Interviews met jihadbruiden zijn walgelijk. De onwerkelijkheid waarin ze leven, eisen dat hun kinderen veilig in Nederland kunnen opgroeien terwijl ze zelf hebben bijgedragen aan de meest gruwelijke mishandelingen en moorden, is bevreemdend. Met droge ogen, zonder greintje fatsoen verwachten ze hier weer een ‘normaal’ leven op te kunnen pakken.

Toch zijn het niet de bruiden zelf die zo’n interview walgelijk maken. De wetenschap dat wij in het Westen hun verhalen niet kunnen verifiëren, dat zij zich zo zielig zullen profileren dat we erin trappen én dat je weet dat hun kinderen in vrijheid zullen opgroeien, maakt elke zin die uit hun mond komt ‘zum kotzen’. Ons eigen falen, recht in ons gezicht. We weten dat wij het gaan verliezen. Hun eis om begrip en menselijkheid, terwijl wij die mensen, niet alleen de jihadstrijders zelf maar ook hun bruiden, het meest gruwelijke leven toewensen met een dood die erop volgt zoals zij hun gevangenen hebben aangedaan. Maar dit mag je niet hardop uitspreken, dat is onfatsoenlijk. Je mag het zelfs niet denken. We weten dat zij hun zin gaan krijgen. Op lange termijn lopen ze vrij rond in Nederland dan wel in de rest van Europa, gaan hun kinderen naar school naast die van ons, en heeft het gezwel dat extremistische gewelddadige moordzuchtige islam heet zich nog steviger in de samenleving genesteld in plaats van dat het eruit is gesneden.

Podium

Deze vrouwen mogen hun verhaal doen in de media, de jongens en meisje presentatoren staan te springen om deze avontuurlijke vrouwen een podium te geven. Ze hangen aan hun lippen om het verhaal te horen van de meisjes die eerst de vrijheid genoten om met elke man die ze tegenkwamen naar bed te gaan – en dit ook deden – om zich daarna tot de islam te bekeren. De omslag van het vrije leven hier naar de gevangenis daar, verdedigen sommigen nog steeds. Ze zien er geen kwaad in. De media presteren het om ons te doen geloven dat deze meisjes, vrouwen, geen daders, maar slachtoffers zijn. De werkelijkheid is dat in geen enkele samenleving mannen kunnen functioneren zonder vrouwen. Deze vrouwen, de jihadbruiden, waren de ruggengraat waar de jihadisten op steunden. Zonder de support thuis, was het nooit gelukt. En wat te denken van alle slavenvrouwen die met medeweten en medewerking van de jihadbruiden verhandeld werden? De ontmenselijking waaraan ook deze vrouwen hebben meegewerkt, de kwaadaardigheid waarmee zij andere vrouwen hebben mishandeld, maakt deze vrouwen niet tot slachtoffer, maar tot dader.

Waar zijn de slachtoffers?

De vraag die al die presentatoren met hun inlevingsvermogen vergeten te stellen is: waar zijn de slachtoffers? Waarom wordt hun verhaal niet op tv en radio uitgezonden? Waarom wordt de slachtoffers niet net zoveel zendtijd gegund als de misdadigers? Omdat het antwoord pijnlijk is: de kijker wil niet geconfronteerd worden met vrouwen die vertellen hoe ze mishandeld en misbruikt zijn, hoe hun dochters, moeders, zonen, broers, vaders en echtgenoten vermoord zijn. Verkracht zijn. Verkocht zijn. Of hoe de overlevers voor het leven getekend zijn. Het is te moeilijk, we moeten het er maar niet over hebben. We moeten het maar vergeten. Het lijkt haast alsof mediamensen zich erbij neer hebben gelegd dat die misdadigers ‘nou eenmaal’ terugkomen en dat we een collectief narratief nodig hebben om dat te accepteren. Het lijkt wel alsof de presentatoren liever naast de jihadbruid willen wonen dan naast het oorlogsslachtoffer.

Tweede Wereldoorlog

Prima dat die mensen terugkomen – als het niet anders kan. Het zijn onze misdadigers, niet die van de Syriërs, Koerden of Turken. Maar moeten we die mensen pamperen? Moeten we ze braaf alle rechten teruggeven die ze hier, in onze westerse samenleving hadden? Waarom is het niet mogelijk om een uitzondering voor oorlogsmisdadigers te maken? Hebben we echt niets geleerd van de Tweede Wereldoorlog? Hebben we niets geleerd van het schofferen van de overlevende Joden? Die niet terug konden naar hun huizen omdat ze waren ingepikt door de buren? Die maar niet over de oorlog moesten praten, want dat was voor niemand leuk? Hebben we niets geleerd over hun psychologische problemen die generaties lang doorwerken?

De oorlog in Syrië is niet onze oorlog, maar de gevolgen zijn dat wel. Het wordt tijd om de jihadbruiden niet te zien als knappe meisjes die een vervelende jeugd hebben gehad. Jihadbruiden zijn jihadisten. Oorlogsmisdadigers. Wie wil daar nu naast wonen?