Vrijdag werden de resultaten gepubliceerd van een nieuwe peiling, uitgevoerd door Ipsos in opdracht van Het Laatste Nieuws, VTM, Le Soir en RTL TVi. Deze peiling bevatte voor elke partij een beetje slecht nieuws, maar het allerslechtste nieuws was ongetwijfeld voor de N-VA.

De partij van Bart de Wever doet het al een tijdje slecht in de peilingen. In de eerste drie peilingen van dit jaar was de partij al gezakt tot vlak boven de twintig procent, maar de laatste twee peilingen gaven haar weer hoop op verbetering. We denken dat deze peiling bij de N-VA aangekomen is als een koude douche, want voor het eerst sinds lang zakt de partij onder de psychologische drempel van de 20 procent. We geven het toe, statistisch gezien zit de partij met 19,9 procent eigenlijk óp die drempel, maar tegelijk moeten we terug naar de peiling van La Libre Belgique en RTL TVi van maart 2010 –tien jaar geleden dus– voor een slechter resultaat. Een magere troost: het resultaat van 17,8 procent dat de partij in die peiling neerzette werd drie maanden later gelogenstraft met een verkiezingsuitslag van 28,2 procent in de federale verkiezingen.

Dit slechte resultaat is een schot voor de boeg van Bart de Wever, net voor de zoveelste keer herverkozen als partijvoorzitter. En het zit al maanden niet helemaal lekker bij de N-VA, met een federale regering die vrij spel krijgt in de media en een veel te zwakke Vlaamse regering die het verschil niet kan maken.

Nipte winst voor CD&V en Open Vld

Net als Vlaams Belang-voorzitter Tom van Grieken denken we dat het de zichtbaarheid van die federale regering is, en haar staat van genade in de media, die zorgt voor een kleine relatieve winst voor centrumpartijen CD&V en Open Vld. In oktober zaten beide partijen nog onder de 11 procent, deze keer zitten ze allebei net boven de 12 procent. Maar vergeleken met de laatste verkiezingen kijken beide partijen nog steeds tegen een verlies aan: een dikke procent voor Open Vld, en bijna 3 procent voor CD&V.

Opvallend: CD&V-voorzitter Joachim Coens schijnt met die 3 procent verlies nog redelijk tevreden te zijn. Coens zegt in Het Laatste Nieuws: “We zijn blij dat hard werken en geen ruzie maken misschien toch loont.” Is het op die manier dat hij denkt van zijn partij (“misschien”) weer een volkspartij te maken, met minder dan 1 kiezer op 7 achter zich?

Het Conner-effect: 3 procent

De socialisten komen deze keer op 13,6 procent uit, nagenoeg hetzelfde resultaat als in de peiling van oktober. Daarmee kunnen we vaststellen dat het Conner-effect iets meer dan 3 procent bedraagt, gemeten aan de winst sinds de laatste verkiezingen of de voorzittersverkiezing van Conner Rousseau. We nemen dan wel aan dat er van een Frank-effect voorlopig nog geen sprake is, ook al staat de minister van Volksgezondheid op de tweede plaats in de persoonlijke populariteitspoll.

Bij die populariteitspoll hebben we trouwens zo onze bedenkingen. De peilers vroegen aan de mensen wie ze graag een belangrijke rol zien spelen. Maar willen dat een politicus de komende maanden een belangrijke rol speelt, is nog niet hetzelfde als overwegen om voor hem te stemmen. In volle coronacrisis is het trouwens logisch dat nogal wat Vlamingen willen dat de minister van Volksgezondheid de komende maanden een belangrijke rol speelt – het zou er eigenlijk nog maar aan ontbreken. Vraag is hoeveel schokeffecten Frank Vandenbroucke zich nog kan veroorloven voor de mensen hem vooral weg willen…

Groen en PVDA: vechten tegen kiesdrempel

Vergeleken met de vorige peiling gaan zowel Groen als PVDA een halve procent vooruit. Voor de PVDA is dat een kleine opsteker, want het blijft voor die partij vechten tegen de kiesdrempel. Maar zoals we ook vorige keer opmerkten: een doorbraak kunnen we dit niet noemen. De partij valt trouwens amper op te merken in de media of het parlement.

Voor Groen blijft de toestand dramatisch. Exact twee jaar geleden peilde de partij rond de 16 procent, en had ze ambities om uit te groeien tot één van de grote partijen in Vlaanderen. Vandaag is het bang afwachten of de partij in 2024 voorbijgestoken zal worden door de PVDA, of misschien zelfs de kiesdrempel niet zal halen. We denken niet dat het er veel op zal verbeteren als minister van Energie Tinne Van der Straeten straks zowel de kerncentrales als het licht zal uitdoen.

Vlaams Belang stabiel

Het Vlaams Belang ten slotte blijft stabiel op een hoog niveau, met iets meer dan een kwart van de kiesintenties. Vergeleken met de peiling van oktober gaat de partij een klein procentje achteruit, maar tegenover de laatste verkiezingen is dat nog altijd een stevige winst van bijna 8 procent. De partij blijft daarmee afgetekend de grootste partij in Vlaanderen, ook al heeft ze zowat alle gevestigde media tegen zich.

Het blijft wel opmerkelijk hoe verwonderlijk de pers het telkens weer vindt dat zowel N-VA als Vlaams Belang in dezelfde peiling achteruit kunnen gaan tegenover de vorige peiling. De mythe van de communicerende vaten blijft onze Wetstraat-watchers teisteren, terwijl wij ons niet kunnen herinneren dat Vlaams Blok/Vlaams Belang en Volksunie/N-VA tien, twintig of dertig jaar geleden samen ook al meer dan 45 procent van de Vlamingen konden bekoren. We merken wel dat de linkse partijen, sp.a, Groen en PVDA, ook deze keer samen net geen dertig procent halen, zoals al decennia het geval is.

Geen V-meerderheid, geen Vivaldi-meerderheid

‘Regeringspartijen gaan niet verder achteruit’, lazen we als ondertitel in Het Laatste Nieuws. Het is een magere troost voor het regime. Volgens deze peiling heeft een Vivaldi-regering in het Vlaams Parlement geen schijn van kans om een meerderheid te halen. Wat onze lezers misschien meer interesseert, is dat de kans op een V-meerderheid in datzelfde parlement aanzienlijk geslonken is vergeleken met de vorige peiling. ‘Zweeds’ is dan weer voltooid verleden tijd, en Open Vld inwisselen met sp.a helpt niet. Tenzij de Vivaldi-partijen steun gaan zoeken bij de PVDA, kunnen ze alvast in het Vlaams Parlement nog steeds niet om N-VA heen.

Federaal blijven Vlaams Belang en N-VA volgens deze peiling de grootste partijen in de Kamer. Samen bezetten ze er bijna een derde van de zetels, en zouden ze er veruit de grootste familie zijn. Ter vergelijking: de socialistische familie van PS en sp.a raakt amper aan een vijfde van de zetels, en zou slechts nipt groter zijn dan Vlaams Belang alleen. De huidige regering van Alexander De Croo kan haar meerderheid behouden, maar de kans is klein dat ze na een nieuwe verkiezing als paars-groen verder zou kunnen doen, zonder CD&V.