Hoe Calvo vice-premier werd

Egmontpaleis Brussel, 1 oktober 2020, 3 uur ’s nachts. In een verloren hoekje ligt de gestroopte Vlaming. Vivaldi had hem even daarvoor netjes geschoten en het vel verkocht. Het paleis stroomt leeg met het jongste legertje Belgische excellenties. Blij dat de onderhandelingen eindelijk achter de rug zijn. Alle excellenties? Nee. Verlicht door een kapotte bureaulamp blijft Groen kopstuk Kristof Calvo koppig verder onderhandelen.

“Het is heel erg zeker?”, vraagt moeder Calvo aan de vrolijke kwetterende mevrouw Almaci in het zog van Lachaert. “Och, niet erger dan anders Martine. Maar hij is wel heel enthousiast.” De arme vrouw had thuis nog snel een regenjas over haar nachtjapon getrokken voor ze naar het Egmontpaleis stormde. Even daarvoor werd ze uit bed gebeld door Alexander De Croo: “Mevrouw, uw zoon is een halve gare die ik persoonlijk geen dode goudvis zou toevertrouwen, maar hij is wel Belgisch vice-premier. Wilt u hem alstublieft komen halen, want hij blijft maar ratelen en de conciërge wil opruimen.” Kristof reageert eerst wat korzelig wanneer hij zijn mama ziet verschijnen: “Mamaaa, ik ben aan het onderhandelen. Ik bel wel wanneer je me moet komen halen.” Om één seconde later dolenthousiast te roepen: “Ik ben nu minister, mama! Van heel België!”

Mama: “Ik hoor het hier net, Kristof. We zijn allemaal heel trots. Straks bellen we de hele familie op. Maar nu moeten we wel naar huis. De onderhandelingen zijn gedaan hoor.”

Kristof: “Nee mama, we zijn nog steeds niet geland. De anderen misschien wel, maar ik niet. Ik ga niet langs de zijlijn staan. Ik heb hier nog een paar puntjes die ik wil doorduwen. Zo heb ik hier iets ontdekt dat dringend moet worden rechtgetrokken. Koning Filip moet een loonsverhoging krijgen!”

Mama: “Heeft hij dat dan gevraagd, Tofje?”

Kristof: “Nee, dat zou hij nooit durven. Zo’n lieve man. Die komt alleen voor anderen op. Nooit voor zichzelf. Maar wist je dat koning Filip 6 regeringen en 6 parlementen moet volgen? En nog altijd maar betaald krijgt voor eentje? En hier: de Britse regering, één formateur aangesteld, één regering gekregen. Queen Elizabeth is bijna 70 jaar koningin, maar heeft in heel haar leven maar één procent van het aantal formateurs moeten aanstellen als koning Filip in 7 jaar. Dat kan niet! Loon naar werken.”

Mama: “Groot gelijk jongen, dat gaan we vanavond nog naar die lieve meneer De Croo doorbellen. Maar nu is het tijd voor een dutje.”

Kristof: “Dutje? Ik mag niet meer slapen tot 2024. Meneer De Croo heeft mij hier een dode muis gegeven waar ik voor bevoegd ben, terwijl hij voor mij de kerncentrales ‘zo snel als mogelijk’ gaat sluiten. Dat komt allemaal in orde. Ik moet alleen zorgen dat die dode muis niet wegloopt. En als ik dat kan, krijg ik misschien zijn dode goudvis. Dat heeft hij beloofd. Fuck de zijlijn, mama! Dit is het hart van de politiek. Verbinden, verbinden, verbinden! Weg met polariseerders! Leve Calvo!”

Mama: “Flink hoor jongen. Vertel me in de wagen maar eens alles van je bevoegdheden.”

Kristof: (snel) “Omdat ik de flinkste verbinder ben, heb ik van alle Vlaamse partijen hun belangrijkste bevoegdheid gekregen. Weet je nog van wie die muis is, mama?”

Mama: “Van meneer De Croo. Maar die moet je wel op je kabinet houden hoor. Dat komt ons huis niet binnen.”

Kristof: “Mama, dat is wel mijn werk hé. Als ik niet op die muis let, zitten we na 2025 nog altijd met kernenergie. Maar heel juist, van meneer De Croo van de Open Vld. Dat heb je goed onthouden. Maar dat is niet mijn enige bevoegdheid hoor. Zie eens wat ik van de anderen partijen gekregen heb. (haalt doosje boven waar een walmpje uit opstijgt) Van de CD&V heb ik zelfs een dode mus gekregen. Zie eens! Een echte dode mus! Ik ben zo blij met mijn dode mus mama. Als hij niet wegvliegt, regelen zij alle problemen met de boerenbond zodanig dat ze niet moeilijk doen over onze klimaatplannen. En kijk hier! Weet je wat dat is? Nu ga je schrikken. (trekt een Tupperware doos open)

Mama: “Een dood konijn. Ja maar Tofje. Dat gaat zomaar niet. Ik ga die mooie meneren vanavond bellen en eens goed mijn gedacht zeggen! Ze moeten je echte bevoegdheden geven!”

Kristof: (hysterisch) “Wat?! Een DOOD konijn!! (haalt het levenloos beest uit de doos) Dat was daarnet helemaal niet dood. Ik heb het nog speciaal in deze Tupperware doos gestoken zodat het zeker niet zou weglopen.”

Mama: “Maar Tofje jongen, we hebben dit toch al eens gehad met je hamster. Als je geen gaatjes prikt in de doos…”

Kristof: “Maar toen was ik nog geen vice-premier. Waarom beseft dat stom konijn dat niet? Ooh, de sp.a gaat zo boos zijn. En nu gaat meneer Conner zeker niet voor mij met de vakbonden willen praten!”

Mama: “Kom jongen, we kopen een nieuw konijn voor meneer Conner. En dan ga ik daar op letten. Maar alleen als je de mus en de muis in de garage laat.”

Kristof: (veert recht en gaat mee) “Echt waar mama? Beloofd? Dan benoem ik jou tot mijn kabinetchef en adviseur ‘konijn van meneer Conner’. Ze wilden mij justitie geven, maar daar ben ik niet ingetrapt. Niet met mij! Fuck de zijlijn!”

Mama: “Kom Tofje, voor de konijnenwinkel dicht is.”

Kristof: “Mama, denk je dat we een konijn vinden dat helemaal lijkt op dit konijn?”

Mama: “Zeker weten jongen! Meneer Conner zal het nooit weten! Jij bent er toen toch ook ingelopen?”

Kristof: “Haha, mijn eerste politieke list. Niet met mij hé mama! Niet met mii! Ik verbind ze waar ze bijstaan.”

Mama: “Zo mag ik het horen. Om ons te pakken gaan ze vroeger moeten opstaan, he jongen.”

Kristof: “Mama?”

Mama: “Tofje?”

Kristof: “Jij bent de liefste kabinetschef ter wereld.”