Tim Tubbax (1972) introduceren is niet eenvoudig. Professioneel is hij vooral een getalenteerde duizendpoot. Naast een carrière bij de ‘bottinnekes’ van de Antwerpse politie, speelde hij ooit aan de zijde van Jean-Claude Vandamme, in de legendarische film “Legionnaire”. Tubbax was ook te zien in de VTM-soap Familie. In Flikken Maastricht gaf hij ooit gestalte aan de Amerikaanse president Barack Obama.

Intussen specialiseerde Tubbax zich als paramedisch ambulancier. Hij is meer dan een ex-portier of ex-discotheekuitbater benadrukt hij aan ‘t Pallieterke, en hij onthult ons zelfs dat hij politieke ambities koestert. Een gesprek.

U noemt in een veelgelezen opiniestuk op SCEPTR links de architect van het moderne racisme?

Tim Tubbax: Ik voelde aan dat dit thema enorm leeft en tegelijk geminimaliseerd wordt door de politiek. Ik was verrast van de overwegend positieve reacties. Dat stimuleert me om verder te doen en te helpen werken aan een mentaliteitswijziging. Mijn moeder was Antwerpse, mijn vader een ‘gekleurde man’ uit Polynesië. Ik groeide op in Antwerpen, als Vlaming. Ik ga dus helemaal niet akkoord met dat ‘slachtoffergebeuren’. Te veel mensen gebruiken dat woord vooral om te ontlopen aan hun eigen verantwoordelijkheden. Als ‘kleurling’ ben ik goed geplaatst om dat in een ander daglicht te plaatsen.

U startte uw carrière bij de Antwerpse politie?

30 jaar geleden was ik één van de drie ‘gekleurde’ agenten in het korps. Als nieuwkomer genoot ik ook enige bekendheid in de sportwereld. Toen ik de kans greep om met Jean-Claude Van Damme een film te maken, stond dat nadien in alle kranten.

U werd ontslagen bij de Antwerpse politie.

Op een bepaald moment zijn er ‘uit de schuif’ een aantal dingen bovengehaald, waar elke agent mee te maken krijgt. Een aantal klachten rond ‘dubieuze’ interventies over een periode van drie tot vier jaar. Er is van alles gezocht om mij te kunnen ontslaan en na een veroordeling tot iets meer dan zes maand voorwaardelijk is dat ook gebeurd.

Waarom hebt u uw ontslag nooit juridisch aangevochten?

Dat was toen een keuze. Ik was het beu. Als ik er op terugkijk was de kans reëel dat het ontslag had kunnen omgezet worden. Maar dan had ik misschien nu spijt dat ik de kans om met een Hollywoodster te werken had gemist.

Hoe kijkt u als ex-flik naar het politiewerk vandaag?

Het is geëvolueerd tot een structuur waar een agent minder rechten heeft dan de mensen die hij moet arresteren. (zucht) Ik heb dagelijks contact met ex-collega’s die me zeggen “Tim, hoe we vandaag moeten werken, dat is niet meer vergelijkbaar. Je moet tegenwoordig op eieren lopen. Mensen zwaaien bij elke interventie met een smartphone. Men ziet in alles racisme. Zelfs als je iemands identiteitskaart vraagt.” Mensen kennen de weg naar het comité P veel beter dan naar hun eigen huis. Dat maakt politiewerk stresserend.

Ooit spijt gehad van uw keuze?

Ik heb die job altijd graag gedaan en heb in bepaalde wijken – zoals in Borgerhout, op het Koningsplein – ook het verschil kunnen maken denk ik. Wij hebben toen echt letterlijk buurten opgekuist. Maar er is ook frustratie. Een drugsonderzoek sleept soms maanden aan, maar verdachten worden vaak niet eens aangehouden door de onderzoeksrechter. Dat was twintig jaar geleden al een probleem. We pakten illegalen op die vervolgens van de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) slechts een ‘bevel om het grondgebied’ te verlaten krijgen. Een week later kwamen we die dan opnieuw tegen… Een agent kan fantastisch werk leveren, maar als het gerechtelijk apparaat niet met de juiste straffen en wetten kan werken, blijft het dweilen met de kraan open. Ons justitieel apparaat schrikt niet genoeg af en is onvoldoende afgestemd op de maatschappelijke problemen.

Is het niet ironisch dat uzelf ooit voor drugsfeiten vervolgd bent geweest?

Inderdaad, ik ben enkele keren veroordeeld. Ik was ooit uitbater van de afterclub ‘Space’ in Antwerpen. Die is tijdens een razzia gesloten omdat er op de grond drugs zijn gevonden. Op dat moment was ik thuis, maar ik kreeg een telefoontje en meldde me aan. Vervolgens zag ik iemand op een draagberrie afvoeren. Ik dacht dat er iemand was neergestoken, maar het bleek een vrouw die in de VIP-ruimte haar roes lag uit te slapen. De politie dacht dat het personeel die vrouw had gedrogeerd of misbruikt. Achteraf bleek dat ze die nacht was gaan feesten in La Rocca.

Ik werd als uitbater echter verantwoordelijk geacht voor het ter beschikking stellen van een lokaal voor druggebruik. Iets wat eigenlijk elke discotheekuitbater kan ‘aangesmeerd’ worden. Ik ben dus samen met acht personeelsleden in voorlopige hechtenis geplaatst. De politie deed drie maanden onderzoek om te kunnen aantonen dat wij betrokken waren bij bepaalde feiten. Alle klanten zijn uitgebreid ondervraagd, maar noch het financieel onderzoek, noch het drugsonderzoek, noch het prostitutieonderzoek heeft iets opgeleverd. Er is geen enkele belastende verklaring naar boven gekomen en ze hebben me vrijgelaten. Ze hebben me enkel de feiten kunnen ten laste leggen van die avond. Dat onderzoek toonde vooral aan dat ik helemaal niet betrokken was in één of ander crimineel netwerk. Noch in het toestaan of het tolereren van drugs. Tijdens mijn voorlopige hechtenis heb ik meer drugs in de gevangenis gezien, dan ooit in mijn afterclub.

Hoe ziet u uw maatschappelijk of politiek engagement?

Initiatieven zoals Black Lives Matter drijven de mensen enkel verder uit elkaar. Je ziet dat die BLM-marsen ontaarden in plunderingen en rellen. Blanke mensen die op een terrasje zitten worden aangevallen door extreem-linkse mensen. Ik wil meer de focus op de verantwoordelijkheid leggen. Door die in de handen van die gemeenschap te leggen. Op een subtiele manier, niet door mensen in een hoek te duwen of met de vinger te wijzen. Ik ga de bal in hun kamp leggen en hen aansporen zelf het probleem aan te pakken.

Er wordt te veel gegoocheld met het begrip ‘racisme’?

De rechterzijde benoemt de problemen. Links deed dat de voorbije dertig jaar niet. Net zoals de pers. Wanneer vreemdelingen betrokken zijn, spreekt men van ‘jongeren’. Men noemt het kind nooit bij naam. Wie dat wel doet, krijgt de stempel ‘racist’ opgeplakt. Racisme is een magisch excuuswoord.

Racisme wordt op die manier aangewakkerd door links en de oorsprong van het hedendaags racisme ligt volgens mij in het monddood maken van een belangrijk deel van de Vlaamse kiezers met een cordon sanitaire. Ook N-VA wordt nu overigens behandeld zoals Vlaams Belang. Het zijn ook zogezegd allemaal racisten en leugenaars.

Als kleurling wil ik aantonen dat die ‘racisme-hoax’ vooral heerst onder invloed van gesubsidieerde groeperingen zoals BLM of de antizwartepietenlobby. Je krijgt hier als kleurling alle kansen. In geen enkel Europees land zijn zoveel instanties die het opnemen voor minderheden of voor vreemdelingen. Ik wil een voorbeeld zijn voor iedereen die deze kansen krijgt en neemt, maar die niet in die gedwongen slachtofferrol wil kruipen.

Gebeurt dat vandaag dan niet?

Veel te weinig. Men geeft mensen het idee dat als ze slachtoffer spelen alles wel voor hen geregeld wordt. Dat je naar UNIA moet om te klagen. Niemand wijst op de plicht die mensen zelf hebben om zich te integreren in de maatschappij. Bij Knack beweert men dat racisme in het DNA van de Vlaming zit. Ik ben het daar pertinent mee oneens. Antwerpen is altijd een havenstad geweest. Honderden nationaliteiten leven daar naast elkaar. Als ik als politieagent oproepen kreeg, dan wist ik bijna op voorhand dat een groot deel van die oproepen gingen over problemen uit één bepaalde gemeenschap.

Kristof Luypaert


Politieke ambities

In 2009 kwam Tubbax in Antwerpen al eens op met de provinciale lijst Vrijheid. Hoewel bij voorbaat kansloos, deed hij het toen toch “uit eerlijke overtuiging.” Hoe kijkt hij vandaag naar het politieke gebeuren?

“Als ex-politieman ben ik rechts georiënteerd. N-VA, Vlaams Belang en Lijst Dedecker zijn de partijen waar ik me in delen van hun programma kan terugvinden. Verschillende partijen hebben me al gevraagd of ik interesse heb en het is in elk geval mijn ambitie om me in 2024 verkiesbaar te stellen. Ik wil nu eerst onderzoeken wat voor mij persoonlijk het interessantste zou zijn.”

Waar zou u zich politiek voor willen inzetten?

Mijn interesse gaat naar het immigratie- en integratievraagstuk. Ik heb daar zelf gedurende 30 jaar de gevolgen van kunnen vaststellen. De huidige regels moeten dringend over een andere boeg worden gegooid. We moeten kijken naar het Australisch model. Asielzoekers mogen we enkel toelaten als zij individueel en effectief ingeschakeld kunnen worden in de maatschappij en als we ze ook kunnen opvolgen. Beter tien asielzoekers die iets kunnen betekenen voor ons land en zichzelf, dan duizend waarvan het grootste deel in de illegaliteit of in de criminaliteit terechtkomt. Ik wil ook dat eerst élke Vlaming uit de armoede geraakt, vooraleer we extra armoede importeren. Vlamingen moeten ook voorrang krijgen op wachtlijsten van sociale woningen.

In afwachting van een mogelijke stap naar de politiek zal ik als onafhankelijke mijn opinies blijven publiceren. Ik kreeg vele positieve reacties op mijn opiniestuk in SCEPTR en begrijp intussen dat dat veel mensen inspireert om de Vlaamse zaak kracht bij te zetten.