Gaat Egbert Lachaert slagen in zijn opdracht? Vrijdag – morgen – weten we het. Lachaert wordt dan bij de koning verwacht met zijn eindrapport. Indien Lachaert geen vooruitgang geboekt heeft, dan zijn verkiezingen de enige optie. Zo niet zitten we met een regering van liberalen, socialisten en groenen, al dan niet aangevuld met de christendemocraten.

Eén zaak kunnen we al met enige zekerheid meedelen: Kristof Calvo zal geen minister worden. Daartoe is er een veto gekomen vanuit Open Vld en ook intern bij de groenen is men de mening toegedaan dat de hyperkineet beter geen postje krijgt. Binnen zijn partij wordt zijn gedrag in de aanloop van de verkiezingen van mei 2019 nog altijd gezien als een van de oorzaken van de matige uitslag van Groen. Hem nu belonen met een ministerpost zou een absoluut verkeerd signaal zijn.

Wie dan wel?

Wie heeft Groen nog in de schuif liggen om een ministerpost te bekleden? Groen heeft in principe recht op twee ministerposten (indien CD&V mee in de regering stapt, zoniet heeft de partij recht op 3 ministers). Het profiel van de man of vrouw in kwestie mag niet te fanatiek zijn, want men weet ondertussen dat noch de andere regeringspartners noch het grote publiek zitten te wachten op klimaatdoemdenkers.

Björn Rzoska, de rustige fractieleider voor Groen in het Vlaams Parlement, wordt dan wel eens genoemd als kanshebber voor een ministerpost. Maar Almaci is natuurlijk nog niet vergeten dat Rzoska zich opwierp als tegenkandidaat voor het voorzitterschap van de partij in 2019. De kans dat Almaci hem nu beloont, lijkt dan ook bijzonder klein. En nog nadelig voor Björn: hij is een man.

Wie wel een serieuze kans maakt, is Tine Van Der Straeten als minister van Energie, Milieu en Duurzame ontwikkeling. Ze heeft daarvoor het ideale profiel. In 2000 studeerde ze af als Afrikaniste (UGent), maar ze behaalde 10 jaar later ook een licentiaat in de rechten aan de VUB. Met de jaren specialiseerde ze zich in alle aspecten van het klimaat- en energiebeleid. En ook als advocate is ze in deze materie gespecialiseerd. Binnen Groen heeft ze ook een heel traject afgelegd, als woordvoerster van de partij, ondervoorzitter, gemeenteraadslid, schepen,… Toen ze niet herkozen geraakte als Kamerlid in juni 2010, was de teleurstelling groot en stopte ze met de nationale politiek om zich toe te leggen op haar advocatenkantoor. Maar ze bleef actief als gemeenteraadslid en schepen in Koekelberg. In mei 2019 werd ze verkozen als Kamerlid als Groen-kandidate op de Ecololijst. Het feit dat ze in het Brusselse woont, vergroot haar kansen als minister, want een geschikte kandidaat vinden uit de hoofdstad is voor geen enkele Vlaamse partij gemakkelijk.

Voor de tweede ministerpost zetten we onze joker op Petra De Sutter: minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid en van Asiel en Migratie. Op dit ogenblik is dat Maggie De Block (Open Vld), maar de kans dat die terugkeert als minister is zo goed als onbestaande. Niet alleen omdat ze het zelf meer dan beu is, maar meer nog omdat haar beleid inzake corona nu niet direct een giller was. En dan drukken we ons nog zacht uit…

Petra De Sutter beantwoordt perfect aan het profiel. Mevrouw De Sutter is niet alleen professor en arts (gynaecologie en fertiliteit), maar ze behaalde ook een doctoraat in de biomedische wetenschappen. Niet dat ze gespecialiseerd is in coronavirussen, maar haar opleiding(en) zal haar zeker de nodige technische bagage meegeven. In 2014 werd ze aangeduid door Groen als gecoöpteerd senator. Als senator werd ze afgevaardigd in de Raad van Europa, waar ze o.a. vicevoorzitter werd van de commissie Migratie. Petra De Sutter kan met andere woorden voor beide onderdelen van de ministerpost, zijnde gezondheid en migratie, de nodige kennis voorleggen. En nog: met Petra De Sutter kan Groen uitpakken met de eerste Belgische transgenderminister (in een vorig leven was er sprake van Peter De Sutter).

Vervrouwelijking

Groen streeft naar vervrouwelijking van de maatschappij, wat het meteen ook moeilijk maakt om een man naar voor te schuiven als minister. Dat zou door de (vrouwelijke) achterban van de partij niet geslikt worden. Met Tine Van Der Straeten en Petra De Sutter wordt dat probleempje alvast vermeden. Bovendien kan men uitpakken met twee verstandige, rationele kandidaat-ministers. Bovendien zijn beiden goed ter taal én tweetalig. Ook dat geeft hen een streepje voor op andere kandidaten van Groen. Niet dat dat wil zeggen dat we nu ineens achter het partijprogramma staan van Groen. Of het nu Tine, Petra, Almaci, Kristof of Björn wordt: liever toch maar geen Groene ministers in de nieuwe federale regering. En dat weten we dan vrijdagmiddag…

En ja, zelfs als we naar verkiezingen gaan, zal dat weinig aan de huidige situatie veranderen. Zelfs als het Vlaams Belang wat stijgt en de N-VA zich kan stabiliseren, dan nog zullen de andere partijen nog meer dan vandaag verplicht worden om samen te spannen. Paars-groen en/of Vivaldi zal ook ná de volgende verkiezingen opnieuw op tafel liggen.