Belgisch, katholiek en royalistisch, het zijn de traditionele onderdelen van het DNA van La Libre Belgique. Maar in hoeverre geldt dit vandaag nog? Sinds enkele jaren is Dorian de Meeûs, een prille veertiger, er hoofdredacteur. En waar men in het verleden ’t Pallieterke en alles waar het voor staat op een veilige afstand heeft willen houden, stemde hij vandaag onmiddellijk in met een interview. In het Nederlands bovendien, de taal waarin hij het grootste deel van zijn opleiding genoten heeft.

Laten we bij wijze van proloog de man zichzelf voorstellen. Wie is Dorian de Meeûs? “Opgegroeid in Eigenbrakel, dus net beneden de taalgrens, als enige zoon in een familie met nog vier dochters. En wat me specialer maakt in de familie: ik ben de enige die school liep in het Nederlands. Lagere school in Alsemberg, middelbaar in het Sint-Jan-Berchmanscollege in Brussel. Daarna ging het richting ULB, waar ik journalistiek studeerde, want dat was precies mijn roeping. Mijn eerste baan was bij Kanaal Z, waarna ik enkele jaren voor een communicatiebureau heb gewerkt. Het zag ernaar uit dat mijn volgende functie die van woordvoerder van een grote retail-speler zou worden, maar precies op de dag dat ik mijn contract ging tekenen, kreeg ik een telefoontje van dit huis. De keuze was snel gemaakt. (lacht) Ze zochten een hoofdredacteur video, enkele maanden later werd ik hoofdredacteur van Lalibre.be en de jongste jaren was ik hoofdredacteur van zowel de site als de print.”

Kritisch over Kerk

Historisch staat La Libre Belgique voor een aantal duidelijke lijnen: pro-België, royalistisch en katholiek. Wat betekent dit alles nog anno 2020?

Op zich zijn deze pijlers er nog steeds, maar toch kan niet ontkend worden dat de krant de voorbije twintig jaar aanzienlijk geëvolueerd is. Dat neemt niet weg dat we het nog steeds als onze taak zien gedegen te informeren over wat speelt op religieus vlak en binnen de Katholieke Kerk in het bijzonder. Deel van de vernieuwing is alvast ook de aandacht voor andere erkende wereldgodsdiensten. Het blijft echter onze betrachting om de katholieke feesten te koppelen aan concrete dossiers. Onmiddellijk moet ik daaraan toevoegen dat we ons ook kritisch opstellen. Zo brachten we een tijdje geleden een erg kritische reeks over wat er fout loopt in het Vaticaan en in de entourage van de paus. We merken wel dat onze lezers die katholieke pijler belangrijk blijven vinden. Ook het Belgisch gevoel speelt nog steeds.

Hebben jullie ergens een buitenlands voorbeeld?

Op dit moment hebben we redelijk wat contacten met de Washington Post. Dichter bij huis vergelijken we ons vaak met Le Figaro, toch nog steeds een Franse topkrant. Toch moet ik hier onmiddellijk wat afzwakken. Le Figaro heeft een erg uitgesproken profiel van een rechtse militante krant. Die scherpe opstelling hebben wij bewust niet. Elk perslandschap is natuurlijk anders en het is een realiteit dat die uitgesproken profilering met figuren als Eric Zemmour, Ivan Rioufol of Eugénie Bastien typisch Frans is. Wij bewandelen eerder het pad van de nuance. (glimlacht)

Meer aandacht voor Vlaanderen

Welke plaats krijgt Vlaanderen in jullie berichtgeving?

Een zeer pertinente vraag, maar sta me toe eerst het volgende mee te geven: zowat 16 procent van onze lezers woont in Vlaanderen, van Tongeren tot Knokke. Kenmerkend voor onze krant is ook dat zowat 90 procent van onze oplage via abonnees verdeeld wordt. Leuk om te weten: de krantenwinkel waar wij nu onze beste verkoop realiseren, ligt in Knokke. (lacht) Specifiek om te berichten over wat in Vlaanderen leeft, trok ik Jacques Hermans aan, een Antwerpenaar die al in de jaren tachtig voor onze krant schreef. Twee tot drie dagen per week buigt hij zich over het reilen en zeilen in Vlaanderen. Onze chef binnenland Vincent Rocour is perfect tweetalig en verzorgt de kroniek “Geen commentaar” over Vlaanderen. Dit gezegd zijnde is dit iets waar we nog meer in moeten investeren.

Klopt ons aanvoelen dat zelfs bij een erg pro-Belgisch publiek als dat van jullie minder emotionaliteit speelt wanneer het thema Vlaanderen en zeker de mogelijke opdeling van het land ter sprake komt?

Ik denk dat er inderdaad meer rationaliteit is gaan spelen. Het volstaat een blik op de feiten te werpen: de zesde staatshervorming werkt niet. Hoe kan dat ook wanneer de dingen ‘s nachts op een ontiegelijk uur in het midden van een politieke crisis beslist worden? Velen zijn bevoegd, terwijl niemand de verantwoordelijkheid draagt. De aanpak van corona maakte op een erg pijnlijke manier bepaalde dingen duidelijk. Wanneer je plots met negen ministers voor Volksgezondheid geconfronteerd wordt, weet je dat er iets niet klopt. (lacht) Ik denk wel dat een duidelijk onderscheid gemaakt moet worden tussen een nieuwe staatshervorming die in het teken van efficiënt bestuur staat en het separatisme. Met dit laatste hebben velen, waaronder ikzelf, het erg moeilijk.

Egmont bis

Enkele dagen geleden gingen PS en N-VA uiteindelijk toch (opnieuw) rond de tafel zitten. Is dit met de bedoeling tot een Egmontpact-bis te komen, zoals men wel eens opvangt in en rond de Wetstraat?

Dat er gepraat wordt, is de logica zelve. We hebben ons altijd verzet tegen de weigering van de PS om met de N-VA gesprekken aan te knopen. Onverantwoordelijk noemden we dat! Ik kan nog begrijpen dat men een duidelijk lijn trekt door niet te praten met uiterst-rechts of uiterst-links, daar kunnen ethische motieven spelen, maar onder democratische partijen is dit een verkeerde attitude. Dit gezegd zijnde, is het goed dat ze praten, maar ze moeten met meer partijen praten. Iedereen is gebaat met een ultieme staatshervorming die grondig voorbereid wordt en door een brede meerderheid gedragen wordt. Ook al duurt dit een of zelfs twee jaar, het is het resultaat dat telt. Ik las ergens het commentaar waarbij men tegen Magnette zei dat als hij weigert te praten met De Wever, het volgende keer met Tom Van Grieken is dat er zal gepraat moeten worden.

Over Tom Van Grieken gesproken: enkele maanden geleden verscheen een interview in het Franstalige blad Wilfried, een unicum. Is dit een kantelpunt of eerder een eenmalige ‘uitschuiver’, als we het zo kunnen stellen?

Dat blijft een moeilijke kwestie, zeker aan Franstalige kant. Voor ons betekent het cordon sanitaire dat we uiterst-rechts niet ‘live’ aan het woord laten. Dit neemt niet weg dat we na het bezoek van Tom Van Grieken aan de koning een filmpje hiervan op onze site plaatsten. Persoonlijk probeer ik te achterhalen wat mensen net aanzet om op het VB te stemmen. Stellen, zoals sommigen doen, dat er haast iets racistisch in het DNA van de Vlamingen zit, is onzin. Ik kan me voorstellen dat wanneer zich vandaag een persoonlijkheid van formaat aanbiedt in Franstalig België, zich daar ook een VB-achtig fenomeen kan voordoen.

Onderwijs hervormen

Enkele maanden benadrukte men in het Radio 1-programma Touché het grote verschil tussen het Nederlandstalig en Franstalig onderwijs in dit land. Is dat niet hét grote pijnpunt dat heel wat anomalieën in dit land verklaart?

Absoluut. Kijk, elke ouder wil het beste voor zijn kinderen en in die zin ben ik ontzettend blij dat de mijne in Vlaanderen school kunnen lopen, meer bepaald in Ottenburg, deel van de gemeente Huldenberg. De ervaringen tijdens de lockdown sterkten me in die overtuiging. Elke week kon ik op school een bundel documenten afhalen. Er waren contacten via WhatsApp en er werd ‘gezoomd’ dat het een lieve lust was. (lacht) Als ik dat vergelijk met de echo’s die ik ontving uit het Franstalig onderwijs, een wereld van verschil. Daar bleven de kinderen het geziene herhalen, kwam er nauwelijks nieuwe leerstof aan te pas, enzovoort. Positief is alvast dat men aan Franstalige kant toch de ernst van de situatie heeft ingezien. De resultaten zijn niet goed en daar moet aan gewerkt wordt. Op dit moment wordt het “Pacte d’excellence” dat destijds door Joëlle Milquet (CDH) in het leven werd geroepen, uitgevoerd. Hopelijk kan dit een kentering teweeg brengen.

Congo

Het Black Lives Matter-gedoe sloeg snel over en in een mum van tijd kwamen Leopold II en zijn standbeelden in het vizier. Hoe ongemakkelijk is dat voor een krant als La Libre Belgique?

Ik denk dat we daarin een gulden middenweg bewandelen. In een editoriaal stelde ik heel duidelijk dat voor ons aan standbeelden niet geraakt wordt: “Non, non, non”, klonk het. Tegelijkertijd moet voldoende ruimte bestaan om kritisch op de eigen geschiedenis terug te blikken. Jammer genoeg gebeurt dit met veel te weinig nuance. Men maakt er nogal snel een amalgaam van. Het Congo van de begindagen kan onmogelijk vergeleken worden met wat er zich later en ook nog na de onafhankelijkheid afspeelde.

U was ook ongemeen streng in uw commentaar over die beruchte betoging van BLM…

Absoluut, omdat dit vanuit een optiek van volksgezondheid onverantwoord was. En zeggen dat er dan nog verschillende politici aanwezig waren, die geen aandacht hadden voor de afstand en zelfs op selfies pronkten. Dat zijn dan mensen die een voorbeeldfunctie hebben! Mijn echtgenote is arts en is de voorbije maanden in een ziekenhuis gaan helpen om deze moeilijke periode door te komen. Toen we ‘s avonds de beelden van die betoging zagen, was ze haast tot tranen toe bewogen. Die mensen leken echt niet te beseffen dat ze alle inspanningen van zoveel mensen uit de zorg teniet doen door net nu te gaan betogen. Mijn veroordeling had echter geen betrekking op de thematiek, die belangrijk is en waarrond zeker wat moet gebeuren. Jammer genoeg zagen heel wat critici dit niet in.


De sterkte van partijvoorzitters

“Vaak onderschat men de rol van Georges-Louis Bouchez aan het hoofd van de MR, terwijl men die van Paul Magnette als PS-voorzitter dan weer overschat”, analyseert Dorian de Meeûs. “Wat Bouchez betreft, denk ik dat hij volledig fout zit met zijn communicatie die te snel verloopt, maar dat doet geen afbreuk aan zijn positie binnen zijn partij. Hij is ook erg intelligent en heeft goeie adviseurs, niet in het minst door voormalig Belfius- en D’Ieteren-CEO Axel Miller. Ik kan me voorstellen dat wanneer hij na onderhandelingen met een regeerprogramma bij zijn achterban voor de dag komt dit vrij makkelijk aanvaard zal worden. Voor Magnette is dat minder evident. Het zegt veel over de positie die hij binnen zijn partij bekleedt. Hij is geen Di Rupo of Spitaels, die almachtig waren als voorzitter. Dat hij niet uit de basis komt, speelt evenzeer in zijn nadeel. Net zoals hij systematisch zijn veto stelde tegen de N-VA, terwijl hij er nu toch mee gaat praten.”