De ene gedraagt zich steeds arroganter, de ander lijkt te berusten in het eigen lot. Federaal minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Maggie De Block (Open Vld) en Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) zijn al een tijd aangeschoten wild. Maar ze blijven op hun post zitten. Als een soort van politieke kadavers.

“Er zullen koppen rollen in de politiek.” Deze voorspelling hoorden we bij een topchirurg op rust aan het begin van de coronacrisis. Het onderschatten van de pandemie, het losjes omgaan met de terugkerende skiërs, de vaudeville rond de mondmaskers, woonzorgcentra die sterfhuizen werden en recent nog de slechte communicatie rond reizen… De politiek maakte tijdens de coronacrisis een slechte beurt. Dat blijkt ook uit de peilingen. Normaal gezien schaart de bevolking zich in zo’n crisisperiode rond de traditionele partijen, maar dat is duidelijk niet het geval. De “elfjes” – de christendemocraten, liberalen en socialisten – die in Vlaanderen amper 11 procent van de stemmen halen, dreigen weg te zakken in irrelevantie.

De chaotische aanpak van de coronacrisis zou er logischerwijze toe moeten leiden dat een aantal politici de hand in eigen boezem steekt. En dan is een ontslag onvermijdelijk. Dat gebeurt niet. Zelfs niet nu een aantal virologen ervoor waarschuwen dat men niet is voorbereid op een tweede golf. Al dagen blijkt het aantal besmettingen te stijgen. Men weet dat die stijging zich vooral in grote steden als Antwerpen en Brussel situeert, maar de opvolging blijf ondermaats. Een nieuwe minister aan het stuur zou moeten leiden tot een betere aanpak van de crisis en voor meer schwung zorgen. Niet zo in België en Vlaanderen. De Vlaamse minister van Welzijn, Wouter Beke (CD&V) en federaal minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Maggie De Block (Open Vld) blijven gewoon op post, alsof er niets aan de hand is. Ondertussen zijn ze wel politiek dood.

Een uitgebluste Wouter Beke

Men dacht dat de chaotische aanpak van de crisis in de woonzorgcentra een les was voor Wouter Beke. Het blijkt niet het geval te zijn. Op een bepaald moment kreeg hij het dossier van de corona-reisbestemmingen op zijn bord. Ook daar reageerde hij chaotisch, verwarrend en laat. Binnen de eigen partij groeit de ergernis. Wouter Beke maakt een uitgebluste indruk. Zijn getuigenis voor de ad hoc coronacommissie op 20 juli wordt naar verluidt cruciaal. Kan hij dan stand houden? Indien niet, dan lijkt een ontslag onvermijdelijk. En een pijnlijke afgang richting gouverneurschap van Limburg? Politiek is het sowieso het einde voor de man die misschien wel een gedegen partij-ideoloog is, maar geen bestuurder en ook al geen meester-tacticus.

In 2014 koos Beke voor een federale regering met de N-VA in de hoop dat de Vlaams-nationalisten zich kapot zouden regeren. Dat lukte maar gedeeltelijk. De CD&V blijft verder afkalven en dat de N-VA van haar pluimen laat, is haar eigen schuld: men had het onzalige Marrakesh-pact te laat zien aankomen.

De over het paard getilde Maggie De Block

Op federaal niveau is er ondertussen iemand die heimelijk hoopt op een ontslag van Wouter Beke om op die manier zelf buiten schot te blijven. De redenering is: “Als er iemand onder de politici ontslag moet nemen, dan blijf ik misschien overeind.” Anders gezegd: de bevolking heeft haar slachtoffer en de honger is verzadigd.

Dat is de redenering die Maggie De Block hanteert. Het is opvallend dat er in Vlaanderen nog maar amper gesproken wordt over haar ontslag. Afgezien van het Vlaams Belang eist niemand haar vertrek. Omdat ze toch politiek dood is? Omdat er voor haar in een volgende regering geen plaats meer is?

Kan best zijn, maar ondertussen ondermijnt zij een gedegen aanpak van de crisis die nog altijd niet voorbij is. Terwijl mondmaskers in de winkels verplicht zijn, blijft ze beweren dat ze “voor een vals gevoel van veiligheid” zorgen. De Block is in haar contacten met journalisten arrogant. Idem wanneer ze door politici wordt ondervraagd tijdens virtuele commissievergaderingen. Het scheelt niet veel of ze begint te schelden.

Het bewijs is geleverd dat De Block haar taak niet aankan en over het paard is getild. En dat was eigenlijk al van in het begin zo, ook toen ze zich onder de regering Di Rupo met het migratiebeleid moest bezighouden. Men is het ondertussen vergeten, maar om een regering te kunnen vormen zonder de N-VA moest de PS in 2011 een prijs betalen. Onder andere via een strenger migratiebeleid. Na de opendeurpolitiek van Joëlle Milquet kan De Block met een strengere aanpak enkel scoren. Bovendien houdt de Vlaming van de underdog en de arts uit Merchtem had dat imago mee. Maar al snel bleek haar asielbeleid niet zo streng. Op Sociale Zaken liet ze daarna ook geen sterke indruk na. Akkoord, de groei van de uitgaven in de gezondheidszorg bleef binnen de perken, wat haar door Franstaligen zwaar wordt aangerekend. Maar er kwamen ook veel signalen van medewerkers die haar onhebbelijk en amateuristisch gedrag niet konden pruimen. De bekwame kabinetschef Pedro Facon vertrok naar de FOD Volksgezondheid. Sindsdien maakt het kabinet van De Block er een zootje van. Zijzelf lijkt te kiezen voor de tactiek van de verschroeide aarde: de politieke loopbaan van De Block is voorbij, maar ze is zo pisnijdig dat het haar niet kan schelen als alles in chaos vervalt.