Voor Armine Alexanyan, vice-minister van Buitenlandse Zaken van Nagorno-Karabach, kan de betekenis van het conflict dat vandaag in Nagorno-Karabach woedt niet onderschat worden. Onze reporter Jakob Kurum verblijft op dit ogenblik in Nagorn-Karabach en had er een gesprek met haar. “De agressie van Azerbeidzjan en Turkije is een directe bedreiging van de Armeense bevolking van de betwiste regio.”

Mevrouw de vice-minister, wat moeten we weten over dit conflict en vooral de recente opflakkering ervan?

Armine Alexanyan: “De bedoeling van deze oorlog is het ontzeggen van het Armeense volk van haar legitieme vrijheid. Azerbeidzjan, bijgestaan door Turkije, wil verhinderen dat wij hier in Nagorno-Karabach zouden blijven wonen, in het gebied waar onze voorvaderen sinds mensenheugenis gewoond hebben. In 1991 koos 99 procent van de bevolking voor de onafhankelijkheid van deze regio. Als reactie hierop is Azerbeidzjan de oorlog begonnen. Uiteindelijk leidde dit enkele jaren later tot een staakt-het-vuren, maar in 2016 werden de wapens opnieuw opgenomen en werd het staakt-het-vuren geschonden. Vandaag, vier jaar later, gebeurt precies hetzelfde. Hun optreden is gericht tegen de burgerbevolking en hierbij wordt gebruik gemaakt van wapens die volgens het internationaal recht verboden zijn. De mensen van onze hoofdstad Stepanakert liggen al een maand dagelijks onder vuur.”

Mogen we dit als een religieus conflict bestempelen?

Armine Alexanyan: “Dit is vooral een strijd van twee dictatoriale staten die het opnemen tegen een jonge democratie die voor vrijheid en mensenrechten opkomt, twee waarden die Turkije noch Azerbeidzjan begrijpen. Voor hen draait het om het veroveren van grond, maar in ons geval om als volk te overleven. Maar het blijft een feit dat Turkije islamitische jihadisten geronseld heeft om hier het vuile werk op te knappen en tegen ons te vechten. Europa kan daar de ogen niet voor sluiten. Wij bevinden ons aan de grenzen van Europa. Hoe kan men aanvaarden dat dergelijke islamitische radicalen hier opereren? Morgen kloppen ze bij jullie aan.”

Is vooral de Turkse betrokkenheid een element dat deze heropflakkering anders maakt?

Armine Alexanyan: “Absoluut, en dat is een gegeven dat in Europa toch wel ernstige vragen zou moeten oproepen. Per slot van rekening heb je hier te maken met een staat die lid is van de NAVO. Tegelijkertijd is Turkije nog altijd kandidaat-lid van de Europese Unie. Men kan zich afvragen of een land dat deze poging tot genocide onderneemt – want dat is wat nu gebeurt – de morele grondslag heeft om tot een organisatie als de EU toe te treden.”

Hoe kijkt u tegen de toekomst aan?

Armine Alexanyan: “Een nederlaag is geen optie, precies omdat deze agressie ons op de meest existentiële manier bedreigt. Men kan zich dat als Europeaan misschien moeilijk voorstellen, maar wij moeten elke dag voor ons overleven vechten. We krijgen steun van onze broeders en zussen over de hele wereld, en dat is ook nodig. Want met een bevolking van amper 150.000 zijn we sterk geminoriseerd in vergelijking met de miljoenen die tegenover ons staan. Maar ik ben ervan overtuigd dat de eenheid van ons volk ons hierdoor zal krijgen.”

Jakob Kürüm