten en valstrikken struikelt.

Tijdens de pogingen om een federale regering te vormen is het niet anders. De ene keer wil Magnette geen paars-geel met N-VA, een dag later wil hij het wel. Nadat de N-VA een aantal steunmaatregelen van de superkern niet goedkeurt, polst hij opnieuw naar een regering met de groenen en zonder N-VA. Men krijgt er geen vat meer op.

En dan gaat het nog niet om de inhoud, maar enkel over de mogelijke coalities. Vlaamse journalisten die in de bubbel van de Wetstraat zitten, trekken zich dan tevergeefs op aan het ene of andere signaal van Magnette. Terwijl de man gewoon geen enkele bewegingsvrijheid heeft. In maart werd een noodregering met de N-VA afgeschoten door de Franstalige vleugel van de socialistische vakbond. Met de nieuwe voorzitter Thierry Bodson evolueert het ABVV/FGTB weliswaar in meer wallingantische richting, maar wordt het syndicaat nog linkser. En binnen zijn eigen partij zegt de Brusselse gauchistische afdeling elke dag tien keer njet tegen een regering met de N-VA. Is er dan geen enkele journalist die op basis hiervan besluit dat verkiezingen de enige uitweg zijn?

De groene Khmers onder leiding van Almaci en Calvo

Bij de PS heerst de dictatuur van de basis, bij Groen is het de dictatuur van de top. Meyrem Almaci en Kristof Calvo, vastgeklikt aan Ecolo, blijven hopen op een paars-groene coalitie samen met CD&V. Wie daar niet in meegaat, wordt onmiddellijk monddood gemaakt. Zoals Vlaams fractieleider Björn Rzoska, die zowaar pleitte voor een regering van socialisten, groenen, CD&V en… N-VA. Van Rzoska is bekend dat hij de partijkoers van Almaci niet echt smaakt. De relatie met Ecolo is voor hem van ondergeschikt belang. Maar het voorstel van Rzoska verdween onmiddellijk in de prullenmand. De groene Khmers van de partijtop hadden gesproken. Bovendien kreeg de jongerenafdeling van de partij nog eens het bevel om zich publiekelijk van Rzoska te distantiëren. Leuke boel daar, bij de groenen.

Almaci en Calvo hopen natuurlijk dat ze via een zogenaamde Vivaldi-coalitie een radicaal-links regeerakkoord kunnen sluiten. Meesurfen op de golf van de klimaatbetogingen hadden ze in 2019 geprobeerd, maar dat lukte niet echt. Nu haakt Groen (en ook Ecolo) het karretje vast aan de extreemlinkse agitatie en beeldenstorm tegen de vermeende racistische westerlingen. Of hoe de ‘verbinders’ de grootste voorstanders van polarisatie zijn.

De chantage van de linkerzijde van Open Vld

Dat is niet anders bij de linkerflank van Open Vld onder leiding van Bart Somers. Onder het mom van ‘verbinding’ en ‘solidariteit’ wil de Mechelaar in Vlaanderen een politiek-correcte dictatuur installeren. Daarin geholpen door Sihame el Kaouakibi, een groene passionara die verdwaald is geraakt bij de liberalen. Er was het verhaal van de praktijktesten tegen discriminatie op de arbeids- en huurmarkt die Somers aan de gemeenten probeerde op te dringen. Er was de groep van experts die als een soort van communistische volkscommissarissen de lokale besturen zouden begeleiden bij de beeldenstorm tegen monumenten die herinneren aan het kolonialisme. Dit links-liberale discours polariseert meer dan goed is.

Ook binnen de Vlaamse regering. Somers heeft er blijkbaar plezier in om keet te schoppen. Hij test minister-president Jan Jambon (N-VA), die een zwakke indruk maakt. En hij probeert ook partijvoorzitter Egbert Lachaert, die verkozen is dankzij de donkerblauwe achterban, te chanteren. Open Vld wordt opnieuw een krabbenmand. Wie wil daarmee federaal regeren? Zeker nu de Vlaamse liberalen zich in een soort van unitaire nostalgie én uit lijfsbehoud hebben vastgeklikt aan de Franstalige MR. Onder leiding van het ongeleide projectiel Georges-Louis Bouchez, die door niemand nog ernstig wordt genomen. Als men dergelijk politiek slagveld aanschouwt, kan een stembusslag enkel een verademing zijn.