In de Wetstraat gaat het nog altijd in eerste instantie om de postjes. Opvallend genoeg is het enthousiasme bij Vlaamse politici om een Vivaldi-coalitie te leiden beperkt. De premier van dat bonte gezelschap zal vooral brandjes moeten blussen. Daarom gaan de meesten voor een vakdepartement.

Het kan in de laatste rechte lijn nog altijd verkeerd lopen, maar het ziet er wel naar uit dat de Vivaldi-coalitie vanaf begin oktober aan de slag gaat. Een heilloze regering waarvan we in het beste geval kunnen verwachten dat ze het aantal miskleunen tot een minimum beperkt.

Over de mogelijke inhoud van het regeerakkoord was het de vorige week eerder stil. Niet alleen omdat met Open Vld-voorzitter Egbert Lachaert een van de preformateurs in de corona-lappenmand lag. Ook en vooral omdat de discussie over de toekomstige bewoner van de Wetstraat 16 nog niet “getrancheerd” is. Volgens de laatste berichten gaat het nog tussen twee figuren en één joker. PS-kopman Paul Magnette en Open Vld’er Alexander De Croo. En zowaar wordt sp.a’er Johan Vande Lanotte als wisseloplossing vermeld. Tamelijk hallucinant als men weet welke ravage er door hem in de paars-groene en paarse periode tussen 1999 en 2007 is aangericht.

Bouchez moet toch eens buigen

Dat Vande Lanotte over de tongen gaat, heeft te maken met het veto tegen elk van de twee topfavorieten. MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez ziet zijn grote rivaal niet graag in de Wetstraat. Maar de liberale kopman heeft al de ene zege na de andere binnengehaald tijdens de ellenlange onderhandelingen door zijn kuiperijen, achterklap en tactische zetten. Dit kan niet blijven duren, Bouchez moet eens buigen. De Vlaamse partijen zien Magnette wel zitten, ook al wordt het de vierde Franstalige premier op een rij. Ze hopen op die manier inhoudelijke trofeeën binnen te halen.

Vraag is natuurlijk of Paul Magnette de ploegleider kan zijn die elke regering nodig heeft. En hoe zal hij omgaan met de bazooka’s die een Bouchez wellicht dagelijks vanuit het MR-hoofdkwartier op de Wetstraat 16 afschiet? We schreven het hier vorige week al: Vivaldi wordt geen mooie symfonie, maar een kibbelkabinet in het kwadraat.

Beschikt een Alexander De Croo dan wel over dat leiderschap om Vivaldi door woelige wateren te loodsen? Dat is nog de vraag. In zo’n scenario zit Paul Magnette vanuit het PS-hoofdkwartier aan de Keizerslaan goede en slechte punten te geven aan de regering. Het doet denken aan de vorige paarse en paars-groene experimenten met toenmalig PS-voorzitter Elio Di Rupo. Die verklaarde dat hij de regering met een vingerknip kan laten vallen. Een herhaling van zo’n uitspraken zou dodelijk zijn voor de al zwaar geplaagde Open Vld. Alexander De Croo zelf zou ook moeten beseffen dat het premierschap een zware economische prijs heeft: rechts-liberale accenten in Vivaldi zijn dan volledig uitgesloten.

CD&V drijft de prijs op

Daarnaast is ook te horen dat CD&V weinig zin heeft om De Croo de Wetstraat 16 te gunnen. Daarom denken de christendemocraten eerder aan een Vande Lanotte of toch Paul Magnette. Koen Geens zelf ziet het premierschap wel zitten, maar zowel in eigen rangen als bij tegenstanders bestaat er wantrouwen. Zijn achterkamermethodes worden niet geapprecieerd.

Bij de Vlaamse Vivaldi-partijen is te horen dat men liever gewoon minister wordt dan premier. Een vakminister kan beter scoren bij de achterban en de publieke opinie. Niet onbelangrijk voor de traditionele Vlaamse partijen, die in de peilingen rond de 11 procent schommelen. Een sterke minister kan bij de volgende verkiezingen misschien voor een of twee procentpunten extra zorgen.

Iedereen spiegelt zich aan Maggie De Block, die op Asiel en Migratie uitgroeide tot de populairste politica. Theo Francken kon daar op hetzelfde departement ook van profiteren. Bij de CD&V is te horen dat men op deze post aast om de nog beperkte rechterflank aan zich te binden. Alleen is het de vraag hoe men op dat departement kan scoren als regeringspartijen Ecolo/Groen over de schouders meekijken.

Toch hopen de christendemocraten veel belangrijke departementen binnen te halen. De CD&V zit eigenlijk tegen haar zin in de Vivaldi-onderhandelingen en drijft de prijs op. Naar verluidt claimen ze Financiën en Sociale Zaken. Dat zal het dan zijn, want eigenlijk is er voor elke partij maar plaats voor twee ministers. Tenzij men aan de regering een volledig garnizoen van staatssecretarissen koppelt. Maar dat is in deze economische tijden, waar men weldra over besparingen zal moeten spreken, niet evident. Financiën en Sociale Zaken zijn in elk geval interessanter en meer zichtbaar dan bijvoorbeeld Buitenlandse Zaken en Defensie. Zet men daar ministers die men liever kwijt dan rijk is?

Open Vld zou wat graag de minister van Werk leveren. We hebben het opgezocht: het moet van 1921 en een zekere Ernest Mahaim geleden zijn dat de liberalen nog het ministerie van Werk hebben geleid. Gebeurt dit onder Vivaldi, dan hoopt de Open Vld hier een aantal donkerblauwe accenten te leggen.

Alles wat met Milieu en Energie te maken heeft, zal voor Ecolo/Groen zijn. Benieuwd ook wie Binnenlandse Zaken krijgt. In tijden dat de linkerzijde de politie onder druk zet, zou een groene of rode minister op Binnenlandse Zaken een pijnlijk signaal zijn voor de voorstanders van “law and order”.