President Emmanuel Macron bracht een bezoek aan Beiroet na de ontploffing in de haven van de Libanese hoofdstad. Hij werd als een held onthaald door een bevolking die het gehad heeft met de politieke elite. Meteen is duidelijk dat de banden tussen Frankrijk en het vroegere mandaatgebied nog altijd zeer hecht zijn. Al is dat eerder een morele dan een economische en politieke band.

Waarom kwam Emmanuel Macron de bevolking van Beiroet een hart onder de riem komt steken na de dramatische ontploffing van havensilo’s die delen van de stad tot puin heeft herleid? Daar zijn verschillende redenen voor. Het is een manier voor de president om zich op het internationale toneel te profileren. Macron deed het op een wat arrogante manier met de belofte om in september terug te komen om te zien of de verguisde politieke klasse de problemen nog niet had aangepakt. Stel u voor dat een buitenlands staatshoofd naar Parijs komt om kritiek te geven op de aanpak van het protest van de gele hesjes…

Naast de internationale profileringsdrang is er ook een historische reden voor het bezoek van Macron. Frankrijk en Libanon hebben altijd een sterke band gehad die een sterke emotionele waarde heeft. Niet alleen omdat Libanon na WO I tot 1943 een Frans mandaatgebied was. Voor de eerste wereldbrand was Libanon deel van het Ottomaanse Rijk. Frankrijk was in de regio actief door de aanwezigheid van missionarissen en jezuïeten die er een uitgebreid onderwijsnetwerk uitbouwden. De Sint-Jozefsuniversiteit in Beiroet werd in 1875 door Fransen gesticht. Daarnaast profileerde Parijs zich als de verdediger van de christelijke maronieten. Tijdens het interbellum was er sprake van een klassiek kolonialisme. Er bleven ook lange tijd Franse soldaten op het territorium. Tot in 1946 om precies te zijn.

Belangrijke diaspora en Franse soldaten

Na de onafhankelijkheid bleef Frankrijk geïnteresseerd in Libanon. De belangrijke Libanese diaspora in Frankrijk (zo’n 200.000 mensen) speelt daar een rol in. De diplomatieke samenwerking ging in de jaren 50 en 60 zeer ver. Indien Libanon binnen de Verenigde Naties een resolutie wou indienen, dan gebeurde dat pas na overleg met de Quai d’Orsay, de zetel van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Tijdens de Libanese burgeroorlog tussen 1975 en 1989 neemt Frankrijk een matigende houding aan. Het verdedigt de christelijke belangen, maar wil omwille van zijn Israël-kritisch beleid de vele Palestijnse vluchtelingen in het land niet tegen het hoofd stoten. Na de Israëlische inval in Zuid-Libanon in 1978 neemt Frankrijk deel aan de VN-vredesmacht die een staakt-het-vuren moet doen naleven. Verder zijn ook andere Franse soldaten in Libanon aanwezig. Ze betalen daar een hoge prijs voor. Een bomaanslag op barakken met Franse en Amerikaanse soldaten op 23 oktober 1983 maakt honderden slachtoffers. Daarbij 58 Franse paracommando’s.

In 1996 zorgt een Frans diplomatiek offensief ervoor dat een Israëlische aanval op Libanon wordt stopgezet. Onder president Jacques Chirac worden de banden met premier Rafiq Hariri hecht en vriendschappelijk. Beide heren zijn vrienden. Hariri paste in de pro-Arabische internationale politiek van Chirac. Wanneer Hariri in 2005 omkomt bij een aanslag (wellicht in opdracht van het regime in Syrië), haast de Franse president zich naar Beiroet.

In 2017 komt Emmanuel Macron tussen wanneer premier Saad Hariri – zoon van – de facto gegijzeld wordt door de koning van Saoedi-Arabië. Voor Frankrijk blijft Libanon een cruciale deur voor zijn Midden-Oostenbeleid. Al speelt Parijs slechts tweede viool in de regio naast de Russen, de VS, Turkije en Iran.

Minder sterke economische relaties

Frankrijk probeert ook te wegen op het economisch beleid in het land dat kreunt onder inflatie, schulden en corruptie. In 2018 organiseerde Macron daarover een conferentie in Parijs met 50 landen. Er werd beslist om 10 miljard dollar te lenen aan het failliete Libanon bovenop 860 miljoen euro giften. Dat is een vijfde van het bbp. Al is dat geld nog niet gestort, want de beloofde politieke hervormingen blijven uit. Het Westen wantrouwt de Libanese politici, meer bepaald de sjiitisch clans die een directe band hebben met Hezbollah en Iran.

Frankrijk heeft trouwens minder sterke economische dan emotionele relaties met Libanon. Het is slechts de zevende handelspartner van het kleine Arabische land. China, de VS, Duitsland, Turkije maar ook Griekenland en Italië zijn belangrijkere handelspartners. Frankrijk voert vooral landbouwproducten uit (110 miljoen euro), geneesmiddelen (99 miljoen euro) en chemische producten en cosmetica (97 miljoen). Er zijn amper 100 Franse bedrijven in het land actief, met amper 612 miljoen euro aan investeringen. De omgekeerde beweging is belangrijker met 3 miljard euro Libanese investeringen in Frankrijk. Vooral kapitaalkrachtige figuren met een belangrijke rol in de bancaire wereld van het “Land van de Ceders” zijn in Parijs en omstreken actief.